Help:Veelvoorkomende spelfouten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Overzicht hulppagina's
Wikipedia Hulppagina's

Zie ook Regels en richtlijnen
Zie ook Artikelen bewerken

Hier staat een lijst van veelvoorkomende spel- en typefouten, met hun meest waarschijnlijke verbeteringen.

Mocht je een bepaald woord uit deze lijst willen halen (bijvoorbeeld omdat het woord wel voorkomt, maar terecht en niet als spelfout), zet dan graag een ":" (resultaat: insprong) voor de "*" (resultaat: vierkantje), zodat ze in het rekenblad niet meer alfabetisch worden meegenomen, maar na overleg onder moderatoren zo nodig makkelijk teruggezet kunnen worden. Plaats geen titels of opmaak in de spellinglijst. Verklaring: het is zeer eenvoudig om alle woorden mooi op alfabetische volgorde te krijgen via een rekenblad maar dan mogen er geen andere zaken tussen zitten.

Een sorteermachine-vriendelijke lijst staat op /machines, pas deze a.u.b. ook aan als je iets aan onderstaande lijst toevoegt.

Praktische info

Hieronder staat de foute (of minder geprefereerde) vorm links, de correcte(re) vorm rechts (tussen haakjes). Hier en daar vind je een ↔ (zie lijst Speciale tekens onderaan) tussen twee juiste taalvormen: aaneen- of vaneen geschreven. Bij afspraak staat de aaneengeschreven vorm eerst. Daarna volgt parallel de betekenis tussen (= ). Zie bijv. "tenminste". Legenda van 3 hieronder gebruikte taalkundige afkortingen: zn., zelfstandig naamwoord; bn., bijvoeglijk naamwoord; bijw., bijwoord(elijk).

  A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z  


[bewerken] A

  • A4-tje (A4'tje)
  • aanbeeld (blijkbaar correct, maar bij Wikipedia gebruiken we het courantere 'aambeeld')
  • aangeduidt (aangeduid)
  • aanvoerdersschap (aanvoerderschap)
  • aartbisschop (aartsbisschop)
  • abacadabra (abracadabra)
  • abboneert (abonneert)
  • abbonnee (abonnee)
  • abbonnees (abonnees)
  • abbonnement (abonnement)
  • abbonneren (abonneren)
  • aberatie (aberratie)
  • aberaties (aberraties)
  • abotoir (abattoir)
  • abotoirs (abattoirs)
  • abrubt (abrupt)
  • absorbtie (absorptie)
  • acabadabra (abracadabra)
  • accelleratie (acceleratie)
  • accellereerde (accelereerde)
  • accellereert (accelereert)
  • accellereren (accelereren)
  • accomodatie (accommodatie)
  • accomodeerde (accommodeerde)
  • accomodeert (accommodeert)
  • accomoderen (accommoderen)
  • accoord (akkoord)
  • acepteren (accepteren)
  • achtien (achttien)
  • acolade (accolade)
  • acolades (accolades)
  • acoustisch (akoestisch)
  • acoustische (akoestische)
  • acuraat (accuraat)
  • accuut (acuut)
  • actie's (acties)
  • adekwaat (adequaat)
  • adelijk (adellijk)
  • adelijke (adellijke)
  • adelijken (adellijken)
  • adfundum (ad fundum)
  • adhoc (ad hoc)
  • adviseursschap (adviseurschap)
  • adjunkt (adjunct)
  • adrem (ad rem)
  • afront (affront)
  • afronteerde (affronteerde)
  • afronteerden (affronteerden)
  • afronteert (affronteert)
  • afronteren (affronteren)
  • afspeeld (afspeelt)
  • aftans (aftands)
  • aggressie (agressie)
  • aggressief (agressief)
  • aggressieve (agressieve)
  • aggressiever (agressiever)
  • aggressievere (agressievere)
  • aggressiviteit (agressiviteit)
  • agregaat (aggregaat)
  • akkevietje (akkefietje) (enkel Nederlands, gebruik liever het algemenere incident of onenigheid)
  • akkordeerde (accordeerde)
  • akkordeert (accordeert)
  • akkorderen (accorderen)
  • akoesties (akoestisch)
  • akoord (akkoord)
  • akordeerde (accordeerde)
  • akordeert (accordeert)
  • akorderen (accorderen)
  • aktie (actie)
  • aktief (actief)
  • akties (acties)
  • aktieve (actieve)
  • aktiviteit (activiteit)
  • aktiviteiten (activiteiten)
  • akwisitie (acquisitie)
  • algorithme (algoritme)
  • algorithmen (algoritmen)
  • algorithmes (algoritmes)
  • algorithmiek (algoritmiek)
  • algorithmisch (algoritmisch)
  • allerlij (allerlei)
  • allesinds (alleszins)
  • allessinds (alleszins)
  • alluminimum (aluminium)
  • alluminium (aluminium)
  • alsvolgt (als volgt)
  • als (dan) - na comparatief, bijvoorbeeld: groter dan
  • alumiminum (aluminium)
  • ambassadeursschap (ambassadeurschap)
  • Amerikaans Samoa (Amerikaans-Samoa)
  • amfibiën (amfibieën)
  • amoniak (ammoniak)
  • amuniensus (amanuensis)
  • analyst (analist)
  • anderzins (anderszins)
  • anecdote (anekdote)
  • Antarcita (Antarctica)
  • Antartica (Antarctica)
  • antarkties (antarctisch)
  • anthrax (antrax; in Engelse teksten en wanneer naar de metalband Anthrax gerefereerd wordt echter wel met een 'h')
  • antidateren (antedateren)
  • anti-held (antiheld)
  • antikwaar (antiquaar)
  • apartement (appartement)
  • apartementen (appartementen)
  • apenzuur (apezuur)
  • aperatief (aperitief)
  • apéritief (aperitief)
  • aplaudiseerde (applaudisseerde)
  • aplaudiseerden (applaudisseerden)
  • aplaudiseert (applaudisseert)
  • aplaudiseren (applaudisseren)
  • aplaudisseerde (applaudisseerde)
  • aplaudisseerden (applaudisseerden)
  • aplaudisseert (applaudisseert)
  • aplaudisseren (applaudisseren)
  • aplaus (applaus)
  • aplausiseren (applaudisseren)
  • apocrieve (apocriefe)
  • appeleer (appelleer)
  • appeleert (appelleert)
  • appeleerde (appelleerde)
  • appeleren (appelleren)
  • appelkompote (appelcompote)
  • applaudiseerde (applaudisseerde)
  • applaudiseerden (applaudisseerden)
  • applaudiseert (applaudisseert)
  • applaudiseren (applaudisseren)
  • arondisement (arrondissement)
  • arondisementen (arrondissementen)
  • arondissement (arrondissement)
  • arondissementen (arrondissementen)
  • arrondisement (arrondissement)
  • arrondisementen (arrondissementen)
  • art-direktor (artdirector)
  • artiekel (artikel)
  • artikels (artikelen)
  • artificiele (artificiële)
  • artist (artiest)
  • artisten (artiesten)
  • arthritis (artritis)
  • arthrose (artrose)
  • asperine (aspirine)
  • associeren (associëren)
  • asteroide (asteroïde)
  • atheisme (atheïsme)
  • atheist (atheïst)
  • athletiek (atletiek)
  • aubainmarie (au bain-marie)
  • audientie (audiëntie)
  • Australie (Australië)
  • auteursschap (auteurschap)
  • authorisatie (autorisatie)
  • authoriteit (autoriteit)
  • Azerbeidjan (Azerbeidzjan)

