Tantamani

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tantamani
voor 664 - 653 v.Chr.
Farao van de 25e Dynastie
Periode ca. 664 - 655 v.Chr.
Voorganger Taharqa
Opvolger Psammetichus I
Vader Shabaka
Moeder Qalhata
Tantamani in Egyptische hiërogliefen
serekh of Horusnaam
G5
V29 mr
t
Srxtail.jpg
Nebtynaam
G16
N5 E10 D28
Z1
praenomen of troonnaam
M23
t
L2
t
Hiero Ca1.svg
ra E1 kA
Hiero Ca2.svg
nomen of geboortenaam
G39 N5
 
Hiero Ca1.svg
i mn
n
N17
n
wA ti
Hiero Ca2.svg
Portaal  Portaalicoon   Egyptologie

Tantamani, ook Tandaname (Assyrisch), Tanwetamani (Egyptisch) of Tementhes (Grieks) (664-656 - 653 v.Chr.) was de laatste farao van de 25e Dynastie in de Egyptische Oudheid.

Biografie[bewerken]

Tantamani was de zoon van farao Shebitku en een neef van zijn voorganger Taharqa. Zijn voornaam was Bakara. Na de Assyrische inval en de verdrijving van Taharqa hadden de Assyriërs Necho I als enige wettige farao van Egypte aangeduid waardoor de Nubische farao's uitgesloten werden van de troon. Als reactie hierop trok Tantamani ten strijde tegen Necho en veroverde hij heel Egypte, waarbij Necho de dood vond.

De Assyrische koning Assurbanipal leidde zijn leger toen naar Egypte om een einde te maken aan de machtswellust van Tantamani en veroverde Egypte tot Thebe, waar hij Psammetichus I aanstelde als farao.

Desalniettemin had Tantamani nog steeds een sterke invloed over Opper-Egypte tot Psammetichus' vloot in 656 v.Chr. Thebe vreedzaam overnam en de Koesjitische vorst definitief naar Nubië verbande, waar hij nog 3 jaar tot zijn dood regeerde. Na Tantamani's regering zouden de Nubiërs nooit meer een poging doen Egypte te veroveren waardoor de 25e Dynastie eindigde.

Bouwwerken[bewerken]

  • Tantamani bouwde een piramide in El-Kurru[1]
  • Er is een standbeeld van hem gevonden in Kerma[2]

Noten[bewerken]

  1. T. Benderitter, The tombs of Tanutamen and his mother Qalhata at el-Kurru, Sudan, Osirisnet.net (2007). Vgl. László Török, The Kingdom of Kush. Handbook of the Napatan-Meroitic Civilization, Leiden - New York - Keulen, 1997, p. 143.
  2. J. Kamil, Recensie van C. Bonnet - D. Valbelle, The Nubian Pharaohs: Black Kings on the Nile, Caïro, 2006, in Al-Ahram Weekly 870 (2007).