Bruegels schilderijen vertonen ook vaak thema’s als absurditeit en de dwaasheid van de mens. Nederlandse Spreekwoorden is daarop geen uitzondering. De originele titel van het werk was “de dwaasheid van de wereld”, wat suggereert dat Bruegel het schilderij niet bedoeld had als simpelweg een verzameling spreekwoorden maar een beeld van de dwaasheid van mensen. Veel van de mensen op het schilderij vertonen karakteristieke kenmerken waarmee Bruegel in zijn werken dwaasheid benadrukt.
| Locatie |
Spreekwoord |
Betekenis |
Locatie |
| 1 |
De duivel op het kussen binden |
Met elke man raad weten |
 |
| 2 |
Een pilaarbijter |
Een zeer schijnheilig/hypocriet persoon |
 |
| 3 |
Geloof nooit iemand die in de ene hand water en de andere hand vuur draagt |
Wees niet lichtgelovig, niet iedereen is het vertrouwen waard |
 |
| 4 |
Met het hoofd tegen de muur lopen |
Het onmogelijke proberen |
 |
| 4 |
Aan de ene voet een schoen, de ander blootvoets |
Evenwicht is voornaamst |
 |
| 5 |
Men moet de schapen scheren al naar ze wol hebben |
Niet tegen elke prijs voordeel willen nastreven |
 |
| 6 |
De een scheert schapen, de ander varkens |
Het is ongelijk verdeeld in de wereld |
 |
| 7 |
Zo mak als een lammetje |
Heel gedwee zijn |
 |
| 8 |
Zij hangt haar man de blauwe huik om |
Zij bedriegt haar man |
 |
| 9 |
Als het kalf verdronken is, dempt men de put |
Pas na een ramp wordt er actie ondernomen |
 |
| 10 |
Met moet geen rozen (paarlen) voor de zwijnen werpen |
Geld of moeite verspillen aan iets nutteloos |
 |
| 11 |
Men moet zich krommen, wil men door de wereld kommen |
Men moet er wat voor over hebben om iets te bereiken |
 |
| 12 |
Hij laat de wereld op zijn duim draaien |
Men doet alles wat hij wil |
 |
| 13 |
Ze trekken om het langst |
Ze willen beide winnen |
 |
| 14 |
Die zijn pap gemorst heeft kan niet alles weer oprapen |
Schade kan nooit geheel worden goedgemaakt |
 |
| 15 |
Liefde is waar de geldbuidel hangt |
Liefde is te koop |
 |
| 16 |
Een hark zonder steel |
Iets waardeloos
betekenis niet geheel duidelijk |
 |
| 17 |
Niet van het ene brood tot het andere weten te geraken |
Niet met geld om kunnen gaan |
 |
| 18 |
Het bijltje zoeken |
Een excuus of uitweg verzinnen |
 |
| 18 |
Zijn licht ergens op laten schijnen |
Iets duidelijk maken |
 |
| 18 |
De bijl naar de steel werpen |
Iets geheel opgeven |
 |
| 19 |
De haring braadt hier niet |
Het gaat niet zoals het zou moeten |
 |
| 19 |
De haring braden om de hom of kuit |
Iets opofferen om een kleinigheid |
 |
| 19 |
Een deksel op zijn kop hebben |
De verantwoordelijkheid voor iets nemen |
 |
| 19 |
De haring hangt aan zijn eigen kieuwen |
Men dient verantwoording te nemen voor de eigen daden |
 |
| 19 |
De rook kan het hangerijzer niet deren |
Het heeft geen zin te proberen iets dat vast staat te veranderen |
 |
| 19 |
Daar steekt meer in dan een enkele panharing |
Daar zit meer achter |
 |
| 20 |
De zeug loopt met de tap weg |
Nalatigheid is hier troef |
 |
| 21 |
De kat de bel aanbinden |
Iets al te publiekelijk ondernemen |
 |
| 22 |
Tot de tanden bewapend |
Zwaar bewapend |
 |
| 22 |
In het harnas steken |
Woedend zijn |
 |
| 23 |
De een rokkent wat de ander spint |
Roddelen |
 |
| 24 |
Het varken is door de buik gestoken |
Alles was afgesproken werk |
 |
| 25 |
Twee honden aen eenen beene, si draghen selden wel overeene |
Verbitterd om iets vechten |
 |
| 26 |
Voor God een baard van vlas maken |
Schijnheilig zijn |
 |
| 26 |
In zijn eigen licht staan |