[bewerken] B

  • babies (baby's)
  • babietje (baby'tje)
  • bacterieën (bacteriën)
  • bacterien (bacteriën)
  • bagetelliseren (bagatelliseren)
  • Baghwan (Bhagwan)
  • Bahamas (Bahama's)
  • Bahrain (Bahrein)
  • ballingsschap (ballingschap)
  • barbekju (barbecue)
  • barbeque (barbecue)
    • barbecuen (barbecueën)
  • barjaire (barrière)
  • Basel (Bazel)
  • baterij (batterij)
  • batiken (batikken)
  • beconcureer (beconcurreer)
    • beconcureerd (beconcurreerd; voltooid deelwoord)
    • beconcureerde (beconcurreerde)
    • beconcureerden (beconcurreerden)
    • beconcureert (beconcurreert)
    • beconcureren (beconcurreren)
  • bedriegelijk (bedrieglijk)
    • bedriegelijke (bedrieglijke)
  • bedrigelijk (bedrieglijk)
    • bedrigelijke (bedrieglijke)
  • beeldtenis (beeltenis)
  • begravenis (begrafenis)
  • begroeing (begroeiing)
  • behartenswaardig (behartigenswaardig)
    • behartenswaardige (behartigenswaardige)
  • beiden (beide; -n alleen bij mensen)
  • belangrijkheid (belang)
  • Belgie (België)
  • bemoeiienis (bemoeienis)
  • bewijslast (bewijs) (tenzij bedoeld wordt: plicht om te bewijzen)
  • biathlon (biatlon)
  • bij deze (bij dezen) (indien er over de uitdrukking wordt gesproken, "bij dezen overhandig ik u")
  • bijvoegelijk (bijvoeglijk)
  • bioenergie (bio-energie)
  • biografiën (biografieën)
  • bischop (bisschop)
  • bischoppen (bisschoppen)
  • bischoppelijk (bisschoppelijk)
    • bischoppelijke (bisschoppelijke)
  • bisexualiteit (biseksualiteit)
  • bisexueel (biseksueel)
  • bisexuele (biseksuele)
  • bison (bizon)
  • bisons (bizons)
  • blackbox (black box)
  • bladen (bladeren) (wel goed als het over tijdschriften gaat)
  • blindenman (blindeman)
  • bloknote (blocnote)
  • boedisme (boeddhisme)
  • bonvivant (bon vivant)
  • bonvivants (bon vivants)
  • bosage (bosschage)
  • bosages (bosschages)
  • bossage (bosschage)
  • bossages (bosschages)
  • bousouki (bouzouki)
  • bramaan (Brahmaan)
  • bravoer (bravoure)
  • Britanië (Brittannië)
  • Britannië (Brittannië)
  • Brittanië (Brittannië)
  • broedersschap (broederschap)
  • bronstijd (van herten)(bronsttijd) (bronstijd is de tijd voor de ijzertijd)
  • bruskeren (bruuskeren)
  • bruskkeren (bruuskeren)
  • buiïg (buiig; = regenachtig, humeurig)
  • buitenisig (buitenissig)
  • buitenisige (buitenissige)
  • buitennissig (buitenissig)
    • buitennissige (buitenissige)
  • bungyjumpen; bungyjumping (bungeejumpen; bungeejumping)
  • bureaux (bureaus)
  • burgelijk (burgerlijk)
  • burgelijke (burgerlijke)
  • burgemeestersschap (burgemeesterschap)
  • burgermeester (burgemeester)
  • burgermeesters (burgemeesters)
  • burgermeestersschap (burgemeesterschap)
  • burgersschap (burgerschap)
  • burnout (burn-out)
  • buro (bureau)
  • buro's (bureaus)
  • bureau's (bureaus)
  • bv [afkorting van 'bijvoorbeeld'] (bv.)

[bewerken] C

  • cabarettier (cabaretier)
  • Cabernet; Cabernet Franc; Cabernet Sauvignon (cabernet; cabernet franc; cabernet sauvignon)
  • cafe; café's (café; cafés)
  • cafeine, caffeine, caffeïne (cafeïne)
  • calligrafie (kalligrafie)
  • camé (camee)
  • cappucino, capuccino, capucino (cappuccino)
  • caramel (karamel)
  • carberateur (carburateur)
  • carosserie, carroserie (carrosserie)
  • carousel, caroussel (carrousel)
  • carriere, carriëre, carriére (carrière)
  • carriljon (carillon)
  • cassière (caissière)
  • catagorie (categorie)
  • categorieen, categorien (categorieën)
  • categorien (categorieën)
  • cathegesatie (catechisatie)
  • catheter (katheter)
  • Ceasar (Caesar)
  • celcius (Celsius)
  • centra's (centra of centrums)
  • cha-cha-cha (chachacha)
  • chique (chic, wel correct als verbogen vorm)
  • chrisant (chrysant)
  • christen-democraat; christen-democratie; christen-democratisch (christendemocraat; christendemocratie; christendemocratisch)
  • circel (cirkel)
  • clavecimbel (klavecimbel)
  • clericaal, clerikaal (klerikaal)
  • clerikaal (klerikaal)
  • client (cliënt; behalve in Engelstalige IT-woordenschat)
  • comite, comitee, comittee, commitee, committee, commité; (comité)
  • commiteren (committeren)
  • compromiteren (compromitteren)
  • concensus (consensus)
  • concurent; concureren; concurentie (concurrent; concurreren; concurrentie)
  • conférence; conférencier (conference; conferencier)
  • confiskeren (confisqueren)
  • consentieus (consciëntieus)
  • Cook-eilanden (Cookeilanden)
  • coordinatie (coördinatie)
  • Copernicaans; Copernicanisme (copernicaans; copernicanisme)
  • copie (kopie)
  • córdoba (cordoba)
  • cosmos (kosmos)
  • creëeren, creeren; creeërde (creëren; creëerde)
  • creme (crème)
  • crocus (krokus)
  • crocussen (krokussen)
  • cubisme; cubistisch (kubisme; kubistisch)
  • cubus (kubus)
  • cubussen (kubussen)
  • CV-installatie, CV-ketel (cv-installatie; cv-ketel)
  • cylinder; cylindrisch (cilinder; cilindrisch)
  • cypres (cipres)
  • cypressen (cipressen)

