Rode Garde (China)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rode Garde (China)
Rode Garde (China)
Naam (taalvarianten)
Traditioneel 紅衛兵
Vereenvoudigd 红卫兵
Hanyu pinyin Hóngwèibīng
Zhuyin ㄏㄨㄥˊ ㄨㄟˋ ㄅㄧㄥ
Standaardkantonees Hong Waj Ping
Letterlijke vertaling rode (veiligheids)wachter

De Rode Garde was de jeugd van China die de ideeën van Mao Zedong verspreidde. Volgens Mao Zedong moest er afgerekend worden met het verleden, de tradities van China moesten worden vernietigd en de revolutie opnieuw worden ingezet. De Rode Garde lette er op of iedereen zich wel aan de maoïstische lijn hield zoals die onder meer in het Rode Boekje met citaten van Mao verwoord werden. Daar waar de regels niet nageleefd werden straften ze mensen, dat was tenminste de leuze waarmee ze te werk gingen. Feitelijk werd er categoriaal gewerkt, bijvoorbeeld alle docenten, professoren, kader op hun scholen en instituten werden systematisch onderworpen aan zogenaamde zelfkritiek, tegen elkaar uitgespeeld en vernederd waarna bijvoorbeeld een deel van deze 'misdadigers' gemarteld werd, in processie meegevoerd (borden dragend met hun 'misdaden'), in het openbaar voor massabijeenkomsten mishandeld of doodgeranseld en voor een ander deel verbannen werd, inclusief hun familie, naar zogenaamde 'Kaderscholen' op het platteland. Vaak werden deze kampen Kaderscholen van de 7e Mei genoemd waar de bewoners 'opgevoed' werd tot de zuivere maoïstische lijn van communisme, waar ze zelf voedsel moesten verbouwen in lange zware werkdagen, het voedselrantsoen zo beperkt was dat vaak gras, boomwortels en boomblad aan het 'menu' toegevoegd werd, en men meestal meerdere malen per dag ideologisch geschoold werd, openlijke zelfkritiek verplicht was etc.
De Rode Gardisten, zoals ze genoemd werden, werden door een kleine groep partijleiders zelf aangespoord om systematisch op zoek te gaan naar 'antirevolutionaire' elementen en hebben jarenlang terreur uitgeoefend tegen hun docenten, ouders, de oude partijkaders en iedereen die er ook maar van verdacht werd de zogenaamde ‘kapitalistische weg’ te volgen. Zo was iedereen die oudere literatuur of westerse boeken bezat ervan verdacht tot de ‘kapitalistische-weggers’ te behoren en werd dan ‘behandeld’. Huizen werden doorzocht (lees: geplunderd en vernield) op dit soort werken en hun bewoners vernederd, verbannen of erger.
De Rode Garde ontstond tijdens de Culturele Revolutie en ontving haar opdrachten van de Kleine Groep Voor de Culturele Revolutie, door Mao opgericht in mei 1966 om het land weer terug te brengen naar de zuivere lijn van het maoïsme.
De Rode Gardisten staken zich al gauw in legeruniformen met rode armband of tenminste in legerkleurige kleding met zware koppel die onmisbaar was om de 'Vijanden van het Volk' mee af te kunnen ranselen. Mao moedigde ze persoonlijk aan om geweld en terreur te gebruiken bij hun acties. Ze werden ter aanmoediging vanuit het hele land (gratis) aangevoerd naar Peking waar ze vrijwel dagelijks toegesproken werden op het Tiananmen-plein vanaf de grote poort van de 'Verboden Stad', vaak door Mao Zedong en andere leden van de Kleine Groep Voor de Culturele Revolutie. Daarna werden ze in bussen en open vrachtwagens, revolutionaire liederen zingend en zwaaiend met rode vaandels met Maoïstische leuzen als opschrift, teruggevoerd naar hun eigen steden en dorpen om daar met toegenomen ijver de gewenste terreur uit te oefenen.

Toen de belangrijkste doelen van de Culturele Revolutie bereikt waren, moesten de Rode Gardisten intomen, omdat de productiviteit nogal afnam door deze grote onrust en het afnemende leiderschap op alle niveaus in heel China. Het bleek voor de Klein Groep niet eenvoudig te zijn om het geweld en de autonomie van deze Rode Garde in te dammen. Daartoe moest in een aantal gevallen het Volksleger ingezet worden en een groot aantal Rode Gardisten werd verbannen of overgeplaatst naar andere steden en dorpen.

Zie ook[bewerken]