Gewone weidechampignon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Gewone weidechampignon
Agaricus campestris garden 050830B.JPG
Taxonomische indeling
Rijk: Fungi (schimmels)
Stam: Basidiomycota
Klasse: Agaricomycetes
Onderklasse: Agaricomycetidae
Orde: Agaricales
Familie: Agaricaceae
Geslacht: Agaricus
Soort
Agaricus campestris
L. (1753)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De gewone weidechampignon (Agaricus campestris) is een paddenstoel die behoort tot de familie Agaricaceae. Het is een vrij algemene, goed eetbare soort, die echter makkelijk te verwarren is met de giftige karbolchampignon (Agaricus xanthoderma). Oppervlakkig gezien lijken champignons op de dodelijke kleverige knolamaniet en de vroege knolamaniet. Amanieten onderscheiden zich van champignons door hun witte lamellen. Bij champignons zijn deze roze tot bruin.

Kenmerken[bewerken]

Hoed[bewerken]

De hoed heeft een doorsnede van 4,5-8 centimeter en is half bolvormig tot gewelfd. De hoed is wit en licht geschubd in het centrum.

Steel[bewerken]

De steel is 4-6 centimeter hoog en 1-1,5 centimeter dik. Deze is kort, stevig en onderaan toelopend.

Manchet[bewerken]

Het manchet is bij deze soort weinig ontwikkeld, in tegenstelling tot bij de gewone anijschampignon (Agaricus arvensis). Vaak is er slechts een smal randje zichtbaar.

Lamellen en sporen[bewerken]

De lamellen zijn vrijstaand. Eerst zijn ze roze, later purperbruin. De sporen zijn purperbruin.

Agaricus.campestris2.-.lindsey.jpg

Vlees[bewerken]

Het vlees is wit, soms wat roodachtig als in de steel gesneden wordt.

Agaricus spec. Lindsey 3.jpg

Habitat[bewerken]

De weidechampignon is te vinden op grazige plekken, in weilanden. Ze vormen vaak heksenkringen.

Externe link[bewerken]