[bewerken] D

  • daarintegen (daarentegen)
  • danwel (dan wel)
  • dasplays (displays)
  • data's (data of datums)
  • deathline (deadline)
  • defenitie (definitie)
  • defenitief (definitief)
  • defenitieve (definitieve)
  • degenere (dégénéré)
  • dekoletee (decolleté)
  • dezjavu (déjà vu)
  • diacritisch (diakritisch)
  • diacritische (diakritische)
  • diagnostiseerde (diagnosticeerde)
  • diagnostiseerden (diagnosticeerden)
  • diagnostiseert (diagnosticeert)
  • diagnostiseren (diagnosticeren)
  • diarrhee (diarree)
  • dichtgeslipt (dichtgeslibd)
  • dichtsbijzijnd (dichtstbijzijnd)
  • dichtsbijzijnde (dichtstbijzijnde)
  • diep religieuze (diepreligieuze)
  • dieeten (diëten)
  • dioxyde (dioxide)
  • directories (directory's)
  • direkt (direct)
  • direkteur (directeur)
  • direktie (directie)
  • discusie (discussie)
  • discusies (discussies)
  • distansieerde (distantieerden)
  • distansieerden (distantieerden)
  • distansieert (distantieert)
  • distansiëren (distantiëren)
  • distributie's (distributies)
  • dokument (document)
  • dowjonesindex (Dow-Jonesindex)
  • Drente (Drenthe)
  • Drenth (Drent)
  • Drenthen (Drenten)
  • Drenths (Drents)
  • Drenthse (Drentse)
  • dreumessen (dreumesen)
  • driemansschap (driemanschap)
  • drommedaris (dromedaris)
  • dronkelap (dronkenlap)
  • dronkelappen (dronkenlappen)
  • défakto (de facto)

[bewerken] E

  • ecotax (ecotaks)
  • eensgezinswoning (eengezinswoning)
  • eigenaam (eigennaam)
  • ekseem (eczeem)
  • electrisch; electrocutie, elektrokutie; electrode; electron; electronica, electronica, elektronika; electronisch; elektrokuteren (elektrisch; elektrocutie; elektrode; elektron; elektronica; elektronisch; elektrocuteren)
  • email (= glazuur) (e-mail) (= elektronische post)
  • emfaze (emfase)
  • enigste (enige)
  • enigzins (enigszins)
  • enseneren (ensceneren)
  • entrecôte, entrekootje (entrecote, entrecoteje)
  • epidemiën (epidemieën)
  • Equador (Ecuador)
  • Equatoriaal Guinea (Equatoriaal-Guinea)
  • Equatoriaal-Guineese (Equatoriaal-Guinese)
  • Eritreese (Eritrese)
  • esteet; estetica; esteticus; estetiek; estetisch (estheet; esthetica; estheticus; esthetiek; esthetisch)
  • etappe's (etappes)
  • ethnisch; ethnografie (etnisch; etnografie)
  • etiek; etica; eticus; etisch (ethiek; ethica; ethicus; ethisch)
  • Euro (euro)
  • eutenasie, euthenasie (euthanasie)
  • exlibres (ex-libres)
  • expiriment; expirimenteren (experiment; experimenteren)
  • expresso (espresso)
  • extentie (extensie)
  • exzeem (eczeem)

[bewerken] F

  • facinerend (fascinerend)
  • faecaal (fecaal)
  • faecale (fecale)
  • faecaliën (fecaliën)
  • faeces (feces)
  • faillisement (faillissement)
  • faillisementen (faillissementen)
  • fajiesement (faillissement)
  • falikant (faliekant)
  • fassimiel (facsimile)
  • favorite (favoriete)
  • fietster (fietsster)
  • fietsters (fietssters)
  • Filippijnen (Filipijnen)
  • Filippijns (Filipijns)
  • Filippijnse (Filipijnse)
  • fitnus (fitness)
  • flambwajant (flamboyant)
  • flambwajante (flamboyante)
  • focusde (focuste)
  • fondu (fondue)
  • formateren (formatteren)
  • fotocopie (fotokopie)
  • fotocopieën (fotokopieën)
  • fotocopiëren (fotokopiëren)
  • fotocopieerde (fotokopieerde)
  • fotocopieerden (fotokopieerden)
  • fotocopieert (fotokopieert)
  • fotograven (fotografen)
  • fotograveren (fotograferen)
  • fourage; fourageren; fourageergebied (foerage; foerageren; foerageergebied)
  • fransiscaner (franciscaner)
  • Franciscaner (franciscaner)
  • Frans Guyana (Frans-Guyana)
  • Frans Polynesië (Frans-Polynesië)
  • frele (frêle)
  • Frieze (Friese)
  • frikandel (frikadel) (beide bestaan en hebben verschillende betekenis, zie Groene Boekje)
  • full-time (fulltime)
  • functie's (functies)

