Stikstofgebrek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Stikstofgebrek bij stoksperzieboon

Stikstofgebrek in planten treedt op als de plant niet voldoende stikstof kan opnemen uit de bodem. De oorzaak kan zijn dat er te weinig stikstof in de grond voorkomt of dat door koude of zuurstofgebrek in de grond, onder bijvoorbeeld natte omstandigheden, de plant de stikstof niet kan opnemen. Op ondergeploegd stro of strorijke stalmest kunnen de bacteriën die hierop groeien zoveel stikstof opnemen dat er voor de plant onvoldoende overblijft.

Doordat stikstof gemakkelijk door regen uitspoelt, treedt op doorlaatbare gronden, zoals zandgronden eerder stikstofgebrek op dan op kleigronden.

Meestal kleuren de bladeren lichtgroen tot lichtgeel. Bij kool echter treedt paarsverkleuring op. Daarnaast treedt minder groei op. Aan de oudste bladeren is stikstofgebrek het eerste te zien, omdat de plant de stikstof aan deze bladeren onttrekt en het naar de jonge bladeren en groeipunten transporteert.

Stikstofgebrek remt de vorming van bladgroen terwijl het aanwezige bladgroen in de oudste bladeren wordt afgebroken. Daarnaast wordt de vorming van eiwitten vertraagd.

Stikstofgebrek kan tegengegaan worden door een bemesting met een snelwerkende nitraathoudende kunstmest, zoals chilisalpeter of kalksalpeter. Planten reageren zeer snel op deze bemesting.

Zie ook[bewerken]

Fotogalerij[bewerken]

Stikstofgebrek bij suikerbiet door wateroverlast
Paarse bladkleur bij bloemkool door stikstofgebrek