Tupolev Tu-144

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Tupolev Tu-144
Tu-144.jpg
Fabrikant Tupolev
Type(s) Tu-144, Tu-144D, Tu-144LL
Lengte 65,50 m
Spanwijdte 28,80 m
Hoogte (vanaf de grond) 10,50 m
Max. aantal passagiers 140
Leeggewicht 85.000 kg
Vleugeloppervlak 438 m²
Max. startgewicht 180.000 kg
Max. brandstof 154.000 liter
Motoren 4 x Kuznetsov NK-144
of
4 x RD-36-51
of
4 x Kuznetsov NK-321
Max. stuwkracht per motor max. 245 kN
Kruissnelheid Mach 2,35 (2500 km/u)
Kruishoogte 18.000 m
Max. reikwijdte 6.500 km
Eerste vlucht 31 december 1968
Laatste vlucht 1997 (Op 1 juni 1978 commercieel buiten dienst gesteld door Aeroflot)
Status buiten gebruik
1 taxiwaardig toestel
Aantal gebouwd 16 ( + 1 nooit voltooid exemplaar)
Portaal  Portaalicoon   Luchtvaart

De Tupolev Tu-144 (Russisch: Туполев Tу-144) (NAVO-codenaam: Charger) was het eerste supersonische passagiersvliegtuig ter wereld.

Anders dan vaak wordt gedacht, was de Concorde niet het eerste passagiersvliegtuig dat een supersonische vlucht maakte. De Russen waren de Britten en de Fransen bijna vier maanden voor met hun Tupolev Tu-144. Omdat er verhalen gaan dat deze voor een deel was nagebouwd van tekeningen die van de Fransen waren gestolen werd de Tu-144 vaak spottend Concordski genoemd. Hoewel deze spionage bewezen is, was de Tu-144 zeker geen kopie van een prototype Concorde. De grote gelijkenis is te verklaren doordat zowel de Concorde als de Tu-144 zijn gebouwd met hetzelfde doel, namelijk supersonisch passagiersvervoer bij Mach 2. Voor een dergelijk type vliegtuig is een ontwerp met deltavleugels nu eenmaal het meest economisch.

Een nadere blik op de Tupolev Tu-144 leert dat er toch wat verschillen zijn. De Tu-144 is vooral groter en sneller. Het belangrijkste verschil is dat de Tu-144 kleine vleugeltjes voorop de romp heeft (canards). Die zorgen ervoor dat de Tu-144 bij lagere snelheden kan landen. Tevens kan de Tu-144 door zijn 18 wielen tellende landingsgestel landen op onverharde banen. In het Auto & Technik Museum in Sinsheim staan zowel een Concorde als een Tupolev Tu-144 opgesteld en is het verschil goed te zien.[1]

Voorgeschiedenis[bewerken]

Prototype van de Tu-144.

In 1961 gaf de Sovjet-leider Chroesjtsjov opdracht tot het ontwikkelen van een supersonisch passagiersvliegtuig, dat de Brits-Franse Concorde moest overtreffen. Het vliegtuigontwerpbureau Tupolev werd met de uitvoering belast. De opdracht werd met succes uitgevoerd: de Tu-144 was groter, vloog iets sneller, kon 140 passagiers meenemen (de Concorde slechts 128), en het toestel was ook eerder klaar dan de Concorde. Een prototype van de Tu-144 maakte de eerste vlucht op 31 december 1968 (Concorde: 2 maart 1969), en de Tu-144 brak voor het eerst door de geluidsbarrière op 5 juni 1969 (Concorde: 1 oktober 1969). Op 26 mei 1970 voerde de Tu-144 de eerste vlucht uit die sneller ging dan Mach 2.

Exploitatie[bewerken]

De Voronezh Vliegtuigfabriek (VASO), nam het toestel in 1972 in productie. De eerste Tu-144 die VASO had afgeleverd, stortte op 3 juni 1973 neer tijdens een luchtshow in Parijs. Een Mirage III-straaljager van waaruit de Fransen foto's wilden maken, kwam op ramkoers. De piloot van de Tu-144 maakte een uitwijkmanoeuvre, maar daardoor raakte het toestel in overtrek en dook het steil naar beneden. Toen de piloot het toestel weer wilde optrekken, brak het in stukken. Alle zes bemanningsleden vonden de dood. Op de grond verloren acht personen het leven en 15 huizen werden verwoest. Het vertrouwen in de Tu-144 was meteen geknakt.