[bewerken] G

  • gallei (galei)
  • gallerie (galerie)
  • gallerij (galerij)
  • geabbonneerd (geabonneerd)
  • geaccellereerd (geaccelereerd)
  • geaccomodeerd (geaccommodeerd)
  • geaplaudiseerd (geapplaudisseerd)
  • geaplaudisseerd (geapplaudisseerd)
  • geapplaudiseerd (geapplaudisseerd)
  • gebeid (gebied)
  • gebeiden (gebieden)
  • gebruskeerd (gebruuskeerd)
  • gebruskkeerd (gebruuskeerd)
  • gecoached (gecoacht)
  • gecommiteerd (gecommitteerd)
  • gecommiteerde (gecommitteerde)
  • geconcurereerd (geconcurreerd)
  • geconfiskeerd (geconfisqueerd)
  • gedachtengang (gedachtegang)
  • gedachtengoed (gedachtegoed)
  • gedestileerd (gedistilleerd)
  • gediagnostiseerd (gediagnosticeerd)
  • gedistansieerd (gedistantieerd)
  • geënseneerd (geënsceneerd)
  • gefocusd (gefocust)
  • gefotocopieerd (gefotokopieerd)
  • gefotocopieerde (gefotokopieerde)
  • gegrilled (gegrild)
  • gegrillede (gegrilde)
  • geïnstaleerd (geïnstalleerd)
  • geïntereseerd (geïnteresseerd)
  • geïntereseerde (geïnteresseerde)
  • geïnterreseerd (geïnteresseerd)
  • geïnterreseerde (geïnteresseerde)
  • gekapsijsd (gekapseisd)
  • gekaramelliseerd (gekarameliseerd)
  • gekaramelliseerde (gekarameliseerde)
  • gekasteid (gekastijd)
  • gekasteide (gekastijde)
  • gekontroleerd (gecontroleerd)
  • gekontroleerde (gecontroleerde)
  • gekopiëerd (gekopieerd)
  • gekruisde (gekruiste)
  • geleasd (geleased)
  • geleasde (geleasede)
  • geleast (geleaset)
  • geleaste (geleasete)
  • gemastered (gemasterd)
  • gemailed (gemaild)
  • gemixed (gemixt)
  • geoxydeerd (geoxideerd)
  • geoxydeerde (geoxideerde)
  • geprobeert (geprobeerd)
  • geraced (geracet)
  • gerechterlijk (gerechtelijk)
  • gerechterlijke (gerechtelijke)
  • gerelaxed (gerelaxt)
  • geremastered (geremasterd)
  • geremixed (geremixt)
  • gerenomeerd (gerenommeerd)
  • geshockeerd (gechoqueerd)
  • gestruktureerd (gestructureerd)
  • gestruktureerde (gestructureerde)
  • gesurfd (gesurft)
  • geupload (geüpload)
  • ge-upload (geüpload)
  • ge-uploade (geüploade)
  • geweesd (geweest)
  • geweldadig (gewelddadig)
  • geweldadige (gewelddadige)
  • gezamelijk (gezamenlijk)
  • gezamelijke (gezamenlijke)
  • gezamelijkheid (gezamenlijkheid)
  • gezgd (gezegd)
  • gezelschapspel (gezelschapsspel)
  • gezelschapspelen (gezelschapsspelen)
  • gezelschapspelletje (gezelschapsspelletje)
  • gezelschapspelletjes (gezelschapsspelletjes)
  • gezinte (gezindte)
  • gezoute (gezouten)
  • Ghandi (Gandhi)
  • glooing (glooiing)
  • goededag (goedendag)
  • goedenmiddag (goedemiddag)
  • goelasj (goulash)
  • Goerese (Goereese)
  • gortenpap (gortepap)
  • Gothenburg (Gotenburg)
  • gothiek (gotiek)
  • gothisch (gotisch)
  • gothische (gotische)
  • goulasj (goulash)
  • gouveneur (gouverneur)
  • graffitti (graffiti)
  • grafiti (graffiti)
  • grafitti (graffiti)
  • Gregoriaans (gregoriaans)
  • grensoverschreidend (grensoverschrijdend)
  • grenzenloos (grenzeloos)
  • grenzenloze (grenzeloze)
  • groentensoep (groentesoep)
  • grootendeels (grotendeels)
  • guerilla (guerrilla)
  • Guinese (Guineese)
  • gynecologen (gynaecologen)
  • gynecologie (gynaecologie)
  • gynecoloog (gynaecoloog)

[bewerken] H

  • hagepreek; hageprediker (hagenpreek; hagenprediker)
  • hand- en spandiensten (hand-en-spandiensten)
  • happyend (happy end)
  • hardstikke (hartstikke)
  • harmonika (harmonica)
  • harstikke (hartstikke)
  • hartelust (hartenlust)
  • hartvochtig (hardvochtig)
  • havikken (haviken)
  • havo-diploma (havodiploma)
  • hedentendage (heden ten dage)
  • hele (heel) (als bijwoord)
  • helicopter (helikopter)
  • hempje (hemdje)
  • hepatites (hepatitis)
  • Hidjab, hidjâb (hidjab)
  • hmtl (html)
  • hong (hing)
  • hobbies (hobby's)
  • homosexualiteit; homosexueel (homoseksualiteit; homoseksueel)
  • honderduizend (honderdduizend)
  • honderste (honderdste)
  • hopenlijk (hopelijk)
  • hyacinth (hyacint)
  • hygiene (hygiëne)

[bewerken] I

  • idillisch (idyllisch)
  • ieluster (illuster)
  • ielustere (illustere)
  • ikonen (iconen)
  • ikonografie (iconografie)
  • ikonografisch (iconografisch)
  • ikoon (icoon)
  • imigranten (immigranten)
  • immitatie (imitatie)
  • immiteren (imiteren)
  • immunogeniteit (immunogeniciteit)
  • immuum (immuun)
  • impressariaat (impresariaat)
  • impressario (impresario)
  • impressario's (impresario's)
  • indentificatie (identificatie)
  • indentiteit (identiteit)
  • infantrie (infanterie)
  • iniatief (initiatief)
  • inmuum (immuun)
  • insekt (insect)
  • insekten (insecten)
  • instalatie (installatie)
  • instaleren (installeren)
  • instaleert (installeert)
  • intepreteren (interpreteren)
  • interesant (interessant)
  • intereseren (interesseren)
  • interimmanager (interim-manager)
  • interresant (interessant)
  • interreseerde (interesseerde)
  • interreseerden (interesseerden)
  • interreseert (interesseert)
  • interreseren (interesseren)
  • interressant (interessant)
  • interressante (interessante)
  • interresse (interesse)
  • interresseerde (interesseerde)
  • interresseerden (interesseerden)
  • interresseert (interesseert)
  • interresseren (interesseren)
  • interresses (interesses)
  • intervieuw (interview)
  • intervieuwen (interviewen)
  • intervieuwer (interviewer)
  • intervieuws (interviews)
  • intresse (interesse)
  • invloedsfeer (invloedssfeer)
  • ipv (i.p.v.)

[bewerken] J

  • jacobsladder (jakobsladder)
  • Jacobsladder (jakobsladder)
  • Jakobsladder (jakobsladder)
  • jalousie (jaloezie)
  • Jamaïca (Jamaica)
  • Jamaïcaan (Jamaicaan)
  • Jamaïcaans (Jamaicaans)
  • Jamaïcaanse (Jamaicaanse)
  • joghurt (yoghurt)
  • jubilieum (jubileum)
  • Juliaans (juliaans)

