Somnium Scipionis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Somnium Scipionis (Latijn: de droom van Scipio) is een werk van Cicero, afkomstig uit De re publica, VI, paragraaf 9 tot 29.

Cicero sluit net als Plato zijn werk over de ideale staat af met een verhaal over de beloningen in het hiernamaals voor een rechtvaardig leven. Bij Plato is de bron van het relaas de soldaat Er, die tijdens een bijna-doodervaring een kijkje in de andere wereld heeft kunnen nemen; bij Cicero gaat het verhaal terug op een droom van Publius Scipio Aemilianus, de triomfator in de oorlog tegen Carthago (146 v.Chr.). Beide verhalen spreken van een prachtig uitzicht op sterren en planeten, van de harmonie der sferen en de onsterfelijkheid van de ziel; bij Cicero ontbreekt echter de gedachte aan wedergeboorte, de eigen keuze voor een nieuwe reïncarnatie en de stroom der vergetelheid.

De Romeinse staatsman, die zelf gepreoccupeerd was met zijn roem, benadrukt dat aardse roem slechts tijdelijk en plaatselijk is. Dat mensen als hij in de hemel thuishoren, blijkt uit de passage: omnibus, qui patriam conservaverint, adiuverint, auxerint, certum esse in caelo definitum locum, ubi beati aevo sempiterno fruantur ("voor allen die hun vaderland hebben behoed, geholpen en vergroot is in de hemel een vaste plaats afgebakend, waar de gelukzaligen een eeuwigdurend leven genieten", De rep. VI, 13).

Zo beschrijft Cicero zichzelf geregeld in zijn brieven en redevoeringen.

De beknoptheid, de stichtelijkheid en het eenvoudige maar verzorgde Latijn maken het Somnium tot geschikte lectuur voor gymnasiasten.

Mozart heeft het Somnium Scipionis naar het libretto van Pietro Metastasio op muziek gezet: Il sogno di Scipione, KV126 (1772).

Externe link[bewerken]