Theelichtje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Brandende theelichtjes
De term theelichtje wordt ook gebruikt om het complete theekomfoortje mee aan te duiden

Een theelichtje of waxinelichtje is een kleine kaars met een brandtijd van ongeveer 4 uur. Het grote verschil met een gewone kaars is dat een metalen omhulsel het geheel omsluit omdat de brandstof geheel vloeibaar wordt. Verder zorgt een metalen plaatje ervoor dat de lont niet gaat drijven. Ze zijn ontworpen om lang te branden, niet om veel licht te geven.

Theelichtjes zijn in Nederland geïntroduceerd door Ericus Gerhardus Verkade. Hij had het patent op theelichtjes gekocht van zijn schoonzoon, de Engelsman Morris Fowler. Verkade begon in 1898 met de productie van waxine thee- en nachtlichten van paraffinewas. In eerste instantie werden de lichtjes helemaal niet zo goed verkocht, maar uiteindelijk zou Verkade ze toch ruim negentig jaar produceren. In 1991 werd de waxinefabriek door Verkade verkocht aan kaarsenmaker Bolsius Groep.

Waxine was aanvankelijk een merknaam die was ontstaan door samentrekking van de Engelse woorden wax en paraffine. In de loop der tijd heeft het woord zich in Nederland echter ontwikkeld tot een soortnaam; waxine staat als zodanig al sinds 1984 in de Grote Van Dale. In Vlaanderen wordt het begrip minder gebruikt. Daar spreekt men eerder van theelichtje, theekaarsje of waslichtje.

Theelichtjes werden vroeger vooral gebruikt om de thee warm te houden. Daarbij werden ze in een klein rechaudje geplaatst, dat op zichzelf metonymisch ook een theelichtje wordt genoemd.

Als een theelichtje brandt, bereikt de waxine al snel het smeltpunt van 60 graden, waarbij de waxine vloeibaar wordt. Het is belangrijk dat het theelichtje niet aan externe warmtebronnen wordt blootgesteld en zijn warmte kwijt kan, want als de temperatuur 370 graden celsius bereikt, wordt de waxine gasvormig en kunnen grote steekvlammen ontstaan.

Tegenwoordig worden waxinelichtjes veel gebruikt voor de sier als alternatief voor kaarsen tijdens de wintermaanden en vooral rond Kerst in vele soorten veelal glazen waxinelichthouders.

In het Tibetaans boeddhisme worden vergelijkbare kaarsjes gebruikt, boterkaarsjes genoemd, die traditioneel van jakboter werden gemaakt.