Leonardoschool

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een Leonardoschool is een in 2007 gestarte Nederlandse onderwijsvorm voor kinderen van 4 tot 12 jaar die hoogbegaafd zijn. Het initiatief kwam van Jan Hendrickx. Een kind wordt tot de hoogbegaafden gerekend als het een IQ van 130 of hoger heeft, creatief is in het bedenken van oplossingen en doorzettingsvermogen heeft om een taak te volbrengen. Het IQ wordt gemeten met een IQ-test.

Leerproces[bewerken]

De kinderen op een Leonardoschool krijgen leerstof aangeboden, die bij hun interesse en intelligentie past. Zo wordt er al op heel jonge leeftijd een tweede taal aangeboden, Engels vanaf een leeftijd van 4 jaar en Spaans wordt gegeven aan kinderen vanaf 8 jaar. Daarnaast is er ook veel ruimte voor filosofie, informatica, wiskunde, Leren Leren en Leren Ondernemen en eigen inbreng van de kinderen. Ook krijgen ze les in bijvoorbeeld sociale vaardigheden, muziek, dans en denksporten zoals schaken en dammen. De school werkt samen met vakleerkrachten op deze gebieden. De lessen worden klassikaal gegeven, de leerlingen krijgen soms ook huiswerk mee.

De leerlingen krijgen allemaal een laptop met draadloos internet ter beschikking. De laptop wordt op school voor veel lessen (projecten) gebruikt en de kinderen mogen ze meenemen naar huis. Dit laatste versterkt en verbetert het gebruik van nieuwe media en de vanzelfsprekendheid van computergebruik.

Scholen[bewerken]

Met aanvang van het schooljaar 2007-2008 is de eerste Leonardoschool in Nederland, in Blerick (gemeente Venlo), gestart. Sindsdien zijn een aantal Nederlandse basisscholen gestart met Leonardoklassen. In 2010 is sprake van meer dan 40 basisscholen die Leonardoonderwijs geven. Aanvang schooljaar 2012-2013 staat de teller op ruim 50 scholen. Voor 2013-2014 staan nog 31 scholen met met Leonardoonderwijs vermeld.[1]

Knelpunten[bewerken]

Het Leonardoconcept is nog volop in ontwikkeling. Nu het concept in praktijk gebracht wordt komen kinderziektes naar voren. Men kon in het voorjaar van 2008 de grote aantallen te testen leerlingen niet aan, waardoor het aantal scholen niet kon worden uitgebreid. Inmiddels is de procedure ingekort en de testcapaciteit vergroot. Ook de opleiding van nieuwe docenten, met name de capaciteit, schiet nog tekort. Door klassikaal les te geven aan nieuwe docenten wordt het aantal vergroot. Wat ook meer aandacht zal krijgen is de begeleiding van bestaande docenten: begeleiding met lesmateriaal en begeleiding in de omgang met deze groep leerlingen.

De Leonardoscholen hebben moeite met het vinden van vakleerkrachten zodat niet altijd alle extra vakken gegeven kunnen worden. De meeste Leonardoscholen hebben wachtlijsten. Ouders schrijven zich soms op meerdere Leonardoscholen tegelijk in. Leonardoscholen geven vaak voorrang aan leerlingen van scholen van hun eigen bestuur of uit de omgeving.

Aansluitend onderwijs is vaak moeilijk te regelen. De weinige Leonardocolleges die een aantal jaren onder de paraplu van de leonardostichting gedraaid hebben zijn in 2012 en 2013 afgehaakt.[2]

Erkenning[bewerken]

Een Leonardoleerling kost plusminus € 7.000,- per jaar terwijl de overheid € 4.500,- vergoedt. Op Leonardoscholen wordt een (vrijwillige) ouderbijdrage gevraagd plus vaak een onkostenvergoeding voor bijvoorbeeld de laptop. Dit verschilt per school en kan oplopen tot € 1.500,- per jaar. Veel Leonardoscholen proberen door middel van sponsoring extra middelen te verwerven.

Er zijn ook scholen die hoogbegaafden begeleiden zonder het Leonardoconcept in te voeren. Een van redenen daarvoor is dat de Leonardostichting aan een nieuw aangesloten Leonardoschool belooft in hun regio gedurende een bepaalde tijd geen andere Leonardoscholen op te richten.

De Leonardostichting werkt samen met verschillende organisaties (universiteiten bijvoorbeeld) om gedeelten van het lesprogramma verder te ontwikkelen. Er wordt een uitgebreid onderzoeksprogramma opgezet om het onderwijs te verbeteren en aan te tonen dat het effectief is. Dat is nodig om een meer kans te maken om dit onderwijs structureel door de overheid gefinancierd te krijgen. In het buitenland bestaan vergelijkbare initiatieven. Er zijn ook andere scholen die aandacht besteden aan hoogbegaafdheid.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties