Trog (geografie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schematische weergave van de vorming van troggen (trench).

Een trog is een smalle, erg diepe kloof in de zeebodem, die ontstaat bij destructieve plaatranden. Hierbij duikt de ene tektonische plaat onder de andere (subductie). De zwaardere subducerende plaat verdwijnt in de aardmantel. Aan het oppervlak ontstaat een diepe langgerekte depressie die men een trog noemt. Het diepste punt van een trog wordt een zeediepte genoemd.

De laagste bekende punten in de wereld zijn de zeediepten van de diepzeetroggen, met de Vitjazdiepte 1 in de Marianentrog als diepste: 11.035 m onder zeeniveau. Minder diep, maar nog diep genoeg dat er geen licht meer doordringt zijn Abyssaals die een diepte hebben tussen de 2000 en 6000 meter. Er bestaan 31 diepe troggen, waarvan 24 in de Grote Oceaan gelegen zijn. De diepste troggen zijn 8 à 10 km diep en relatief nauw (minder dan 100 km breed). De Peru-Chilitrog is met een lengte van 5.900 km de langste trog.

Bouw[bewerken]

De plek in de aardkorst waar de ene tektonische plaat onder de andere beweegt wordt een subductiezone genoemd. Men spreekt van een "overrijdende" plaat voor de subductiezone en een "subducerende" plaat achter de subductiezone. Subductiezones bevinden zich onder destructieve plaatgrenzen zoals onder vulkanische eilandbogen of langs de randen van continenten. Bij de plaatgrens zelf ontstaat een depressie in het aardoppervlak: een trog. De beweging tussen de twee platen zorgt ervoor dat materiaal van de subducerende plaat wordt afgeschraapt. Dit materiaal stapelt zich wig-vormig op in het gebied voor de subductiezone, waar een accretiewig ontstaat.

De subducerende plaat bevat gesteente waarin door aanraking met oceaanwater water is opgenomen. Dit gesteente heeft een lagere smelttemperatuur, en als de plaat de mantel induikt en opwarmt zal het beginnen te smelten, zodat magma gevormd wordt. Dit magma verzamelt zich in reservoirs onder het gebied dat achter de plaatgrens ligt. Tenslotte kan het opstijgen tot het aardoppervlak, waardoor een rij vulkanen ontstaat: een vulkanische boog. Als de overrijdende plaat oceanisch van aard is, zal de boog in zee liggen en de vulkanen eilanden vormen. Dit noemt men een eilandboog. Voorbeelden hiervan zijn de Filipijnen, de Soenda-eilanden (Indonesië) en Japan.

De ruimte tussen de Eilandenboog en de trog (boog-trogruimte) kan geleidelijk aan groter worden door de groeiende accretiewig. Aan de oostelijke kant van de Aleoeten is de boog-trogruimte 570 km.

Langs de zone waar de twee platen langs elkaar bewegen worden aardbevingen opgewekt. Dit seismisch actieve gebied in de aardkorst wordt de Wadati-Benioffzone genoemd. Wadati-Benioffzones zijn genoemd naar twee seismologen die onafhankelijk van elkaar de zones ontdekten: Hugo Benioff (CalTech) en Kiyoo Wadati (Japans Meteorologisch Instituut).

Fauna[bewerken]

De fauna van troggen verschilt van die van de abyssale zone erboven en onze kennis ervan is vanwege de grote diepte nog beperkt. Opvallend is dat ongeveer de helft van de soorten in een bepaalde trog nergens anders voorkomt. Lang werd gedacht dat er vanaf 6 km diepte geen vissen of tienpotigen voorkwamen, maar dit blijkt toch het geval.[1]

Overzicht van troggen[bewerken]

[bron?]

Naam Zeegebied Diepte
Marianentrog Noordelijke Grote Oceaan 10.911
Tongatrog Zuidelijke Grote Oceaan 10.882
Japantrog Noordelijke Grote Oceaan 10.554
Koerilentrog Noordelijke Grote Oceaan 10.542
Filipijnentrog Filipijnenzee 10.540
Izutrog Noordelijke Grote Oceaan 9906
Nieuwe Hebridentrog Koraalzee 9165
Nieuw-Brittanniëtrog Salomonzee 9140
Salomontrog Salomonzee 9140
Trog van Puerto Rico Noordelijke Atlantische Oceaan 8605
Yaptrog Filipijnenzee 8527
Zuid-Sandwichtrog Zuidelijke Atlantische Oceaan 8430
Palautrog Filipijnenzee 8138
Peru-Chilitrog Zuidelijke Grote Oceaan 8065
Aleoetentrog Golf van Alaska 7822
Ryukyutrog Oost-Chinese Zee 7507
Soendatrog Indische Oceaan 7455
Kaaimantrog Caraïbische Zee 7241
Zuid-Salomontrog Koraalzee 7136
Packlingtontrog Salomonzee 7021
Naresdiepte Noordelijke Atlantische Oceaan 6995
San Cristobaltrog Koraalzee 6879
Diamantinatrog Indische Oceaan 6857
Midden-Amerikatrog Noordelijke Grote Oceaan 6662
Mussautrog Noordelijke Grote Oceaan 6534
Murraydiepte Noordelijke Grote Oceaan 6474
Hilgarddiepte Zuidelijke Grote Oceaan 6469
Vematrog Indische Oceaan 6402
Hjorttrog Zuidelijke Grote Oceaan 6240
Torrestrog Zuidelijke Grote Oceaan 6061
Ulladullatrog Tasmanzee 5944
Thomsondiepte Tasmanzee 5944
Obtrog Indische Oceaan 5761
Los Roquestrog Caraïbische Zee 5630
Chagostrog Indische Oceaan 5408
Amirantetrog Indische Oceaan 5349
Havretrog Zuidelijke Grote Oceaan 5303
Huntertrog Zuidelijke Grote Oceaan 5303
Bauerdiepte Zuidelijke Grote Oceaan 5298
Vityaztrog Zuidelijke Grote Oceaan 5029
Sumatratrog Indische Oceaan 5010
Mentawaitrog Indische Oceaan 5010
Tobagotrog Noord Atlantische Oceaan 5000
Nieuw-Guineatrog Zuidelijke Grote Oceaan 5000
Zuid-Shetlandtrog Scotiazee 5000
Balitrog Indische Oceaan 4800
Bountytrog Zuidelijke Grote Oceaan 4444
Nazarethtrog Indische Oceaan 4255
Laccadiventrog Laccadivenzee 4090
Bellonatrog Tasmanzee 4000
Norfolktrog Zuidelijke Grote Oceaan 3786
Bentleydiepte Onder Antarctica 2538
Palawantrog Zuid-Chinese Zee 2000
Bonairetrog Caraïbische Zee 1902
Cariacotrog Caraïbische Zee 1902
  1. (en) Ramirez-Llodra, E.; A. Brandt et al.. Deep, diverse and definitely different: unique attributes of the world’s largest ecosystem (PDF). Biogeosciences Discussions 2409 (2010) Geraadpleegd op 7 mei 2011 "For many years, fishes and decapods were considered to be excluded from hadal settings, but recent lander-based observations reveal liparid fishes and shrimp present to depths of at least 7700m in the Pacific."