Indo-Europese godentrias

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Indo-Europese godentrias is een concept, ontwikkeld door de Franse comparatist en linguïst Georges Dumézil.

Dumézil zag gelijkenissen tussen de oud-Romeinse trias Jupiter-Mars-Quirinus en onder andere de Umbrische trias Jupiter-Mars-Vofionus van de tabulae Iguvinae. Deze Indo-Europese godentrias trof Dumézil ook aan bij de Grieken, Kelten, Indo-Iraniërs, Baltische volkeren, Germanen en Slavische volkeren.

De Indo-Europese godentrias zou de drie maatschappelijke lagen van de Indo-Europese maatschappij vertegenwoordigen:

  1. de heersende klasse (de priesterlijke of soevereine functie): hiervan is een hemelgod Jupiter (Rome, Umbrië); Varuna (Indo-Iran); Odin (Germanië) de patroon. Zijn beschermelingen waren de hogere priesters (en eventueel de koning) flamines en rex (Rome), druïden (Gallië), brahmanen (Indo-Iran).
  2. de krijgersklasse (de krijgsfunctie): hiervan is een oorlogsgod Mars (Rome, Umbrië); Tyr (Germanië), die zich meestal op aarde manifesteert, de patroon. Zijn beschermelingen waren de milites en de imperiumhouder (oorspr.: rex) (Rome), strijders en koningen (Gallië), Kshattriya (Indo-Iran).
  3. de boerenklasse (de vruchtbaarheidsfunctie): hiervan is een vruchtbaarheidsgod Quirinus (Rome), die zich meestal onder de grond manifesteert, de patroon. Zijn beschermelingen waren de krijgers, handelaars en alle andere burgers Quirites (Rome), burgers (Gallië), Vaishya (Indo-Iran).

Deze godentrias treft men - zoals gezegd - aan in vele Indo-Europese culturen. De oud-Romeinse godentrias zou echter in de Etruskische periode (eind 6e eeuw v.Chr.) vervangen worden door de Capitolijns-Etruskische trias Jupiter-Juno-Minerva (naar analogie met de Etruskische trias Tinia-Uni-Menrva) en dus niet langer meer Indo-Europees zijn.

Er is - vooral na de dood van Dumézil - veel kritiek gekomen op de Indo-Europese godentrias, vooral wegens het feit dat Dumézil deze stelling overal wilde inpassen, zelfs al ging dit niet zo goed. Toch blijft de kern van zijn stelling over de Indo-Europese godentrias goed overeind en lijkt er minstens een grond van waarheid in te schuilen. Bij extensie is er op de achtergrond van meerdere mythologieën tot op zekere hoogte overeenkomst in goden en waardenhiërarchieën naspeurbaar.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]