André de Ridder (auteur)
| André de Ridder | ||||
|---|---|---|---|---|
Portretfoto van André de Ridder, 1908. door Gustave Buyle | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboortedatum | 20 oktober 1888 | |||
| Geboorteplaats | Antwerpen | |||
| Overlijdensdatum | 1 juli 1961 | |||
| Overlijdensplaats | Borgerhout | |||
| Geboorteland | ||||
| Opleiding en beroep | ||||
| Werkveld(en) | creatief en professioneel schrijven,[1] biografie,[1] kunstgeschiedenis[1] | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Jaren actief | 1907 - 1948 | |||
| Geschreven voor | Rodenbachsblad | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Archieflocatie | Letterenhuis,[2][3] Mu.Zee[4] | |||
| Links | ||||
| Dbnl-profiel | ||||
| RKD-profiel | ||||
| ||||
André de Ridder (Antwerpen 20 oktober 1888 - Borgerhout 1 juli 1961), was een Belgisch econoom, romanschrijver, essayist en kunstcriticus die zowel in het Frans als in het Nederlands schreef.
Levensloop
[bewerken | brontekst bewerken]André de Ridder werd in 1924 na zijn opleiding aan de Rijkshandelshogeschool (het latere Rijksuniversitair Centrum Antwerpen) te Antwerpen gevolgd te hebben, hoogleraar statistiek en financien aan de Rijks- universiteit te Gent, de Rijkshandelshogeschool en de Koloniale Hogeschool te Antwerpen. Als econoom verdedigde hij nog de gouden standaard om inflatie te beheersen. Hij was naast zijn hoogleraarschap redacteur van het literaire tijdschrift Vlaamsche Arbeid en Den Gulden Winckel, en stichter van de tijdschriften De Boomgaard en Het Roode Zeil. De Ridder wordt beschouwd als de leider van de Boomgaardgeneratie, die Europees en kosmopolitisch wilde zijn. Hij was in de Vlaamse literatuur een pionier op verschillende gebieden. Zo introduceerde hij uit Frankrijk het dilettantisme en schreef daarnaast hij als tegenreactie op de opkomende boerenroman in de Vlaamse literatuur, verschillende romans die het grote-stadsleven uitbeelden. Tevens was hij de eerste die literaire interviews afnam (Bij Louis Couperus) en de eerste die een geromanceerde biografie in België schreef (Ninon de Lenclos, Jean de La Fontaine). Na de Eerste Wereldoorlog stichtte De Ridder het tijdschrift en galerie Sélection, die later zijn naam zou geven aan de gelijknamige beweging. André de Ridder werd ook een promotor van de expressionistische schilderkunst. Schreef als zodanig ook een aantal kunstkritieken en werkte daarbij samen met galeriehouder Paul-Gustave van Hecke.
Werken
[bewerken | brontekst bewerken]- Stijn Streuvels, zijn leven en zijn werk (1907) (Digitale versie)
- Pastoor Hugo Verriest. Biographische studie (1907) (Digitale versie)
- Onze schrijvers geschetst in hun leven en werken (1908-1909)
- Eerste bundel: Edward B. Koster, Jac. van Looy, Marie Metz-Koning, Jeanne Reyneke van Stuwe, Herman Robbers, Stijn Streuvels, Gustaaf Vermeersch (Digitale versie)
- Tweede bundel: Herman Teirlinck, August Vermeylen, Hugo Verriest, Karel van de Woestijne (Digitale versie)
- Gesprekken met den wijzen jongeling (1910)
- De koude Eroos (1911)
- Over de Jong-Weensche dichters (1911)
- Pol de Mont, André de Ridder en Gust van Roosbroeck (1911) (Digitale versie)
- Filiep Dingemans' liefdeleven (1911) (Digitale versie)
- Charles Baudelaire door André de Ridder, Gust. van Roosbroek (1912) (Digitale versie)
- De gelukkige echt van Filiep Dingemans (1912) (Digitale versie)
- De kunst om de kunst. (l'art pour l'art). Pro: André de Ridder; Contra: A. Pijnacker Hordijk (1913) (Digitale versie)
- Bij Louis Couperus (1917) (Digitale versie)
- Ninon de Lenclos en de vrouwen der XVIIe eeuw (1917) (Digitale versie)
- De gelukkige stonde (1918)
- Jean de La Fontaine, zijn vrienden en vriendinnen. Een dichtersleven in de XVIIe eeuw (1918) (Digitale versie)
- Kerstvertellingen uit Vlaanderen, naverteld door André de Ridder (1919)
- Remy de Gourmont (1919) (Digitale versie)
- La littérature flamande contemporaine (1890-1923) (1923)
- Le génie du Nord (1925)
- Anthologie des écrivains flamands contemporains, comp. et trad. par André de Ridder & Willy Timmermans (1926)
- La jeune peinture belge (1929)
- Zadkine (1929)
- Houten kruisjes door Roland Dorgelès; ingel. en vert. door André de Ridder (1930)
- James Ensor (1930)
- Valerius de Saedeleer en Zuid-Vlaanderen (1937-1938)
- William Degouve de Nuncques (1940)
- Sint-Martens-Laethem. Kunstenaarsdorp (1946)
- Oscar Jespers (1948)
- James Ensor herdacht (1950)
- Jozef Cantré (1953)
- Constant Permeke (1887-1952) (1953)
- De levende kunst gezien te Venetië. XXIV. biennale 1948, XXV. biennale 1950, XXVI. biennale 1952, XXVII. biennale 1954, XXVIII. biennale 1956. 2 delen (1958)
- De moderne kunst andermaal te Venetië ontdekt. 29e - 30e biennale 1958- 1960 (1961)
Literatuur
[bewerken | brontekst bewerken]- James Ensor. Lettres à André de Ridder (1960)
Externe link
[bewerken | brontekst bewerken]- Biografieën, werken en teksten bij de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (dbnl)
- Bibliotheek van André de Ridder bewaard in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience
- Fragment uit De Nederlandse en Vlaamse auteurs door G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse
- Vlaams expressionisme: André de Ridder & Paul-Gustave van Hecke
- 1 2 3 Nationaal Normbestand van Tsjechië; geraadpleegd op: 7 november 2022; NKC-identificatiecode: jo20221163658.
- ↑ http://www.archiefbank.be/dlnk/AE_8483.
- ↑ http://www.archiefbank.be/dlnk/AE_12546.
- ↑ http://www.archiefbank.be/dlnk/AE_8484.