[bewerken] K

  • kado (cadeau)
  • kaleidoscopisch (caleidoscopisch)
  • kaliefaat (kalifaat)
  • kampioensschap (kampioenschap)
  • kangaroe, kangeroe; kangoeroe's (kangoeroe; kangoeroes)
  • kanons (kanonnen) (bij de marine spreekt men wel van kanons)
  • kanseliersschap (kanselierschap)
  • kanunnikken (kanunniken)
  • kappitel (kapittel)
  • kapsijzen (kapseizen)
  • karakiet (karekiet)
  • kartograaf; kartografie (cartograaf; cartografie)
  • karweizaad (karwijzaad)
  • kasmier (kasjmier)
  • kassiere (caissière)
  • kasteiden (kastijden)
  • kayak (kajak)
  • kievitten (kieviten)
  • kievietten (kievieten)
  • klerenlijer (klerelijer)
  • klitteband (klittenband)
  • klokketoren (klokkentoren)
  • kluizenaarsschap (kluizenaarschap)
  • knieen (knieën)
  • kolibri (kolibrie)
  • kolonieën (koloniën)
  • kolosaal (kolossaal)
  • komitee, komittee, kommitee, kommittee (comité)
  • komplot; komplotteren (complot; complotteren)
  • komponist (componist)
  • kompositie (compositie)
  • kompote (compote)
  • Koninginnendag (Koninginnedag)
  • koninginnerit (koninginnenrit)
  • koningkrijk (koninkrijk)
  • koningsschap (koningschap)
  • kontakt (contact)
  • kontrole; kontroleren (controle; controleren)
  • kopieisten (kopiisten)
  • kopiën (kopieën)
  • koran; Koran (Koran: de tekst; koran: elk exemplaar van het boek)
  • korpus (corpus)
  • korrekt (correct)
  • kortelet (kotelet)
  • kosher (koosjer)
  • kosmetica; kosmetisch (cosmetica; cosmetisch)
  • kostenloos (kosteloos)
  • kreperen (creperen)
  • kruizen (kruisen — als werkwoord)
  • kruizen (kruisen — als zelfstandig naamwoord; kruizen mag daarnaast ook in de betekenissen kruisvormig symbool, muziekteken en schaamstreek)
  • kwa (qua)
  • kwis (quiz)

[bewerken] L

  • laadje (laatje)
  • laaste (laatste)
  • laatse (laatste)
  • labyrinth (labyrint)
  • ladenkast (ladekast)
  • lambrizeren (lambriseren)
  • lambrizering (lambrisering)
  • lambrizeringen (lambriseringen)
  • landsschap (landschap)
  • Latijn-Amerika (Latijns-Amerika)
  • Latijns Amerika (Latijns-Amerika)
  • layout (lay-out)
  • lazanja (lasagne)
  • legenda (= symbolentabel)
  • legende (= bep. verhaal)
  • legimitatie (legitimatie)
  • lesbiënne (lesbienne)
  • lesbiënnes (lesbiennes)
  • libelle (libel) (insect) (wordt evengoed door Van Dale en Groene Boekje aanvaard)
  • libelles (libellen) (insect)
  • licencie (licentie)
  • licensie (licentie)
  • lichtbewolkt (licht bewolkt)
  • lidteken (litteken)
  • lidtekens (littekens)
  • lieden (liederen)
  • liedjeschrijvers (liedjesschrijvers)
  • limerik (limerick)
  • lineaal (liniaal)
  • linealen (linialen)
  • liniair (lineair)
  • liniaire (lineaire)
  • Litauwen (Litouwen)
  • locaal (lokaal)
  • locale (lokale)
  • lokatie (locatie)
  • lokatief (locatief)
  • lokaties (locaties)
  • loup (loep)
  • loupe (loep)
  • luxe (luxueuze) "luxe" is een zelfstandig naamwoord

[bewerken] M

  • maatsschap; maatschapij (maatschap; maatschappij)
  • maccaroni (macaroni)
  • machtstrijd (machtsstrijd)
  • macrocosmos (macrokosmos)
  • macroni (macaroni)
  • Madagascar (Madagaskar)
  • mafia; mafioos (maffia; maffioos)
  • mammagrafie (mammografie)
  • manderijn (mandarijn)
  • manenschijn (maneschijn)
  • mansschap (manschap)
  • Marrokaan, Marokaan, Marrokkaan; Marroko, Maroko, Marrokko (Marokkaan; Marokko)
  • Marshall-eilanden (Marshalleilanden)
  • martelaarsschap (martelaarschap)
  • mavo-diploma (mavodiploma)
  • mediaevist (mediëvist)
  • meijer (meier)
  • mensenheugnis (mensenheugenis)
  • mensenlijk (menselijk)
  • Middelandse (Middellandse)
  • Middeleeuws (middeleeuws)
  • Middellandse-Zeegebied (Middellandse Zeegebied)
  • Middeneuropees (Midden-Europees)
  • mikrokosmos (microkosmos)
  • milenium, milennium (millennium)
  • miligram; mililiter; milimeter (milligram; milliliter; millimeter)
  • millenium (millennium)
  • mimicrie (mimicry)
  • mischien (misschien)
  • minuskuul (minuscuul)
  • Misissippi, Missisippi (Mississippi)
  • François Mitterand (François Mitterrand)
  • modeleren (modelleren)
  • molekuul (molecuul)
  • molla (moellah, mollah)
  • mondharmonika (mondharmonica)
  • monnikken (monniken)
  • monolitisch (monolithisch)
  • Mozambicaans, Mozambiquaans (Mozambikaans)
  • musea's (musea, museums)
  • muziekaal; muziekant (muzikaal; muzikant)

[bewerken] N

  • na aanleiding van (naar aanleiding van)
  • naapen (na-apen)
  • naar gelang (naargelang)
  • naar verluid (naar verluidt)
  • namenlijk (namelijk)
  • na-oorlogs (naoorlogs)
  • na-oorlogse (naoorlogse)
  • nauwverwant (nauw verwant)
  • nauwverwante (nauw verwante)
  • Nazi-Duitsland (nazi-Duitsland)
  • Neder-Duits (Nederduits)
  • neergevleid (neergevlijd)
  • neervleien (neervlijen)
  • neerwaards (neerwaarts)
  • neit (niet)
  • neits (niets)
  • nettoinkomen (netto-inkomen)
  • nietemin (niettemin)
  • nietroker (niet-roker)
  • nieuwschierig (nieuwsgierig)
  • Nieuwzeelands (Nieuw-Zeelands)
  • Nieuwzeelandse (Nieuw-Zeelandse)
  • niewe (nieuwe)
  • niveau's (niveaus)
  • nivo (niveau)
  • nivo's (niveaus)
  • nochthans (nochtans)
  • noodweer-exces (noodweerexces)
  • Noordafrikaans (Noord-Afrikaans)
  • Noordafrikaanse (Noord-Afrikaanse)
  • Noordamerikaans (Noord-Amerikaans)
  • Noordamerikaanse (Noord-Amerikaanse)
  • Noordbrabants (Noord-Brabants)
  • Noordbrabantse (Noord-Brabantse)
  • Noordeuropees (Noord-Europees)
  • Noordeuropese (Noord-Europese)
  • Noordhollands (Noord-Hollands)
  • Noordhollandse (Noord-Hollandse)
  • Noordkoreaans (Noord-Koreaans)
  • Noordkoreaanse (Noord-Koreaanse)
  • Noordnederlands (Noord-Nederlands)
  • Noordnederlandse (Noord-Nederlandse)
  • noordwaards (noordwaarts)
  • normalitair (normaliter)
  • NSB-er (NSB'er)
  • nucleare (nucleaire)
  • nummeriek (numeriek)
  • nummerieke (numerieke)

