Judith van West-Francië

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Judith van West-Francië
844 - 870
Gravin van Vlaanderen
Periode 862 - 870
Voorganger geen
Opvolger Aelfryth van Wessex
Vader Karel de Kale
Moeder Ermentrudis van Orléans

Judith van West-Francië (oktober 844[1] - 870), ook wel Judith Martel genoemd, was een Frankische prinses, gehuwd met twee opeenvolgende koningen van Wessex en uiteindelijk met de eerste Graaf van Vlaanderen.

Afkomst[bewerken]

Judith was het eerste kind van keizer Karel de Kale (823-877) en diens eerste echtgenote Ermentrudis van Orléans (830-869). Daarmee was ze een zuster van Lodewijk de Stamelaar (846-879). Ze was een achterkleinkind van Karel de Grote en kreeg haar naam van haar grootmoeder Judith van Beieren.

Karolingers en huwelijken van hun dochters[bewerken]

Voor hun zonen zochten de Karolingische koningen de beste huwelijkspartij. Hun dochters uithuwelijken deden ze liever niet. Zo liepen ze het risico niet dat een aangetrouwde koning later aanspraak zou maken op hun troon of bezittingen. Hun dochters laten huwen met een van hun vazallen was dan weer beneden hun stand. Dat Karel zijn twaalfjarige dochter liet huwen met de koning van Wessex was dan ook uitzonderlijk.

Wessex[bewerken]

Op 1 oktober 856, op twaalfjarige leeftijd, werd ze door haar vader uitgehuwelijkt aan de 51-jarige koning Aethelwulf van Wessex, zelf vader van vier zonen. Hij was een man met hoog aanzien, een christen en een bekwaam legeraanvoerder gezien hij de Vikingen in 851 een verpletterende nederlaag had toegebracht in Surrey. Karel en Aethelwulf ontmoetten elkaar toen de laatste, samen met zijn toen zesjarige zoon Alfred, op weg was naar Rome. Bij zijn terugkeer in juni 856 verloofde Aethelwulf zich met Judith en ze huwden op 1 oktober van hetzelfde jaar in de Paltskapel van Verberie-sur-Oise. Gezien Parijs en Tours hetzelfde jaar door de Vikingen werden afgebrand, had Karel belang bij het huwelijk van zijn dochter met een overwinnaar van de Vikingen. Aethelwulf nam zelf risico bij dit huwelijk. Als Judith hem zonen zou baren kon dit leiden tot broederstrijd. Aethelwulf stierf al op 13 januari 858 en het huwelijk bleef kinderloos.

In datzelfde jaar (858) huwde ze voor de tweede keer, nu met Aethelwulfs zoon koning Aethelbald, dus met haar eigen stiefzoon. Aethelbald overleed al in 860. Judiths laatste huwelijk werd later nietig verklaard op grond van bloedverwantschap (niet letterlijk, maar omdat ze zijn stiefmoeder was), en zij werd teruggezonden naar haar vader. Judith was na haar huwelijk met Aethelwulf tot gemalin van de koning gekroond, zodat zij op hetzelfde niveau kwam als de koning. Dat zorgde later voor heel wat wrevel bij de Saksische bevolking.

Vlaanderen[bewerken]

Voor de derde maal trouwde ze met Boudewijn I met de IJzeren Arm, die haar rond Kerstmis 861 uit het klooster in Senlis had ontvoerd. Om uit de klauwen van haar woedende vader te blijven zwierven ze een tijdje in Europa rond en schuilden ze tot in oktober bij haar oom Lotharius II. Uiteindelijk vluchtten ze op bedevaart naar Rome en door tussenkomst van paus Nicolaas I traden ze 13 december 863 officieel in het huwelijk in Auxerre.

Uit het huwelijk met Boudewijn kwamen vier kinderen:

  • Karel, geb. ca. 864, jong gestorven
  • Boudewijn
  • Rudolf van Cambrai
  • vermoedelijk nog een dochter, de kronieken van het klooster van Waulsort vermelden bij de dood van Rudolf van Cambrai dat Wouter, de zoon van Rudolfs zuster, probeerde hem te wreken.

Gunhilda, gehuwd in 877 met Wilfred I el Velloso, graaf van Urgel en Barcelona, wordt ook vaak als dochter van Boudewijn en Judith genoemd maar dit is gebaseerd op een verkeerde interpretatie van een middeleeuwse tekst. Zij was afkomstig uit de omgeving van Barcelona.

Voetnoten[bewerken]

  1. De geboortedatum is onzeker.