Ravi Shankar (musicus)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Shankar in 1988

Ravi Shankar (Benares, 7 april 1920San Diego, 11 december 2012) was een internationaal bekende Indiaas musicus en sitarvirtuoos, die vooral naam heeft gemaakt als populariseerder van Indiase muziek in het Westen. Pandit Sri Sri Ravi Shankar heeft onder anderen samengewerkt met Yehudi Menuhin, Jean-Pierre Rampal, John Coltrane, Philip Glass en met The Beatles.

Biografie[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Hij werd geboren als Robindro Shaunkor Chowdhury als de jongste van zeven broers. Zijn vader, Shyam Shankar, was een advocaat, staatsman en geleerde, met wie het gezin echter niet veel contact had. Shyam Shankar trouwde met Shankar's moeder, Hemangini Devi, maar verhuisde later naar Londen waar hij werkte als advocaat. Ravi Shankar ontmoette zijn vader pas voor het eerst toen hij al acht jaar was.

In 1930 verhuisde 'Robu' naar Parijs, met het dansgezelschap van zijn oudste broer, de choreograaf Uday Shankar. Hij mag mee op tournee en leert dansen en verschillende Indiase instrumenten bespelen. Het dansgezelschap reist Europa en de Verenigde Staten rond en Shankar leert Frans en krijgt de kans de Westerse gewoontes en cultuur te ontdekken. In 1935 leert hij Ustad Allauddin Khan kennen, een muziekvirtuoos en de grondlegger van de moderne Indiase klassieke muziek, en ging zeven jaar bij hem in de leer volgens het leerling-meester-systeem op de sitar.

Carrière[bewerken]

Beginperiode in India

Ravi Shankar gaf zijn danscarrière op en ging bij Ustad Allauddin Khan in de leer. Hij bestudeerde er de Indiase klassieke muziek en leert zowel de sitar als de surbahar te bespelen. In 1939 gaf Shankar zijn eerste concert, samen met de zoon van Khan, Ali Akbar Khan.

In 1944 is de training van Shankar afgelopen en verhuist hij naar Mumbai, toen nog Bombay. Hij componeerde er muziek voor de lokale balletvereniging en werkte er zeven jaar als muziekdirecteur voor de All India Radio. In de jaren 1950 componeert hij de muziek voor de Apu-trilogie, de vermaarde filmreeks van Satyajit Ray. Het leverde hem internationale roem op.

Internationale carrière

In 1952 ontmoette hij de Amerikaanse violist Yehudi Menuhin, op wie hij diepe indruk maakte, wat het begin was van een levenslange vriendschap. In 1955 nodigde Menuhin Ravi Shankar uit om in New York een demonstratie Indiase klassieke muziek te geven. Shankar moet echter weigeren wegens huwelijksproblemen maar stuurt zijn oude vriend Ali Akbar Khan in de plaats. Khan mag samen met Chatur Lal optreden in het Museum of Modern Art en wordt de eerste Indiase klassieke muzikant die op de Amerikaanse televisie een concert geeft.

Shankar hoorde al die positieve respons en besloot in 1956 om zelf op tournee te gaan, in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en de Verenigde Staten. Dat jaar nog neemt Shankar zijn eerste album op in Londen, Three Ragas. In 1957 krijgt hij op het Internationaal filmfestival van Berlijn een Zilveren Beer voor de filmmuziek van Kabuliwala.

In de jaren '50 en '60 nam Ravi Shankar nog verscheidene albums op, de meeste in de studios van Pacific Jazz Records. Zijn muziek bereikte zo de rockgroep The Byrds, die elementen ervan gebruiken voor hun muziek. George Harrison geraakte in diezelfde periode eveneens gefascineerd door de Indiase klassieke muziek. Hij koopt een sitar en gebruikt die op Norwegian Wood (This Bird Has Flown). De Indiase muziek van Ravi Shankar inspireert daarna nog talloze muzikanten. In 1966 ontmoette Shankar George Harrison en werd hij een bekend persoon in de popcultuur, met optredens op het Monterey Pop Festival en Woodstock, en als mede-organisator van the concert for Bangladesh. In 1967 wint Shankar de Grammy Award voor beste kamermuziek, voor zijn samenwerking met Yehudi Menuhin, West Meets East. In 1972 wint hij zijn tweede Grammy, deze keer wordt the concert for Bangladesh verkozen tot album van het jaar.

In de jaren 1970 werkten Shankar en Harrison vaak samen. Zo namen ze samen Shankar Family & Friends (1973) op en toerden ze in Noord-Amerika en Europa. Het zware tourschema werd Shankar echter te veel en in november 1974 kreeg hij een hartaanval in Chicago. In december 1974 gaf hij, op uitnodiging van toenmalig Amerikaans president Gerald Ford, een optreden in het Witte Huis. Op 9 januari 1978 trad hij ook op in De Doelen in Rotterdam.[bron?]

In 1982 werd Shankar genomineerd voor een Oscar voor Beste originele muziek voor zijn muziek bij de film Gandhi. Het beeldje gaat echter naar John Williams. Shankar bleef, ondanks hartproblemen, optreden. Hij zou nog twee maal een Grammy Award voor beste wereldmuziek winnen. In 2001 met Full Circle-Carnegie Hall en ten slotte in 2012, postuum, met The Living Room Sessions, Part 1.

Familie[bewerken]

In 1941 trouwde hij Khan's dochter, Annapurna. Zij kregen een zoon, Shebendra Shankar. Met de Amerikaanse concertpromotor Sue Jones kreeg Shankar in 1979 een dochter, Geetali Norah Jones Shankar, beter bekend als Norah Jones. Hij trouwde later met een bewonderaarster Sukanya Rajan, met wie hij in 1981 een tweede dochter kreeg, Anoushka Shankar, die ook een bekende sitarspeelster werd en al genomineerd werd voor een Grammy. Hij is ook de oom van de bekende sitarspeler Ananda Shankar.

Overlijden[bewerken]

Op 6 december 2012 werd Shankar opgenomen in het Scripps Memorial Hospital in La Jolla, San Diego wegens ademhalingsmoeilijkheden. Hij overleed aldaar op 11 december rond 16:30 plaatselijke tijd op 92-jarige leeftijd.

Onderscheidingen[bewerken]

Shankar is vele malen onderscheiden, onder meer met de hoogste Indiase burgerlijke onderscheiding Padma Vibhushan, de Franse Commandeur de l'Ordre des Arts et des Lettres (1985), de Ramon Magsaysay Award en twaalf eredoctoraten. Hij heeft ook zeven jaar in het Indiase Hogerhuis gezeten. In september 2012 ontving Shankar de hoogste civiele onderscheiding van Paraguay. Hij ontving de Nationale Orde van Merito de Comuneros. Deze prijs is aan slechts twee anderen toegekend in de 200-jarige geschiedenis van het Parlement van Paraguay. De Universidad Autónoma de Asunción in Paraguay verleende Shankar Honoris Causa vanwege zijn humanitaire werk middels zijn organisatie The Art of Living.