Peristoom

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Mossen[bewerken]

Een peristoom of mondbeslag is een onderdeel van een sporenkapsel (sporangium) van de mossen (Bryophyta). Het dient voor het uitstrooien van de sporen. Het kan bestaan uit verschillende onderdelen, waarvan de kenmerken van groot belang zijn voor de systematiek van de mossen. In een jong stadium van het kapsel wordt het peristoom bedekt door een operculum (dekseltje).

Enkele groepen mossen hebben geen peristoom, maar de kapsels openen dan op andere wijze, bijvoorbeeld door een lange spleet (bij Takakia), openscheuren of vergaan van het kapsel. Op deze manier komen ds sporen vrij. De veenmossen hebben geen peristoom, maar wel den dekseltje. Bij Tetraphis opent het kapsel bij rijpheid met vier grote tanden die op een peristoom lijken.

Aanwezige onderdelen van het peristoom kunnen zijn:

  • preperistoom (zelden aanwezig)
  • exostoom (aanwezig bij een dubbel peristoom)
  • endostoom met 8 tanden of een veelvoud daarvan.

Een peristoom komt niet voor bij levermossen en hauwmossen.

Malacologie[bewerken]

Bij gastropoda is het peristoom of mondrand de rand van de mondopening van het slakkenhuisje. Het peristoom kan continu zijn, dat wil zeggen is zonder onderbreking te vervolgen, of discontinu. Een discontinu peristoom is meestal onderbroken aan de pariëtale zijde van de mondopening. In dat geval is de aanhechting aan de voorlaatste winding zodanig dat geen rand meer te onderscheiden is. Zie ook: apertura (mollusken).