[bewerken] O

  • october (oktober)
  • oevre (oeuvre)
  • officiëel (officieel)
    • officiele (officiële)
  • oficieel (officieel)
    • oficiële (officiële)
  • ofset (offset)
  • oh (o)
  • oktaaf (octaaf)
  • oktafen (octaven)
  • oktaven (octaven)
  • olien (oliën)
  • omdat (doordat) - als er geen menselijke beslissing bij is
  • ommelet (omelet)
  • omtrend (omtrent)
  • ondekken (ontdekken)
  • ondekt (ontdekt)
    • ondekte (ontdekte)
    • ondekten (ontdekten)
  • onderandere (onder andere)
  • ondere andere (onder andere)
  • ondermeer (onder meer)
  • on-lineversie (onlineversie)
  • onmiddelijk (onmiddellijk)
    • onmiddelijke (onmiddellijke)
  • onslaan (ontslaan)
  • onslag (ontslag)
  • onslagen (ontslagen)
  • onstaan (ontstaan)
  • onstaat (ontstaat)
  • onstond (ontstond)
    • onstonden (ontstonden)
  • ontbijd (ontbijt)
  • ontrekken (onttrekken)
    • ontrekt (onttrekt)
    • ontrok (onttrok)
    • ontrokken (onttrokken)
  • onvangen (ontvangen)
  • onwikkel (ontwikkel)
    • onwikkelen (ontwikkelen)
  • onwikkeling (ontwikkeling)
  • ooit, bijv. de grootste ramp ooit (aller tijden)
  • oorsponkelijk (oorspronkelijk)
  • oorsprongelijk (oorspronkelijk)
    • oorsprongkelijk (oorspronkelijk)
    • oorsprongelijke (oorspronkelijke)
  • oo-serieus (au sérieux)
  • Oostafrikaans (Oost-Afrikaans)
    • Oostafrikaanse (Oost-Afrikaanse)
  • Oostaziatisch (Oost-Aziatisch)
    • Oostaziatische (Oost-Aziatische)
  • Oostduits (Oost-Duits)
    • Oostduitse (Oost-Duitse)
  • Oosteuropees (Oost-Europees)
    • Oosteuropese (Oost-Europese)
  • Oostindisch (Oost-Indisch)
    • Oostindische (Oost-Indische)
  • Oostnederlands (Oost-Nederlands)
    • Oostnederlandse (Oost-Nederlandse)
  • Oostromeins (Oost-Romeins)
    • Oostromeinse (Oost-Romeinse)
  • Oostvlaams (Oost-Vlaams)
    • Oostvlaamse (Oost-Vlaamse)
  • oostwaards (oostwaarts)
  • opwaards (opwaarts)
  • opzoek (op zoek)
  • orang-oetan / orang-oetang
  • orca (orka)
  • organizatie (organisatie)
  • orgineel (origineel)
  • osso buco (ossobuco)
  • oudleerling (oud-leerling)
  • oudersschap (ouderschap)
  • overnieuw (opnieuw)
  • overwining (overwinning)
  • oxydatie (oxidatie)
  • oxyde (oxide)
  • oxydeert (oxideert)
  • oxyderen (oxideren)

[bewerken] P

  • pannekoek (pannenkoek)
  • paparazi (paparazzi)
  • Papoea-Nieuw-Guineese (Papoea-Nieuw-Guinese)
  • Papua-Nieuw-Guinea (Papoea-Nieuw-Guinea)
  • parafine (paraffine)
  • paralel (parallel)
  • paralelepipedum (parallellepipedum)
  • parcour (parcours)
  • pasagier (passagier)
  • patient (patiënt)
  • pause (pauze)
  • peiler (correct voor 'iem. die peilt', anders (steunpilaar) 'pijler')
  • penalties (penalty’s)
  • penitentair (penitentiair)
  • perpetuem (perpetuum)
  • perse, persé, per sé (per se)
  • Phoeniciër; Phoenicisch (Feniciër; Fenicisch)
  • piña colada, Pina Colada (pina colada)
  • pitoresk, pitoresque (pittoresk)
  • politiecorps (politiekorps)
  • porcelein; porceleinen (porselein; porseleinen)
  • portemonaie, portemonee, portemonees (portemonnee)
  • portemonee (portemonnee)
  • portemonees (portemonnees)
  • posthume; posthuum (postume; postuum)
  • potporie (potpourri)
  • practisch (praktisch)
  • prae (pre)
  • praeses (preses)
  • prakkizeren (prakkiseren)
  • praktizeren (praktiseren)
  • preciese (precieze)
  • predikatief (predicatief)
  • premiere (première)
  • presidentsschap (presidentschap)
  • prinsgemaal (prins-gemaal)
  • prive (privé)
  • probeerd (probeert)
  • procédé (procedé)
  • produkt; produktie; produktief; produktiviteit (product; productie; productief; productiviteit)
  • proffesioneel, proffessioneel, profesioneel (professioneel)
  • proffesor, proffessor, profesor (professor)
  • promilage (promillage)
  • propaedeuse (propedeuse)
  • propaedeutisch (propedeutisch)
  • proselytisme (proselitisme)
  • provincieën (provinciën)
  • prozaisch (prozaïsch)
  • pseudo-wetenschap (pseudowetenschap)
  • pubertijd (puberteit (klemtoon op laatste lettergreep): 'levensfase'; pubertijd (klemtoon op eerste lettergreep): 'tijd van de puber')
  • publikatie (publicatie)
  • publikelijk (publiekelijk)
  • pull-over (pullover)
  • pyama (pyjama)
  • pyramidaal; pyramide (piramidaal; piramide)
  • Pyreneese (Pyrenese)

[bewerken] Q

  • quantum (kwantum)
  • quantumdynamica (kwantumdynamica)
  • quantumfysica (kwantumfysica)
  • quantummechanica (kwantummechanica)
  • quantumtheorie (kwantumtheorie)
  • quantummechanisch (kwantummechanisch)
  • quantummechanische (kwantummechanische)
  • quanta (kwanta)
  • quartz (kwarts)
  • qweker (quaker)