Trots zijn op zichzelf |
 |
| 26 |
Niemand zoekt de ander in de oven, als hij er zich niet zelf in verstopt heeft |
Alleen wie zelf slecht is, denkt slecht over anderen |
 |
| 27 |
Naar het kippenei grijpen en het ganzenei laten lopen |
Een verkeerde keuze maken |
 |
| 28 |
Men kan niet gapen tegen een oven |
Het onmogelijke wordt niet van je verwacht |
 |
| 29 |
Door de mand vallen |
doorzien worden |
 |
| 29 |
Tussen hemel en aarde hangen |
In een lastige situatie verkeren |
 |
| 30 |
De hond in de pot vinden |
Te laat zijn voor het eten |
 |
| 30 |
Tussen twee stoelen in de as zitten |
Niks uitvoeren/besluiteloos zijn |
 |
| 31 |
Daar hangt de schaar uit |
Men is hier niet te vertrouwen |
 |
| 31 |
Aan een been knagen |
Langdurig vergeefs bezig zijn |
 |
| 32 |
De hennentaster |
Iemand die zich druk maakt om ongelegde eieren |
 |
| 33 |
Hij draagt de dag met manden uit |
Zijn tijd verdoen |
 |
| 34 |
Een kaars voor de duivel branden |
Bij iedereen slijmen |
 |
| 35 |
Bij de duivel te biecht gaan |
Geheimen onthullen aan de vijand |
 |
| 35 |
Een oorblazer |
Een kwaadspreker |
 |
| 36 |
De haan en de vos hebben elkaar te gast |
Twee bedriegers zijn steeds op hun eigen voordeel uit |
 |
| 36 |
Wat heb je aan een mooi bord als het leeg is? |
Lichamelijke behoeften gaan voor zintuiglijke |
 |
| 36 |
Bij iemand in het krijt staan |
Iemand iets verschuldigd zijn |
 |
| 36 |
Een schuimspaan zijn |
Een zuiplap of niksnut zijn |
 |
| 37 |
Het is gezond om in het vuur te pissen |
(betekenis niet duidelijk) |
 |
| 37 |
Hij vangt vissen met zijn handen |
Profiteren van andermans werk |
 |
| 37 |
Met hem kan men geen spies draaien |
Met hem valt niet samen te werken |
 |
| 38 |
Op hete kolen zitten |
Ongeduldig zijn |
 |
| 39 |
De omgekeerde wereld |
Niet is zoals het zou moeten zijn |
 |
| 40 |
Op de wereld schijten |
Overal maling aan hebben |
 |
| 42 |
Het is maar hoe de kaarten vallen |
Het hangt van het lot af |
 |
|
Een ei in het nest laten |
Iets op voorraad hebben |
 |
| 43 |
Daar hangt de po uit |
Het is niet zoals het zou moeten zijn |
 |
| 43 |
Tegen de maan pissen |
Iets onmogelijks proberen |
 |
|
Elkaar bij de neus nemen |
Elkaar voor de gek houden |
 |
|
De teerling is geworpen |
De beslissing is genomen |
 |
|
De gekken krijgen de beste kaarten |
Het geluk is met de dommen |
 |
|
Iets door de vingers zien |
Iets oogluikend toestaan |
 |
|
Daar hangt het mes uit |
Een uitdaging |
 |
|
Daar staan klompen |
Tevergeefs wachten |
 |
|
De bezem uitsteken |
Doen en laten wat men wil als de baas of leidinggevende er niet is. |
 |
|
Onder de bezem getrouwd zijn |
Ongetrouwd samenwonen |
 |
|
Daar zijn de daken met vlaaien bedekt |
Erg rijk zijn / overvloed hebben |
 |
|
Een gat in het dak krijgen |
Niet erg slim zijn |
 |
|
Aan een oud dak moet je veel herstellen |
Verouderde zaken vergen nu eenmaal onderhoud |
 |
|
Men heeft daar latten op het dak |
Er wordt afgeluisterd |
 |
|
Lachen als een boer die kiespijn heeft |
Gedwongen lachen |
 |
|
De ene pijl de andere nazenden |
Een dwaze of nutteloze daad herhalen |
 |
|
Zijn pijlen verschieten |
Te snel handelen |
 |
|
Ergens de gek mee scheren |
Iets of iemand bespotten |
 |
|
Twee zotten onder één kaproen |
Een gek is zelden alleen |
 |
|
Uit het raam groeien |
Iets niet geheim kunnen houden |
 |
|
Hij speelt op de kaak |
Zich aanstellen |
 |
|
Zodra het hek van de dam is, lopen de varkens in het koren |
Een ramp komt voort uit roekeloosheid/ Als er geen toezicht is springen kinderen of ondergeschikten uit de band |
