George Peppard
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
George Peppard Jr. (Detroit, Michigan, 1 oktober 1928 – Los Angeles Californië, 8 mei 1994) was een Amerikaanse film- en televisieacteur, filmregisseur en producent. Hij is waarschijnlijk het bekendst vanwege zijn rol van Hannibal in de televisieserie The A-Team, hoewel hij ook een aanzienlijke filmcarrière achter de rug heeft. Zo speelde hij hoofdrollen in onder meer Breakfast at Tiffany's, The Blue Max, The Carpetbaggers en How the West Was Won. Voor zijn acteercarrière begon, was hij korte tijd nieuwslezer voor een lokaal radiostation in Pittsburgh. Hij was de zoon van George Peppard (aannemer) en Vernelle Rohrer (operazangeres).
[bewerk] CarrièreGeorge Peppard beschikte over acteertalent en werd gecast in actierollen. Na enige radio- en televisie-ervaring (met gastrollen in o.a. The United States Steel Hour, Alfred Hitchcock Presents en The Alcoa Hour), maakte Peppard in 1957 een speelfilmdebuut in het drama The Strange One. Op Broadway debuteerde Peppard op 19 november 1956, in het stuk Girls of Summer. Peppard speelde tot 5 januari 1957 de rol van Mickey Argent. Tussen 22 oktober 1958 en 21 november 1959 speelde hij Roger Henderson in het stuk The Pleasure of His Company. Eind jaren '50 bleef Peppard gastoptredens maken in toentertijd bekende tv-shows en -series. Voorbeelden hiervan zijn Studio One, Hallmark Hall of Fame en Matinee Theatre. Ook had hij in 1959 een rol in de oorlogsfilm Pork Chop Hill, met Gregory Peck in de hoofdrol. Peppard begon op te vallen na zijn rol als de buitenechtelijke zoon van Robert Mitchum in de film Home from the Hill uit 1960. Peppard begon zich meer en meer te manifesteren als de leading man. Zijn rol als Leo Percipied in de beatnikfilm The Subterraneans is een voorbeeld. Ook had men voor Peppard de rol van Vin in gedachten, in The Magnificent Seven, maar uiteindelijk ging de rol naar Steve McQueen. Een bekende rol was die van schrijver Paul 'Fred' Varjak in de romantische komedie Breakfast at Tiffany's. Hierin was Peppard te zien naast Audrey Hepburn. Door de studio's werd Peppard gezien als een veelbelovende jonge ster, en hij werd dan ook gecast in enkele grote blockbusters. Voorbeelden hiervan zijn How the West Was Won uit 1962 en The Victors uit 1963. In The Carpetbaggers uit 1964 had hij weer een hoofdrol. Ook zijn toekomstige tweede vrouw Helen Davies had een rol in deze film. Peppard speelde midden jaren '60 in grote producties als Operation Crossbow (1965) en The Third Day (1965). Hij bereikte de piek van zijn populariteit in de grimmige oorlogsfilm The Blue Max uit 1966. Hierin speelde Peppard een obsessief competitieve Duitse piloot tijdens de Eerste Wereldoorlog. In de tweede helft van de jaren '60 en begin jaren '70 leek Peppard de lat wat lager te leggen en verscheen hij in films van een meer gemiddeld niveau, de oorlogsfilm Tobruk (samen met Rock Hudson) uit 1967 uitgezonderd. Verder verscheen hij in westerns als Rough Night in Jericho (1967) en One More Train To Rob (1971). In 1970 speelde hij samen met Joan Collins in de thriller The Executioner. Vanaf 1972 speelde Peppard ook in tv-producties. Tussen 1972 en 1974 was hij te zien in de zestien afleveringen tellende tv-serie Banacek. Peppard speelde een stugge detective van Poolse afkomst. De serie zorgde ervoor dat de afnemende populariteit van Peppard weer even toenam. De filmrollen die Peppard aannam, werden echter in toenemende mate oninteressanter. Hij speelde vrijwel uitsluitend nog in tv-films. In 1975-1976 speelde hij nog wel mee in de tv-serie Doctor's Hospital, maar die serie hield er na negen afleveringen mee op. In 1977 verscheen Peppard in de SF-film Damnation Alley. In 1978 schreef, regisseerde en produceerde hij de film Five Days from Home, die begin 1979 uitkwam. Peppard speelde hier ook de hoofdrol in. De film over een vader die uit de gevangenis ontsnapt om zijn zieke zoon te bezoeken werd geen groot succes. Peppard moest verhuizen naar een kleinere woning en genoegen nemen met minder. Hij stortte zich weer op goedkope tv-films als Torn Between Two Lovers (1979) en Crisis in Mid-Air (1979). Ook speelfilms als Contro 4 Bandiere (1979) en Battle Beyond the Stars uit 1980 werden geen successen. Zijn optreden in de door Alan Ludden gepresenteerde gameshow Password Pluss in 1979 is een befaamde. Peppard, één van de deelnemers, begon een aanval tegen de National Broadcasting Company (NBC). Hij vond het vervelend dat men voor een gastoptreden een bepaald formulier, met allerlei regels en eisen, moest ondertekenen. Hij kreeg een gemengde