De eerste reguliere Tu-144-vlucht werd uitgevoerd op 26 december 1975. Als voorbereiding op passagiersvluchten werd er post en vracht mee vervoerd tussen Moskou en Alma-Ata (Kazachstan). In november 1977 gingen voor het eerst passagiers mee. De exploitatie leverde echter veel hoofdbrekens op. De Concorde werd gebruikt door een kapitaalkrachtig westers publiek dat vele duizenden dollars voor een kaartje betaalde, maar in een communistisch land was zoiets uitgesloten - een enkele reis met de Tu-144 kostte slechts 82 roebel. Bovendien was de Tu-144, anders dan de Concorde, geheel ontworpen op het vliegen met supersonische snelheid. De motoren waren hiervoor eigenlijk niet krachtig genoeg. Dus moesten de naverbranders voortdurend worden ingeschakeld, maar hierdoor werd zeer veel brandstof verbruikt.

Een ongeluk deed de Tu-144 uiteindelijk de das om. Op 23 mei 1978 raakte een Tu-144 van Aeroflot tijdens de vlucht in brand. Bij de daaropvolgende noodlanding verongelukte het toestel. De drie bemanningsleden kwamen om. Op 1 juni 1978 werd de allerlaatste passagiersvlucht met een Tu-144 uitgevoerd. De productie van het toestel ging evenwel gewoon door en werd pas in 1984 gestaakt. De laatste Tu-144 werd nooit afgebouwd en staat nog steeds bij VASO.

In totaal zijn er 17 Tu-144's gebouwd, waarvan 1 prototype, en vijf model-Tu-144D's die krachtigere motoren hadden en verder konden vliegen dan de standaardversie.

NASA[bewerken]

De Tu-144LL, let op de Amerikaanse vlag.

In 1990 benaderde Tupolev de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA met het voorstel een Tu-144 te gebruiken voor het High Speed Commercial Research-programma, dat bedoeld was om een supersonisch passagiersvliegtuig van de tweede generatie te ontwikkelen. Er kwam een overeenkomst tot stand, en in 1995 werd een Tu-144 met serienummer RA-77114 uit de mottenballen gehaald. Het toestel had slechts 82 uur en 40 minuten gevlogen. Nadat het voor 350 miljoen dollar was omgebouwd, kreeg het de typeaanduiding Tu-144LL. In 1996 en 1997 werden er in totaal 27 vluchten mee uitgevoerd. In 1999 werd het project gestaakt. De Tu-144LL zou worden verkocht, maar de Kuznetsov NK-321-motoren die er in zaten werden als strategische goederen beschouwd en mochten niet worden geëxporteerd. Daardoor ging de verkoop niet door. Het toestel staat nu bij Tupolev.

Het Auto & Technik Museum in Sinsheim bezit sinds eind 2000 een Tu-144D, die op het dak van het museum staat opgesteld. Het is het enige niet-Russische museum dat over een Tu-144 beschikt. Sinds eind juli 2003 bezit het museum tevens een Concorde. In Russische musea staan in totaal drie Tu-144's.

CCCP-77115 weer de lucht in?[bewerken]

De grondig opgeknapte CCCP-77115 gedurende MAKS-2007.

Eind 2006 is een groep Russische vrijwilligers begonnen met het opknappen van de laatst gebouwde Tu-144 met registratienummer CCCP-77115. Doel was om het toestel tentoon te stellen op de MAKS Luchtvaartshow van 2007 in Moskou. Dat doel is gehaald en tijdens de show was het toestel in staat om op eigen kracht een rondje over Luchthaven Zhukovsky te taxiën. In augustus 2007 werden voor het eerst in tien jaar de motoren van een Tu-144 opgestart.

Het restauratieteam heeft de stille hoop dat het toestel ooit terug zal keren in de lucht. De kans hierop lijkt vooralsnog echter klein door de hoge kosten die hiermee gemoeid zijn.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties