The Last Samurai

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
The Last Samurai
Regie Edward Zwick
Producent Tom Cruise
Tom Engelman
Marshall Herskovitz
Scott Kroopf
Paula Wagner
Edward Zwick
Scenario Verhaal
John Logan
Screenplay
John Logan
Edward Zwick
Marshall Herskovitz
Hoofdrollen Tom Cruise
Shin Koyamada
Timothy Spall
Ken Watanabe
Billy Connolly
Tony Goldwyn
Hiroyuki Sanada
Koyuki Kato
Shichinosuke Nakamura
Muziek Hans Zimmer
Montage Victor du Bois
Steven Rosenblum
Cinematografie John Toll
Distributie Warner Bros.
Première 8 januari 2004
Genre Avontuur, actie, drama, oorlog
Speelduur 154 minuten
Taal Engels, Japans, Frans
Land Verenigde Staten/Nieuw-Zeeland
Budget $140 miljoen
Nominaties 3 Academy Awards
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

The Last Samurai is een film met Tom Cruise die in Nederland uitkwam op 8 januari 2004. Cruise speelt een Amerikaanse legerkapitein die in Japan door samoerai wordt gevangengenomen. Hij wordt opgenomen in de samoeraisamenleving en besluit om aan hun zijde mee te vechten. Muziek is van Hans Zimmer. De film tekent zich door mooie plaatjes van het natuurrijke Japan hoewel het grotendeels in Nieuw-Zeeland gedraaid is. De Satsuma-opstand diende als basis voor de film, hoewel het verhaal voor de film sterk is aangepast.

Rolverdeling[bewerken]

Ken Watanabe Katsumoto
Tom Cruise Nathan Algren
Shin Koyamada Nobutada
Shichinosuke Nakamura Keizer Meiji
Masato Harada Omura
Timothy Spall Simon Graham
Billy Connolly Zebulon Grant
Tony Goldwyn Kolonel Bagley
Hiroyuki Sanada Ujio
Koyuki Kato Taka


Plot[bewerken]

De verlopen U.S. Army Captain Nathan Algren (Tom Cruise) wordt door zijn voormalig overste, Colonel Bagley (Tony Goldwyn) meegevraagd om in het zich modernizerende Japan te helpen een leger op touw te zetten, onder impuls van de machtige politicus en zakenman Omura (Masato Harada), die zijn machtspositie uit wil breiden. Daarbij staan enkele rebellerende Samoerai, onder leiding van Minister Matsumoto (Ken Watanabe) hem in de weg. Indien de Amerikanen hem willen bijstaan en het leger formeren, zou Omura de Amerikanen helpen een zeer lucratief handelsverdrag te sluiten met keizer Meiji (Shichinosuke Nakamura). Algren, in geldnood, aanvaardt het voorstel, met als bonus Bagley 'gratis' om te brengen. In Japan toont Algren zich een ruwe drilmeester die met onorthodoxe manieren aantoont dat het leger nog verre van klaar is de strijd aan te binden ondanks aandringen van Omura die de rebellie zo snel mogelijk de kop ingedrukt wil zien. toch wordt het leger ingezet, met desastreuze gevolgen: de samoerai decimeren het leger in geen tijd. Algren vecht als een leeuw, daarbij zonder het te weten een visioen van rebellenleider Katsumoto uit doen komend. Zwaargewond wordt Algren gevangen genomen, terwijl de Japanse officier, die het gevecht eveneens had overleefd, Seppuku pleegt. Gedurende weken vecht Algren tegen zijn verwondingen en de bijbehorende deliria, waarbij hij zich de strijd met Generaal Custer herinnert en hoe het zijn leven voorgoed veranderde. Pas later is hij voldoende ontnuchterd en aangesterkt om terug rond te beginnen lopen en met Katsumoto ettelijke gesprekken heeft. Hoewel hij eerst zeer strijdvaardig overkomt ten aanzien van zijn bewakers en de overige samoerai, begint Algren hun cultuur, taal en gebruiken eigen te maken en begint zich de logica achter zijn originele opdracht in vraag te stellen. Zelfs jegens zijn gastvrouw Taka (Koyuki Kato) begint hij zich beter te gedragen, zelfs wanneer Algren te horen krijgt dat het haar echtgenoot was die hij gedood had. Tijdens zijn verblijf leert Algren ook de krijgskunde van de Japanners en tot ieders verbazing slaagt hij er zelfs in een gelijkspel tegen Katsumoto's beste krijger af te dwingen, en biedt hij zijn verontschuldigingen aan bij Taka, die echter meer moeite heeft met de westerse gewoonten te vatten dan Algren de hare. Bij het ontluiken van de lente laat Katsumoto weten dat hij ontboden is door de keizer en vraag Algren mee te gaan om hem in Tokio vrij te laten, hem niet langer als een vijand beschouwend. De avond voor het vertrek nemen allen nog deel aan een Japanse mime-toneelstuk, wanneer ze door in het zwart geklede figuren overvallen worden: Ninja. Algren springt mee in de bres en, gewapend met de katana die aan de dode echtgenoot toebehorend van Taka (die haar oudste zoontje eerst zelf wilde hanteren), weet hij Taka en de kinderen van een gewisse dood te redden.

In Tokio, enkel dagen later, valt op hoezeer de situatie veranderd is: Algren weigert een drankje van Omura en overweegt te vertrekken, niet langer in zijn missie gelovend. Sterker nog, wanneer hij ziet hoe ze Nobutada (Shin Koyomada) behandelen, en hoort hoe Matsumoto door Omura te schande wordt gemaakt, besluit hij in actie te komen. En op tijd ook, want Omura wil Katsumoto uitschakelen door hem seppuku te laten plegen. Met een list en na, in een flitsend duel met diverse van Omura's handlangers, van de diensten van Simon Graham (Timothy Spall) zich verzekerend van toegang tot Kastumoto te bekomen, weten ze de gevallen samoerai te bevrijden, echter met een hoge prijs, want Nobutada sneuvelt in een wanhopige poging zijn vader te ontzetten. Terug in hun dorp, maken de samoerai zich gevechtsklaar. Algren wacht een verrassing: Taka, in traditionele kimono, biedt aan het rode harnas van wijlen haar echtgenoot aan hem toe te kennen en begint hem in de ingewikkelde kledij en pantster te helpen, hierbij enkele gestolen momenten van liefde (en een kus) delend. Tot ieders goedkeuring komt Algren in de wapenrusting de groep vervoegen, als Katsumoto hem nog een geschenk toekent: een gloednieuwe katana, met een japans opschrift, dat, volgens Katsumoto de 'verbintenis tussen Oost en West: de oude wegen die voortzetten in de nieuwe' betekent. In een veld enkele kilometers verderop treffen beide kampen elkaar: Omura en Bagley (met de eerste in een naar Unionistische stijl aangemeten uniform)en Katsumoto en Algren. Er kan geen vergelijk komen, dus wordt het met de wapens beslecht. Omura laat beschieten met artillerie, wat uiteindelijk de rebellen lijkt te verjagen. Overmoedig ordert Omura de grondtroepen in achtervolging, die echter over de heuvelrug in een goed voorbereide val lopen en haast allemaal van kant worden gemaakt. Wanneer de rebellen weer het veld op stormen laat Omura, tot ongenoegen van Bagley, bevelen de Gatlings te gebruiken en in een hagel van kogels worden de rebellen, tot ieders afschuw, kansloos neergeschoten. Katsumoto, dodelijk gewond, vraagt Algren hem eervol te helpen sterven, gebruik maken van diens Tanto. Juist als hij sterft ziet Katsumoto de perfecte bloesem...

Enkele dagen later vraagt een nagenoeg herstelde Algren audiëntie bij de keizer en, ten aanzien van alle aanwezigen, krijgt hij de keizer eindelijk zover dat deze zelf reageert en zowel Omura als de Amerikaanse ambassadeur op hun plaats laat zetten. Aan Alrgren vraagt keizer Meiji tot slot hoe Katsumoto stierf. In respect voor de tradities, antwoordt Algren dat hij de keizer zal vertellen, hoe Matsumoto heeft geleefd.

De film eindigt met Algren die terug keert naar het dorp van Katsumoto, tot verbazing van allen, maar tot het geluk van Taka en haar kinderen...

Muziek[bewerken]

De originele soundtrack The Last Samurai werd gecomponeerd door Hans Zimmer en bevat de volgende nummers:

  1. A Way Of Life (8:03)
  2. Spectres In The Fog (4:07)
  3. Taken (3:35)
  4. A Hard Teachter (5:44)
  5. To Know My Enemy (4:48)
  6. Idyll's End (6:40)
  7. Safe Passage (4:56)
  8. Ronin (1:53)
  9. Red Warrior (3:56)
  10. The Way Of The Sword (7:59)
  11. A Small Measure Of Peace (7:59)
  12. The Final Charge (4:39) - Bonus

Externe link[bewerken]