 |
|
Hij loopt alsof hij het vuur in zijn aars heeft |
Heel hard lopen |
 |
|
Zijn huik naar de wind hangen |
Zijn mening aanpassen naar gelang de situatie |
 |
|
Pluimen in de wind waaien |
Iets doen zonder na te denken |
 |
|
De ooievaar nakijken |
Zijn tijd verdoen |
 |
|
Aan de veren kent men de vogel |
Kinderen lijken vaak op hun ouders |
 |
|
Twee vliegen in één klap slaan |
Efficiënt bezig zijn |
 |
|
Van de os op de ezel springen |
Slechte zaken doen/tegenspoed kennen |
 |
|
Hij kust het ringetje van de deur |
Zeer onderdanig zijn |
 |
|
Zijn gat aan de poort vegen |
Zich nergens zorgen om maken |
 |
|
Zijn last dragen |
Ieder heeft zijn problemen |
 |
|
De ene bedelaar ziet de ander niet graag voor de deur staan |
Bang zijn voor concurrentie |
 |
|
Achter het net vissen |
Een kans missen |
 |
|
De grote vissen eten de kleine |
De machtigen verrijken zich ten koste van de armen |
 |
|
De zon niet in het water kunnen zien schijnen |
Jaloers zijn op een ander / afgunst hebben |
 |
|
Dat hangt als een schijthuis boven de gracht |
Dat is overduidelijk |
 |
|
Hij kan door een eiken plank zien als er een gat in zit |
Hij lijkt alleen maar een wonderdokter |
 |
|
Uit hetzelfde gat schijten |
Onafscheidelijke kameraden / het met elkaar eens zijn |
 |
|
Je geld in het water gooien |
Geld verspillen |
 |
|
Een morse muur is snel afgebroken |
een slechte zaak gaat niet lang mee, of: als iets slecht gemaakt/gebouwd wordt, gaat het gemakkelijk kapot |
 |
|
Hij geeft er niet om wiens huis in brand staat, als hij zich maar aan de gloed kan warmen |
Overal voordeel mee doen, ongeacht de gevolgen voor anderen |
 |
|
De bok slepen |
Uitsloven om niks |
 |
|
Nood doet zelfs oude vrouwen rennen |
vergelijkbaar met "angst geeft vleugels" |
 |
|
Paardenkeutels zijn geen vijgen |
Uiterlijk kan bedriegen / laat je niks wijsmaken |
 |
|
Als de ene blinde de ander leidt vallen ze beiden in de gracht |
Wanneer onbekwamen andere onbekwamen adviseren, gaat het fout |
 |
|
De reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent |
Geef niet op voor het doel geheel is bereikt |
 |
|
Niemand zo fijn iets spon of het kwam aan het licht der zon |
Niets kan eeuwig verborgen blijven |
 |
|
Een oogje in het zeil houden |
Alert zijn |
 |
|
Op de galg schijten |
Nergens bang voor zijn |
 |
|
Waar aas is vliegen kraaien |
Als er iets te halen valt, staat iedereen vooraan |
 |
|
Voor de wind is het goed zeilen |
Onder gunstige omstandigheden is het gemakkelijker succes te hebben |
 |
|
Wie weet waarom de ganzen blootsvoets gaan? |
Alles heeft een reden, ook al is die niet altijd even duidelijk |
 |
|
De beren zien dansen |
Honger hebben |
 |
|
Wilde beren vertoeven graag bij soortgenoten |
Soort zoekt soort |
 |
|
De jas over de haag smijten |
Het voor gezien houden |
 |
|
Tegen de stroom is het kwaad roeien (zwemmen) |
Tegen algemene opvattingen kan men zich moeilijk verzetten |
 |
|
De kruik gaat zolang te water tot zij barst |
Alles heeft zijn beperkingen / De onvoorzichtige die niet naar goede raad wil luisteren, ondervindt daarvan vroeg of laat de gevolgen |
 |
|
Je moet niet brede riemen snijden uit andermans leer |
Het is gemakkelijk met kwistige hand te beschikken over wat een ander toebehoort |
 |
|
Een aal bij de staart hebben |
Een lastige taak ondernemen |
 |
|
Een stok in het wiel steken |
Iemand tegenwerken |
 |
|
Zorg dat daar geen zwarte hond tussen komt |
Pas op dat het niet misgaat |
 |