[bewerken] R

  • ragoe (ragout)
  • ragoût (ragout)
  • reaktie (reactie)
  • reaktief (reactief)
  • reakties (reacties)
  • realizatie (realisatie)
  • recentie (recensie)
  • rechtelijk (rechterlijk)
  • rechtelijke (rechterlijke)
  • rechtsafgaan (rechtsaf gaan)
  • rechtsafslaan (rechts afslaan)
  • rechtsspraak (rechtspraak)
  • rechtsstreeks (rechtstreeks)
  • rechtsstreekse (rechtstreekse)
  • rechtzaak (rechtszaak)
  • rechtzaken (rechtszaken)
  • recruteren (rekruteren)
  • redereiker (rederijker)
  • redereikers (rederijkers)
  • reduktie (reductie)
  • reduktor (reductor)
  • reeël (reëel)
  • reëele (reële)
  • regelementen (reglementen)
  • regiseur (regisseur)
  • reikweite (reikwijdte)
  • reklame (reclame)
  • reklameerden (reclameerden)
  • reklameerde (reclameerde)
  • reklameert (reclameert)
  • reklameren (reclameren)
  • relekst (relaxt)
  • relief (reliëf)
  • repressaille (represaille)
  • repressailles (represailles)
  • reqest (rekest)
  • request (rekest)
  • rhetoriek (retoriek)
  • rhetorisch (retorisch)
  • rhetorische (retorisch)
  • rheuma (reuma)
  • rhythm and blues (rhythm-and-blues)
  • rigoereus (rigoureus)
  • rigoreus (rigoureus)
  • Rijssel (Rijsel)
  • rock and roll (rock-'n-roll)
  • rock & roll (rock-'n-roll)
  • rock 'n' roll (rock-'n-roll)
  • Romantiek (romantiek)
  • rondraaien (ronddraaien)
  • royalties (royalty's)
  • ruggenspraak (ruggespraak)
  • Rusisch (Russisch)
  • Russich (Russisch)

[bewerken] S

  • Sanskrit (Sanskriet)
  • santekraam (santenkraam)
  • sateliet (satelliet)
  • satelieten (satellieten)
  • satteliet (satelliet)
  • sattelieten (satellieten)
  • sattelliet (satelliet)
  • sattellieten (satellieten)
  • scetch (sketch)
  • scetches (sketches)
  • schaatster (schaatsster)
  • schaatsters (schaatssters)
  • schudblad (schutblad)
  • science fiction (sciencefiction)
  • science-fiction (sciencefiction)
  • secte (sekte)
  • sex (seks)
  • sex-appeal (sexappeal)
  • sexe (sekse)
  • sexualisme (seksualisme)
  • sexualiteit (seksualiteit)
  • sexueel (seksueel)
  • sexuele (seksuele)
  • shi'iet (sjiiet)
  • shi'itisch (sjiitisch)
  • shiiet (sjiiet)
  • shiietisch (sjiitisch)
  • shockeerde (choqueerde)
  • shockeren (choqueren)
  • shockerend (choquerend)
  • side-kick (sidekick)
  • sierraad (sieraad)
  • sierraden (sieraden)
  • simpatieen (sympathieën)
  • Sint-Jakobsschelp, sint-jacobsschelp (sint-jakobsschelp)
  • sint juttemis (sint-juttemis)
  • sjiek (chic)
  • sjieke (chique)
  • sjoker (choker, foulard)
  • sjokeren (choqueren)
  • sjokkeren (choqueren)
  • slachttand (slagtand)
  • slachttanden (slagtanden)
  • slechterikken (slechteriken)
  • smink (schmink)
  • sms-en, smsen (sms'en)
  • sms-je, smsje (sms'je)
  • snietsel (schnitzel)
  • sociaal-democraat (sociaaldemocraat)
  • sociaal-democraten (sociaaldemocraten)
  • sociaal-democratie (sociaaldemocratie)
  • sociaal-democratisch (sociaaldemocratisch)
  • sociaal-democratische (sociaaldemocratische)
  • societeit (sociëteit)
  • somige (sommige)
  • sousterrain (souterrain)
  • souterneur (souteneur)
  • souverein (soeverein)
  • souvereine (soevereine)
  • sowiezo (sowieso)
  • spaggetti (spaghetti)
  • spagetti (spaghetti)
  • speciefiek (specifiek)
  • spellingsfout (spelfout)
  • sperciebonen (sperziebonen)
  • spercieboon (sperzieboon)
  • spinneweb (spinnenweb)
  • spinnewebben (spinnenwebben)
  • Srilankaans (Sri Lankaans)
  • SS-er (SS'er)
  • staakt het vuren (staakt-het-vuren)
  • mannelijke stagiaire (stagiair)
  • staddeel (stadsdeel)
  • stadium (stadion)
  • stagair (stagiair)
  • stagière (stagiair(e))
  • statiebezoek (staatsiebezoek)
  • statiebezoeken (staatsiebezoeken)
  • stedebouw (stedenbouw)
  • steelde (stal)
  • steelden (stalen)
  • sterradiaal (steradiaal)
  • stewardes (stewardess)
  • stiekum (stiekem)
  • stoeffen (stoefen)
  • strafrechterlijk (strafrechtelijk)
  • strategieen (strategieën)
  • strategiën (strategieën)
  • strict (strikt)
  • strukturen (structuren)
  • struktureren (structureren)
  • struktuur (structuur)
  • stylistisch (stilistisch)
  • subcategorien (subcategorieën)
  • subdirectories (subdirectory's)
  • success (succes)
  • suces (succes)
  • Sudan (Soedan)
  • sukses (succes)
  • suksessen (successen)
  • suksessie (successie)
  • superdeluxe (super-de-luxe)
  • surceance (surseance)
  • symfoniën (symfonieën)
  • syntax (syntaxis)

[bewerken] T

  • Talib, Taliban, Talibanisering (talib, taliban, talibanisering)
  • Tartaren (Tataren)
  • tax (taks)
  • temiddenvan (te midden van)
  • ten alle tijden (te allen tijde)
  • tengevolge (ten gevolge)
  • tenlangeleste (ten langen leste)
  • tenminste ↔ ten minste (= "althans" ↔ "op zijn minst")[1]
  • tennister (tennisster)
  • tennisters (tennissters)
  • ten opzichten van (ten opzichte van)
  • tenslotte ↔ ten slotte ("nu eenmaal" ↔ "als besluit")[1]
  • terein (terrein)
  • terreinnen (terreinen)
  • terpetijn (terpentijn)
  • terwillevan (ter wille van)
  • terzake (ter zake)
  • terzelfdertijd (tezelfdertijd / terzelfder tijd)
  • tesamen (tezamen)
  • teveel ↔ te veel (= zn.: een/het teveel [aan ...] ↔ bijw.: te veel [gedronken, lawaai])[1]
  • theoriën (theorieën)
  • Tjech (Tsjech)
  • Tjechen (Tsjechen)
  • Tjechië (Tsjechië)
  • Tjechisch (Tsjechisch)
  • Tjechische (Tsjechische)
  • toemalig (toenmalig)
  • toemalige (toenmalige)
  • toendertijd (toentertijd)[2]
  • toernee (tournee)
  • torsade des pointes (torsade de pointes)
  • totnogtoe (tot nog toe)
  • totstandkomen (tot stand komen)
  • touren; tourisme (toeren; toerisme)
  • tournooi (toernooi)
  • tournooien (toernooien)
  • tourt (toert)
  • traffiek (trafiek)
  • translitteratie, translittereren (transliteratie, translitereren)
  • trigoniometrie (trigonometrie)
  • trucendoos (trukendoos)
  • t-shirt (T-shirt)
  • Tweede-Kamerlid (Tweede Kamerlid)
  • tweëen (tweeën)
  • twëeen (tweeën)
  • Twenthe (Twente)
  • typfout (typefout)
  • typwerk (typewerk)
  • tyran (tiran)
  • Tyrrheense Zee (Tyrreense Zee)

