Bloemkool
| Bloemkool | |||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bloemkool | |||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | |||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
| Variëteit | |||||||||||||||||||
| Brassica oleracea convar. botrytis var. botrytis |
|||||||||||||||||||
| Bloemkool | |||||||||||||||||||
| Paarse bloemkool | |||||||||||||||||||
| Paarse bladkleur door stikstofgebrek | |||||||||||||||||||
| Weeuwenplanten half december; rechts bloemkool, links broccoli | |||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||
Bloemkool is een groente die hoort bij het geslacht kool uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae). De botanische naam voor bloemkool is Brassica oleracea convar. botrytis var. botrytis. De bloemkool bestaat uit nog ongedifferentiëerde bloemknoppen, dit in tegenstelling tot broccoli. Er zijn bloemkoolrassen met witte, paarse, oranje of groene bloemkolen.
Inhoud |
Teelt [bewerken]
De teelt in Nederland vindt vooral plaats in De Streek (regio West-Friesland, Noord-Holland ), in de omgeving van Barendrecht, op de Zuid-Hollandse eilanden en rondom Venlo. Winterbloemkool wordt vrijwel uitsluitend in Zeeland, op de Zuid-Hollandse eilanden en in De Streek geteeld, omdat elders de kans op uitvriezen te groot is.
Bloemkool vraagt een flinke bemesting, omdat anders de kans op te vroege koolvorming, de zogenaamde boorders, bestaat.
Zodra de kool te zien is moet deze bedekt worden met blad, omdat anders de kool niet mooi wit blijft maar bruinachtig geel verkleurt.
Teeltwijzen [bewerken]
Er worden de volgende teeltwijzen onderscheiden:
- Winterteelt onder glas met oogst in maart
- Winterteelt buitenteelt met oogst in april en mei
- Weeuwenteelt met oogst in juni. Deze teelt wordt echter bijna niet meer toegepast.
- Vrijsterteelt of vroege teelt met oogst in eind juni tot en met begin juli
- Zomerteelt met oogst in juli, augustus en september
- Herfstteelt met oogst in oktober tot december
Voor de vroege teelt worden rassen met een korte groeiduur gebruikt. De rassen voor de late herfstteelt hebben de langste groeiduur, van 130 tot 190 dagen. Het oude ras Alpha voor de vroegste teelten, dat door de volkstuinder veel wordt gebruikt heeft een korte groeiduur. In de beroepsteelt worden overwegend hybriderassen gebruikt.
Weeuwenteelt [bewerken]
Bij deze teeltwijze wordt begin oktober gezaaid en zodra het eerste ware blaadje zichtbaar is verspeend in bloempotten van 10 cm doorsnede onder platglas. Hoe groter de pot des te minder kans op te vroege koolvorming, boren genoemd, in het voorjaar. De hele winter worden ze vorstvrij gehouden door noppenfolie en/of rietmatten en bij zeer strenge vorst ook nog met dubbele ramen platglas. Half maart tot half april worden ze buiten uitgepoot.
Vrijsterteelt [bewerken]
Bij deze teeltwijze wordt in januari/februari in de warme kas gezaaid en half april/begin mei buiten uitgepoot.
Inhoudsstoffen [bewerken]
100 gram verse bloemkool bevat:
| Energetische waarde | 95 kJ |
| Koolhydraten | 3 gram |
| Eiwit | 2 gram |
| Vet | 0,3 gram |
| Vitamine C | 80 mg |
| Vitamine B1 | 0,05 mg |
| Vitamine B2 | 0,07 mg |
| Caroteen | 0,03 mg |
| Calcium | 20 mg |
| IJzer | 0,5 mg |
Kwaliteit [bewerken]
Bij bloemkool kan door slechte groeiomstandigheden, zoals vochttekort of hoge temperaturen tijdens de groei, doorwas en schift optreden, waardoor de kool er harig uitziet. Bij doorwas groeien de doorgaans witgekleurde schutblaadjes door de kool. Bij schift komen de bloempjes te vroeg uit het bloemscherm tevoorschijn. Te veel zon op de kool zorgt ervoor dat de kool een gele kleur krijgt. Dit wordt voorkomen door het gewas over de kool te binden. [bron?]
Gebruik [bewerken]
Bloemkool wordt doorgaans gekookt gegeten, maar is ook als rauwkost eetbaar. Koken neemt 10 tot 20 minuten in beslag, afhankelijk van de gewenste hardheid van het eindresultaat en de afmeting van de bloemkool. Ook is het mogelijk de bloemkool te frituren door deze eerst door een bloempapje te halen waar kruiden door zijn gedaan. Ongeveer 4 minuten op 190 C°.
Ziekten en beschadigingen [bewerken]
Buiten Noord-Holland is knolvoet (Plasmodiophora brassicae) de belangrijkste ziekte. Daarnaast zijn de schimmelziekten vallers en kankerstronken veroorzaakt door Phoma lingam en valse meeldauw (Peronospora parasitica) van belang. Aantasting door valse meeldauw veroorzaakt zwartverkleuring van de kool.
De bacterieziekte Xanthomonas campestris veroorzaakt zwartnervigheid.
Rupsaantastingen door o.a. het Groot koolwitje, Klein koolwitje, koolbladroller, kooluil en koolmot komen veelvuldig voor. Daarnaast komt vaak aantasting voor van de koolvlieg, de koolgalmug en de melige kooluis.
Een niet parasitaire afwijking is waterziek, dat zich uit in glazige en later bruinwordende vlekken op de kool.
Zie ook [bewerken]
| Wikibooks Kookboek bevat een recept voor Bloemkool. |
| Wikibooks heeft een studieboek over dit onderwerp: Ecologisch tuinieren. |
| Zie de categorie Brassica oleracea var. botrytis van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |