Thixotropie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Thixotropie (soms gespeld als tixotropie of thyxotropie) of pseudoplasticiteit is de eigenschap van een niet-newtonse vloeistof, waarbij de viscositeit bij een constante schuifspanning door de tijd afneemt. Na het opheffen van de schuifspanning keert de beginviscositeit weer terug. De term thixotropie is afgeleid van de Griekse woorden "thixis",dat staat voor aanraking en "tropos", dat staat voor bewegen of mengen.

De afname van viscositeit wordt veroorzaakt doordat de samenstellende deeltjes zich evenwijdig aan de opgelegde afschuifspanning gaan oriënteren. Het begrip is afkomstig van Herbert Freundlich, onderzoeker naar de grondbeginselen van de colloïdchemie.

Het tegengestelde van thixotropie is reopexie. Reologie is de wetenschap die zich bezighoudt met de vervormings- en vloei-eigenschappen van vloeistoffen.

Veel gels en colloïden zijn thixotroop.

Voorbeelden van thixotrope vloeistoffen[bewerken]

Thixotropie verklaart en voorspelt bepaalde gedragingen (faseovergangen) van sommige natuurlijke materialen (slib, klei, sedimenten, drijfzand).
  • Ketchup moet eerst geschud worden, voordat het uit de fles loopt.
  • Tandpasta moet, wanneer het uit de tube geperst wordt, op de tandenborstel blijven liggen. De relaxatietijd is hier echter zeer kort.
  • Spuitlak moet na het spuiten snel dikvloeibaar worden, terwijl het tijdens het verspuiten zeer dunvloeibaar is.
  • Drukinkten worden door roeren, schudden, omspatelen of uitsmeren van een pasta-achtige consistentie omgezet in een vloeibare.
  • Boorvloeistof voor diepboringen wordt rondgepompt door het boorgat en brengt het boorgruis naar boven. Door de thixotropie van de boorvloeistof wordt dit boorgruis niet opnieuw het boorgat in gezogen.
  • Thixotropie kan bij kleiige bodems en sedimenten een belangrijke rol spelen. Bekend is de thixotrope eigenschap van klei bij het kneden.
  • Sommige lijmen worden als thixotrope vloeistof beschreven

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]