Het eiland van de vorige dag

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het eiland van de vorige dag is de Nederlandse titel van L'isola del giorno prima, een roman van de Italiaan Umberto Eco. Hij verscheen in 1994 en is in 1995 vertaald in het Nederlands en uitgegeven bij Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam.

Inhoud[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Het verhaal speelt zich af in de 17de eeuw.
Roberto de La Grive wordt tijdens een reis door de Grote Oceaan overboord geslagen. Hij komt gelukkig een ander schip tegen, de Hollandse 'Daphne', dat in het zicht van een eiland zijn anker had uitgeworpen. Roberto treft echter niemand aan op het schip. De volgende dagen verkeert hij in een droomwereld, waarin hij fantaseert over de Indringer, een andere aanwezige op het schip en over het Eiland. Roberto probeert zich ook te herinneren waarom hij op dat schip terecht is gekomen. Daarom denkt hij terug aan zijn jeugd. Enkele dagen later vindt hij de Indringer, die een zekere jezuïet Caspar Wanderdrossel blijkt te zijn. Van hem hoort Roberto hoe het komt dat op de Daphne geen bemanning aanwezig is. De pater had namelijk een beet opgelopen, die veel leek op een pestbuil. Daarom waren de matrozen naar het eiland getrokken, waar ze door kannibalen zijn opgegeten. Ook vertelt pater Caspar over de reden van zijn reis, namelijk het vinden van een manier om de lengtecirkels te bepalen. Wie dat geheim bezit, bezit de macht over de zeeën. Roberto was eigenlijk ook op zoek naar dat geheim, in dienst van de Franse Kardinaal Mazarin. Dat was de reden dat hij was ingescheept op een reis naar de Grote Oceaan. Caspar vertelt hem dat het Eiland in de verte exact op de datumgrens ligt, zodat ze als ze in die richting kijken, eigenlijk gisteren zien. Dit is meteen de verklaring voor de titel 'Het Eiland van de Vorige Dag'.

Lang kan Roberto echter niet genieten van zijn gezelschap. Caspar komt om wanneer hij probeert het Eiland te bereiken. Dan valt Roberto terug in zijn droomwereld. Hij besluit een Roman te schrijven, over zijn halfbroer Ferrante. Als kind had hij Ferrante verzonnen om hem de schuld te geven bij fouten en mislukkingen. En ondertussen blijft hij proberen het Eiland te bereiken.