Gehoorbeentje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De gehoorbeentjes[1] of ossicula auditus[2] zijn drie minuscule botjes die in het middenoor zitten. Het zijn de kleinste botjes in het menselijk lichaam.

De gehoorbeentjes vormen een mechanische verbinding tussen het trommelvlies en het ovale venster.

Door deze mechanische koppeling brengen de gehoorbeentjes de trillingen die optreden in het trommelvlies en die daar ontstaan als geluid het oor binnentreedt, over op het ovale venster. Het ovale venster brengt de trillingen weer over op de vloeistof in het slakkenhuis. Door de onderlinge hefbomen van de beentjes worden de trillingen van het trommelvlies enigszins in amplitude versterkt. Een ander effect dat voor de versterking zorgt is dat het trommelvlies groter is dan het ovaal venster. Maar de belangrijkste functie van de gehoorbeentjes is de impedantieaanpassing die nodig is om trillingen in lucht over te brengen in trillingen in vloeistof. Dit effect is veel groter dan die van de hefboomwerking.

De drie beentjes (die wel wat lijken op de voorwerpen die dezelfde naam dragen) heten:

  • hamer (malleus),
  • aambeeld (incus) en
  • stijgbeugel (stapes).

Een makkelijke manier om deze volgorde te onthouden, is het woord HAAS (Hamer, AAmbeeld, Stijgbeugel)

De aanwezigheid van de gehoorbeentjes in het middenoor is een kenmerk van zoogdieren; ze komen niet voor bij andere diergroepen.

Hamer[bewerken]

Hamer (Malleus)

De hamer (Latijn: malleus) is een klein botje dat het trommelvlies met het aambeeld verbindt. Het botje heeft ongeveer de vorm van een hamer. De hamer staat via het incudomalleaire gewricht in verbinding met het aambeeld.

De hamer van een mens weegt ca. 23 mg.


Aambeeld[bewerken]

Aambeeld (incus)

Het aambeeld (Latijn: incus) verbindt de hamer met de stijgbeugel via het incudostapediale gewricht.
Net als de andere gehoorbeentjes komt het aambeeld alleen voor bij zoogdieren. Het is een evolutie van het bij reptielen voorkomende kaakbot, het quadratum.

Het aambeeld van een mens weegt ca. 27 mg.


Stijgbeugel[bewerken]

Stijgbeugel (stapes)

Vanwege de vormgelijkenis met de stijgbeugel (voetsteun) als onderdeel van een paardentuig wordt het laatste van drie gehoorbeentjes in het oor van zoogdieren stijgbeugel (Latijn: stapes) genoemd. De stijgbeugel is het kleinste en lichtste onderdeel van het menselijk skelet. Het dient evenals de andere twee gehoorbeentjes voor versterking en geleiding van de mechanische trillingen van het trommelvlies naar het slakkenhuis. Daar worden de mechanische trillingen omgezet in een elektrisch signaal en middels de gehoorzenuw naar de hersenen gestuurd.

Bij middenooraandoeningen kan de stijgbeugel zodanig beschadigd raken dat deze vervangen moet worden. De stijgbeugel kan in zijn geheel vervangen worden (stapedectomie) of de voetplaat (basis) op het ovale venster kan gespaard blijven (stapedotomie). In beide gevallen wordt er een staafvormige prothese ingebracht op de plaats van de stijgbeugel.

Aan de stijgbeugel zit een spiertje (musculus stapedius), dat te grote uitslagen voorkomt. Een ander spiertje (musculus tensor tympani) zit aan het trommelvlies. Beide spiertjes geven bescherming tegen te grote uitslagen van het trommelvlies, mochten er te harde geluiden in het middenoor terechtkomen. Door te hard geluid kunnen deze spiertjes beschadigen.

Een stijgbeugel naast een munt van 10 eurocent

De stijgbeugel is het kleinste botje van de drie botjes. Bij een mens weegt het ca. 2,5 mg.

Zie ook[bewerken]

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Kloosterhuis, G. (1965). Praktisch verklarend zakwoordenboek der geneeskunde (9de druk). Den Haag: Van Goor Zonen.
  2. His (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag von Veit & Comp.