[bewerken] U

  • uitreksel (uittreksel)
  • uitreksels (uittreksels)
  • uittentreure (uitentreuren)
  • uitteraard (uiteraard)
  • uittermate (uitermate)
  • uitting (uiting)
  • ukepuk (ukkepuk)
  • uptodate (up-to-date)
  • Uzbeek (Oezbeek)
  • Uzbeeks (Oezbeeks)
  • Uzbeekse (Oezbeekse)
  • Uzbeken (Oezbeken)
  • Uzbekistan (Oezbekistan)

[bewerken] V

  • vaarde (voer)
  • vaarden (voeren)
  • vacantie (vakantie)
  • vaceum (vacuüm)
  • vacuum (vacuüm)
  • vakature (vacature)
  • vakatures (vacatures)
  • VanDale (Van Dale)
  • vanilleijs (vanille-ijs)
  • van jewelste (vanjewelste)
  • van katholieke huize (van katholieken huize)
  • varieërt (varieert)
  • variëten (varianten)
  • veder (verder)
  • vedrag (verdrag)
  • vegelijking (vergelijking)
  • Venezuelaan (Venezolaan)
  • Venezuelaans (Venezolaans)
  • Venezuelaanse (Venezolaanse)
  • Venezuelanen (Venezolanen)
  • veraad (verraad)
  • veraden (verraden)
  • verader (verrader)
  • veraderlijk (verraderlijk)
  • verassen (iets onverwachts doen) (verrassen)
  • verassend (verrassend)
  • verassing (verrassing)
  • verassingen (verrassingen)
  • verast (verrast)
  • veraste (verraste)
  • verasten (verrasten)
  • verdergaande (verregaande)
  • vergoeilijken (vergoelijken)
  • vergoeilijkt (vergoelijkt)
  • vergoeilijkte (vergoelijkte)
  • vergoeilijkten (vergoelijkten)
  • vermijen (vermeien; = zich vermaken)
  • vermijt (kan als vermeit (vermaakt zich) of vermijdt bedoeld zijn)
  • vermouth (vermout)
  • verot (verrot)
  • verotte (verrotte)
  • verotten (verrotten)
  • verrassen (verbranden, cremeren) (verassen)
  • vertikaal (verticaal)
  • vertikale (verticale)
  • vervent (fervent)
  • vervente (fervente)
  • vervolges (vervolgens)
  • verwezelijken (verwezenlijken)
  • verworf (verwierf)
  • verzamelingsleer (verzamelingenleer)
  • viertien (veertien) (behalve viertiende waar soms vier tiende (4/10) bedoeld wordt i.p.v. veertiende)
  • viesavis (vis-à-vis)
  • vioolen (violen)
  • vliegtuigmaatschappij (luchtvaartmaatschappij)
  • vol au vent (vol-au-vent)
  • voledig (volledig)
  • voltooing (voltooiing)
  • voorzover (voor zover)
  • vondsen (vondsten)
  • vondt (vond)
  • voor eens en altijd (eens en voor altijd)
  • voor eens en voor altijd (eens en voor altijd)
  • voortbestemd (voorbestemd)
  • voorzover (voor zover)
  • vrienschap (vriendschap)
  • vrienschappelijk (vriendschappelijk)
  • vrijheidstrijd (vrijheidsstrijd)
  • vulcanisatie (vulkanisatie)
  • vulcaniseren (vulkaniseren)
  • vulcanisme (vulkanisme)
  • vulcanologie (vulkanologie)

[bewerken] W

  • waardenvrij (waardevrij)
  • waarom (waardoor) - als er geen menselijke beslissing bij is
  • waneer (wanneer)
  • webside (website)
  • weersinwekkend (weerzinwekkend)
  • weerzijden (weerszijden)
  • weleenswaar (weliswaar)
  • welke (die/dat - de man, welke ...)
  • welvaartstaat (welvaartsstaat)
  • werdt (werd)
  • Westduits (West-Duits)
  • Westduitse (West-Duitse)
  • Westeuropees (West-Europees)
  • Westeuropese (West-Europese)
  • Westfrieze (West-Friese)
  • Westindisch (West-Indisch)
  • Westindische (West-Indische)
  • Westromeins (West-Romeins)
  • Westromeinse (West-Romeinse)
  • Westvlaams (West-Vlaams)
  • Westvlaamse (West-Vlaamse)
  • westwaards (westwaarts)
  • wezelijk (wezenlijk)
  • wezen (In de vorm van zijn. Geen spelfout, maar wel spreektaal die in Rotterdam nog wel eens per abuis schriftelijk wordt gebruikt)
  • whipflash (whiplash)
  • wiegedood (wiegendood)
  • winaar (winnaar)
  • woesternij (woestenij)
  • woonwerkverkeer (woon-werkverkeer)
  • woordvoerdster (woordvoerster)

[bewerken] X

  • xylophoon (xylofoon)

[bewerken] Y

  • yak (jak)

[bewerken] Z

  • zanikken (zaniken)
  • zeëen (zeeën)
  • zëeen (zeeën)
  • zeemansschap (zeemanschap)
  • Zeeuws Vlaanderen (Zeeuws-Vlaanderen)
  • zinnenbeeld (zinnebeeld)
  • zinssnede (zinsnede)
  • zinvolheid (zin)
  • zjaine (gêne)
  • zjaket (jacquet)
  • zoëven (zo-even)
  • zondermeer (zonder meer)
  • zoniet (zo niet)
  • zonodig (zo nodig)
  • zowiezo (sowieso)
  • Zuidafrikaans (Zuid-Afrikaans)
  • Zuidafrikaanse (Zuid-Afrikaanse)
  • Zuidamerikaans (Zuid-Amerikaans)
  • Zuidamerikaanse (Zuid-Amerikaanse)
  • Zuideuropees (Zuid-Europees)
  • Zuideuropese (Zuid-Europese)
  • Zuidhollands (Zuid-Hollands)
  • Zuidhollandse (Zuid-Hollandse)
  • Zuidkoreaans (Zuid-Koreaans)
  • Zuidkoreaanse (Zuid-Koreaanse)
  • Zuidlimburgs (Zuid-Limburgs)
  • Zuidnederlands (Zuid-Nederlands)
  • Zuidnederlandse (Zuid-Nederlandse)
  • zuidwaards (zuidwaarts)
  • zwezerikken (zwezeriken)

[bewerken] Noten

Taalunieversum Woordenlijst. Woordenlijst Nederlandse Taal - Officiële Spelling. Taalunie. Geraadpleegd op 1 augustus 2009.

[bewerken] Externe links

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen