Pleuraal empyeem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Esculaap     Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Pleuraal empyeem
CT-thorax laat een grote rechtszijdige hydro-pneumothorax zien, ontstaan door empyeem. Pijl A: lucht, B: vocht
CT-thorax laat een grote rechtszijdige hydro-pneumothorax zien, ontstaan door empyeem. Pijl A: lucht, B: vocht
Coderingen
ICD-10 J86
ICD-9 510
DiseasesDB 4200
MedlinePlus 000123
eMedicine med/659
MeSH D016724
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Pleuraal empyeem, pleura-empyeem of empyema pleurae is een empyeem van de pleurale ruimte of pleuraholte.

Deze ziekte wordt ook wel de pyothorax of pleuritis purulenta genoemd. Meestal wordt een dergelijke infectie veroorzaakt door vanuit een ontsteking in de long (pneumonie), welke vaak gepaard gaan met het ontstaan van een parapneumonische effusie. Het empyeem kent drie fasen: exsudatief, fibrinopurulent en organiserend. In de exsudatieve fase accumuleert het vocht. Dit wordt gevolgd door de fibrinopurulente fase, waarin er binnen de pusophoping pockets ontstaan met fibrinogene schotten. In de laatste fase, de organiserende fase kan er compressie van longweefsel optreden door verlittekening van de pleuraholte.

Symptomen[bewerken]

De symptomen van een empyeem variëren in ernst. Typische symptomen zijn koorts, pijn op de borst of in de rug, hoesten, zweten en kortademigheid. Bij lichamelijk onderzoek wordt een gedempte percussie gevonden en afgenomen ademgeruis op plaats van het empyeem.

Diagnostiek[bewerken]

Het eerste diagnosticum dat gebruikt wordt is de thoraxfoto, vaak gevolgd door een CT-scan. De diagnose wordt bevestigd door het aantonen van bacteriën in het pleuravocht dat door middel van een pleurapunctie verkregen wordt. In dit vocht is er vaak een laag pH (< 7,20) en een laag glucosegehalte. Het LDH en het eiwitgehalte zijn verhoogd.

Radiology 2706 1407 empyema progression nevit.gif

Behandeling[bewerken]

De behandeling is door middel van drainage van het vocht, vaak door middel van het geven van een dikke drain. Daarnaast worden antibiotica intraveneus toegediend. Als dit onvoldoende is kan er chirurgische ontlasting noodzakelijk geacht worden.