Witte kwaker
De witte kwaker is een tamme eendensoort die, zoals de naam al doet vermoeden, wit van kleur is.
[bewerken] Voeding
De witte kwaker voedt zich met steentjes en zaadjes op de grond, groenvoer (onder meer sla en vogelmuur), muggenlarven, vliegen en andere insecten, regenwormen, kleine slakken en, aangezien de witte kwaker praktisch nergens in het wild leeft, vooral eendenvoer.
[bewerken] Domesticatie
De Hollandse kwaker is een ras dat werd geselecteerd op het vermogen tot luid kwaken. Het doel van dit luide kwaken was om in eendenkooien de kooiker (eigenaar van de eendenkooi) te helpen bij het lokken van wilde eenden. De wilde eenden werden door het kooikerhondje gelokt naar de zogenaamde pijp, waarna de eenden 'de pijp uit gingen' voor de poelier. Tegenwoordig worden eendenkooien gezien als cultureel erfgoed en worden enkele locaties nog steeds gebruikt. Het doel is echter veranderd: de gevangen eenden worden met een voetring gemerkt en weer losgelaten voor vogelonderzoek. Behalve selectie op kwaakvermogen zijn ze ook geselecteerd op formaat. Hoe kleiner de eend, hoe beter. Het was immers van belang dat ze niet te veel voer aten, zodat de kosten voor de kooiker beperkt bleven. Dit verklaart waarom kwakers zo klein zijn. Later, toen de eendjes werden gehouden als hobby van liefhebbers, werden ook vele kleurslagen gefokt. Hollandse kwakers zijn sindsdien populaire hobbyeendjes die men ook vaak op tentoonstellingen tegenkomt in allerlei kleurvariaties, zoals wildkleur, meeskleur, wit, blauwwildkleur, bruinwildkleur, spreeuwkop, bont, spreeuwkop-witborst, zwart-witborst, geelblauw-wildkleur en geelbuik. De witte kwaker komt niet vaak voor, waardoor hij vrij prijzig is.
[bewerken] Van kuiken tot eend
De eieren zijn ongeveer driekwart zo groot als die van een kip en wit tot lichtgroen van kleur. De kuikens zijn kanariegeel en een zeer komisch zicht door de vreemde verhoudingen: een zeer klein lijfje met kleine vleugeltjes, grote poten met zeer grote zwemvliezen en een zeer lange snavel. Vaak worden ze een paar dagen na de geboorte gekort- of leewiekt zodat ze niet kunnen vliegen als ze opgroeien. Niet-raszuivere kuikens hebben vaak grote zwarte en zelfs bruine vlekken. De kuikens groeien snel op. Na een paar weken kunnen ze zwemmen en vrij lange afstanden stappen. Als ze hun donsveren wisselen voor hun volwassen verenkleed (een tijdje een zeer lelijk zicht) verliezen ze ook een groot deel van hun vlekken. Nu pas valt het op dat de mannetjes (woerden) veel groter zijn dan de vrouwtjes, en dat de snavel eigenlijk vrij klein is voor een eend. De witte kwaker blijft een klein type eend.