Suborbitale ruimtevlucht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De X-15

Een suborbitale ruimtevlucht is een ruimtevlucht waarbij het ruimtevaartuig wel de ruimte bereikt maar weer terugkeert naar de Aarde voordat het één omloop rond de planeet heeft uitgevoerd. Het ruimtevaartuig passeert hierbij de Kármánlijn, (de grens tussen de dampkring en de ruimte op 100 kilometer hoogte boven zeepeil) en valt vervolgens weer terug naar de Aarde.

Tijdens een suborbitale ruimtevlucht volgt een ruimtevaartuig een ellipsbaan die de Aarde snijdt, waardoor geen volledige omloop rond de Aarde plaatsvindt.

Sommige suborbitale ruimtevluchten zijn testvluchten, maar er zijn ook vaartuigen die speciaal ontworpen zijn voor suborbitale ruimtevluchten, zoals de X-15 en SpaceShipOne en de onbemande intercontinentale ballistische raketten.

De bemande suborbitale ruimtevluchten waren in chronologische volgorde:

In de toekomst kunnen suborbitale ruimtevluchten worden ingezet voor ruimtetoerisme en intercontinentale vluchten. Onderzoek heeft uitgewezen dat een intercontinentale vlucht via de ruimte maar één uur zou kosten. Zulke vluchten hebben echter zo'n hoog prijskaartje dat het onwaarschijnlijk is dat deze in de nabije toekomst zullen worden gerealiseerd. Het bedrijf Virgin Galactic wil in de nabije toekomst beginnen met commerciële suborbitale ruimtetoerismevluchten. Het ruimteschip SpaceShipTwo van Virgin Galactic is in ontwikkeling.

Het Airborne Science Program is een onderzoeksprogramma van de Amerikaanse overheid dat suborbitale ruimtevluchten uitvoert met ER-2-vliegtuigen, een aangepaste versie van het spionagevliegtuig Lockheed U-2. Het programma wordt geleid door het Dryden Flight Research Center van de NASA bij Edwards Air Force Base in Californië.