reactie uit het publiek, terwijl de anders ludieke host Ludden zichtbaar geërgerd was. Begin jaren '80 speelde hij bijrollen in speelfilms. Ook kreeg hij de rol van Blake Carrington in Dynasty, maar werd na een week filmen ontslagen vanwege creatieve verschillen met de producers. Hij wist de rol van Hannibal Smith te bemachtigen in The A-Team, hoewel hij niet de eerste keuze was. Zo was onder meer James Coburn een van de gegadigden. Peppard had een slechte reputatie en daarom wilde de studio hem aanvankelijk niet. Tussen 1982 en 1986 (uitgezonden tussen 1983 en 1986, met één te laat uitgezonden aflevering in maart 1987) werden van The A-Team 98 afleveringen gemaakt en Peppard zat er weer warmpjes bij. Hij had de rol ook echt nodig, want over de periode voordat hij de rol kreeg, zei hij in een interview: I was cold, cold as you can get. Toch was na afloop van de serie wel blij dat het afgelopen was. Hij vergeleek het succes van de serie met een op hol geslagen goederentrein die niet meer uit zichzelf kon stoppen. Er ontstonden echter wel conflicten op de set. Peppard heeft er toe bijgedragen dat Melinda Culea (Amy Allen) uit de show werd geschreven. Peppard vond dat de serie geen vrouwelijke hoofdrolspelers gebruiken kon. Culea wilde echter meer te doen hebben in de show, zoals wapens afvuren en actief deelnemen in gevechtsscènes. Later verscheen Marla Heasley in rol van Tawnia Baker, maar ook deze rol was geen lang leven beschoren. Ook met Mr. T waren er conflicten. Tijdens het filmen van de dubbelaflevering Judgement Day liep Mr. T kwaad weg van de set, om even later met een eisenlijst op de proppen te komen. Mr. T dreigde ontslagen te worden, en keerde terug op de set. Hij en Peppard spraken elkaar 16 weken niet en boodschappen werden doorgegeven via bijvoorbeeld Dirk Benedict of Dwight Schultz. Uiteindelijk werd alles tijdens het filmen van seizoen 5, mede dankzij Robert Vaughn, weer bijgelegd. Toch wilde zowel Mr. T als Peppard op het laatst niet meer werken na vijf uur 's-middags. Daarom zijn in latere afleveringen veel meer scènes met Benedict en Schultz te zien. Na zijn A-Team-tijd speelde hij nog in enkele films en tv-films. Noemenswaardig zijn de twee films uit de Man Against the Mob-reeks en de oorlogsfilm Night of the Fox. Op 3 maart 1994 werd Peppard's laatste tv-optreden uitgezonden: een gastrol in de tv-serie Matlock. De betreffende aflevering was echter bedoeld als pilot voor een nieuwe serie. Door zijn dood kwam dit nooit van de grond. In januari en februari van 1992 speelde hij in het stuk The Lion in Winter. Ook onderging Peppard in februari 1992 een biopsie voor een kleine, kwaadaardige longtumor. Op 4 mei 1992 werd de tumor verwijderd. Op 8 mei 1994 overleed hij in het UCLA Medical Center in Los Angeles aan de gevolgen van een longontsteking. Op 5 mei was hij opgenomen met ademhalingsproblemen. Hij werd 65 jaar oud. Peppard was onder behandeling voor longkanker. Door complicaties hierbij is de longontsteking ontstaan, waar hij uiteindelijk aan overleed. Zijn vijfde vrouw Laura, een bankier uit West Palm Beach, verzorgde hem de laatste 18 maanden van zijn leven. [bewerk] Prijzen en awards
[bewerk] PersoonlijkOok stopte Peppard in 1992 met roken, nadat hij in 1978 al gestopt was met het drinken van alcohol. Peppard was een alcoholist; hij begon zwaar te drinken na het overlijden van zijn vader in 1951. Hij is vijf keer getrouwd geweest en er deden geruchten de ronde dat hij in dronken buien zijn vrouw geslagen zou hebben. Op 30 januari 1954 trouwde hij voor het eerst, met Helen Davies. Dat huwelijk hield stand tot 1964. Het stel kreeg twee kinderen, Bradford (1955) en Julie (1956). Met actrice Elizabeth Ashley was Peppard tussen 17 april 1966 en 1972 getrouwd. Met Ashley kreeg Peppard nog een kind: Christian (1968, later een gerespecteerd auteur). Tussen 30 januari 1975 en 1979 was Peppard getrouwd met actrice Sherry Boucher, die ook een rol had in Peppards productie Five Days from Home. Van 8 december 1984 tot 1986 was Peppard getrouwd met actrice Alexis Adams. Vanaf 10 september 1992 tot aan zijn dood was Peppard getrouwd met bankier Laura Taylor. De laatste jaren van zijn leven heeft Peppard veel gedaan voor alcoholisten en daklozen. Ook speelde hij in diverse theaterstukken. Een van zijn grote hobby's was jagen. Hij ligt begraven in een familiegraf op de Northview Cemetery te Dearborn, Michigan. Behalve zijn vrouw en kinderen liet hij ook drie kleinkinderen achter. [bewerk] Filmografie
[bewerk] Andere tv-optredens (als zichzelf)
[bewerk] Archiefbeelden
[bewerk] Externe link
|
|||||||||||||||||

