Lorenzo I de' Medici

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lorenzo I de' Medici
1449 - 1492
Lorenzo de' Medici-ritratto.jpg
Heer van Florence
Periode 1469 - 1492
+ Giuliano (1469-1478)
Voorganger Piero I de' Medici
Opvolger Piero II
Vader Piero I de' Medici
Dynastie Huis Medici

Lorenzo I, bijgenaamd il Magnifico (Florence, 1 januari 1449Careggi, 8 april 1492) was een zoon van Piero de' Medici, de Jichtige en vader van Piero de'Medici. Hij was een van de beroemdste leden van het geslacht de’ Medici, en heerste over de republiek Florence tijdens het hoogtepunt van de Italiaanse renaissance.

Levensloop[bewerken]

Samen met zijn broer Giuliano (1453 - 26 april 1478) zette hij het beleid van zijn grootvader Cosimo voort. Hij wist de steun van de gewone bevolking te winnen door de invoering van een gunstig belastingstelsel en de bevordering van de welvaart. De adel was echter tegen hem gekant vanwege zijn tirannieke optreden tegen hen, waarbij hij spionage en liquidaties niet uit de weg ging.

Zijn optreden leidde tot een samenzwering onder leiding van de oude Florentijnse familie Pazzi. Ook de aartsbisschop van Pisa was hierbij betrokken en de samenzwering had de steun van paus Sixtus IV. Op 26 april 1478 werden de Medici aangevallen in de kerk en werd Giuliano gedood. Lorenzo raakte gewond, maar sloeg onmiddellijk en keihard terug. De aartsbisschop en verschillende andere samenzweerders werden opgehangen vanuit de ramen van het Palazzo Vecchio aan de Piazza della Signoria. Het geslacht van de Pazzi werd vrijwel volledig uitgeroeid.

De paus nam hierop maatregelen tegen Florence en Lorenzo werd in de ban gedaan. Toen dit niets bleek op te leveren, sloot de paus, gesteund door de adel, een militair bondgenootschap met koning Ferdinand I van Napels met de bedoeling Florence aan te vallen. Lorenzo kreeg weinig steun van zijn traditionele bondgenoten Milaan en Bologna en reisde zelf naar Napels om tot een vergelijk te komen. Het was een succesvolle diplomatieke actie en de vrede werd hersteld in 1480.

Hierna streefde Lorenzo een machtsevenwicht na tussen de noordelijke Italiaanse staten, met de bedoeling buitenlandse (Franse) invasie te kunnen weerstaan.

Op zakelijk gebied had Lorenzo geen gelukkige hand en financieel ging het dan ook minder goed met de stad. Zijn bank leed verliezen en ook zelf raakte hij in de schulden, die hij met onoorbare praktijken trachtte op te lossen.

Niettemin bereikte de Renaissance onder Lorenzo in Florence een hoogtepunt. Hij was een liefhebber van de kunsten en van de filosofie, en zelf was hij een niet onverdienstelijk dichter. Hoewel zijn financiële positie hem niet toestond zelf veel opdrachten aan kunstenaars te gunnen, zorgde hij er wel voor dat (eminente) kunstenaars als Leonardo da Vinci, Donatello, Sandro Botticelli, Domenico Ghirlandaio, Andrea del Verrocchio en Michelangelo Buonarroti de nodige ondersteuning kregen.

Tegen het einde van Lorenzo's leven werden de decadentie die Lorenzo’s huis en Florence bedreigde, de absolute macht van de Medici en afnemen van het belang van de christelijke cultuur scherp aan de kaak gesteld door de fanatieke dominicaan Girolamo Savonarola, die overigens door Lorenzo zelf naar Florence was gehaald.

Twee van Lorenzo's zonen werden later machtige pausen. Zijn tweede zoon Giovanni werd paus Leo X en zijn aangenomen zoon Giulio (een onwettig kind van zijn vermoorde broer Giuliano) werd paus Clemens VII.

Doodsmasker van Lorenzo I

Na de dood van Lorenzo in 1492 beleefden de Medici en Florence een periode van verval. Zijn zoon Piero joeg zijn erfdeel er doorheen en de macht van het geslacht nam sterk af. Florence raakte verzwakt, waardoor de reeds lang gevreesde Franse invasie werkelijkheid werd.

Piero's broer Giovanni zou het aanzien van Florence herstellen, maar de oude glorie keerde pas terug onder Cosimo I de' Medici.

Lorenzo en zijn broer Guiliano liggen samen begraven in de kapel van de Medici in de Basilica San Lorenzo in Florence. Hun tombe is gesierd met de ‘’Madonna met kind’’ van Michelangelo.

Afbeeldingengalerij[bewerken]