Beleg van Damietta (1218)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een schip uit Haarlem doorbreekt de ketting van de haven van Damietta, schilderij door Cornelis Claesz. van Wieringen
Een Fries valt aan met een vlegel
Kruisvaart veldslagen in de Levant (1096-1303)

Eerste Kruistocht
Xerigordon · Civetot · Nicea · 1e Dorylaeum · 1e Antiochië · Ma'arrat · 1e Jeruzalem · 1e Ashkelon


Inter-kruisvaart periode
Melitene · Kruisvaart van 1101 · Harran · Artah · Ramla · 1e Tripoli · Sidon · 1e Shaizar · Al-Sannabra · Sarmin · Ager Sanguinis · Hab · Yibna · Azaz · Marj es-Suffar · Ba'rin · 2e Shaizar · Edessa · Bosra


Tweede Kruistocht
2e Dorylaeum · Ephesus · Meander · Mont Cadmus · Damascus


Inter-kruisvaart periode
Inab · Aintab · 2e Ashkalon · Kruisvaardersinvasie van Egypte · Meer van Huleh · al-Buqaia · 1e Bilbeis · Harim · al-Babein · 2e Bilbeis · 1e Damietta · Montgisard · Marj Ayyun · Jakobs Voorde · kasteel Belfort · Al Fule · Kerak · Cresson · Hattin · 2e Jeruzalem · Tyrus


Derde Kruistocht
Iconium · 1e Akko · Arsoef · Jaffa


Vijfde Kruistocht
3e Jeruzalem · 2e Damietta


Nasleep van de Zesde Kruistocht
4e Jeruzalem · La Forbie


Zevende Kruistocht
3e Damietta · El-Mansoera · Fariskur


Late kruisvaart-periode
Caesarea · Haifa · 2e Arsoef · 2e Antiochie · Krak des Chevaliers · 2e Tripoli · 3e Tripoli · 2e Akko · Ruad ·

Het Beleg van Damietta was een belegering van de Egyptische havenstad Damietta door de kruisvaarders van de Vijfde Kruistocht die begon in mei 1218 en leidde tot de inname op 5 november 1219.

Het plan[bewerken]

In 1218 bedacht koning Jan van Brienne van Jeruzalem een plan om Jeruzalem opnieuw in handen te krijgen. Hij wou Jeruzalem niet rechtstreeks belegeren, maar in plaats daarvan de Egyptische havens Alexandrië of Damietta innemen, om ze nadien te ruilen tegen Jeruzalem.

De vloot[bewerken]

De ridders belegerden de Egyptische havenstad Damietta met hulp van de Friese deelname aan de Kruistochten met de Friese vloot en een vloot van de Republiek Genua onder vader en zoon admiraal Simone Doria en Pietro Doria. Een van de galeien had als kapitein de piraat Alamanno da Costa. Na versterking stonden er 35.000 kruisvaarders tegenover 70.000 Ajjoebiden.

Verdrag met de Seltsjoeken[bewerken]

De kruisvaarders sloten een bondgenootschap met de Seltsjoeken onder Kay Kaus I van het Sultanaat van Rûm in Anatolië. Kay Kaus viel de Ajjoebiden in Syrië aan, zodat de kruisvaarders niet op twee fronten moesten vechten.

De landing[bewerken]

De Frankische vloot landde voor Damietta op 29 mei 1218. Op 24 augustus 1218 brak hij door naar de Nijl. Malik al-Adil stierf op 31 augustus en de twee oudste van zijn vijftien zijn zonen volgden hem op: Al-Kamil in Egypte en Malik al-Mu'azzam Musa in Syrië.

Pelagius van Albano[bewerken]

Paus Honorius III vertrouwde aan Pelagius van Albano de religieuze leiding over de Vijfde Kruistocht toe. Pelagius van Albano kwam aan bij Damietta eind september 1218, nadat de kruisvaarders de vuurtoren aan de toegang tot de Nijl hadden ingenomen. Hij nam meteen de leiding, wat een conflict veroorzaakte met Jan van Brienne. Jan van Brienne kreeg steun van de plaatselijke baronnen en van de Franse kruisvaarders.

Vredesvoorstellen[bewerken]

Sultan Al-Kamil van de Ajjoebiden van Egypte zat in een lastig parket. Een van zijn vazallen verbonden met een van zijn broers wilde van kamp wisselen en stelde voor om gebied in Jeruzalem aan de Franken te geven als ze uit Egypte zouden vertrekken. Pelagius van Albano wees die vredesvoorstellen van de hand.[1]

Inname[bewerken]

Het garnizoen van Damietta was verzwakt door honger en de pest en kon de aanvallen minder goed afweren.[2] De ridders van de Orde van Sint-Jan namen de stad in op 5 november 1219.

Interne strijd[bewerken]

Meteen brak een strijd los over de controle over de stad. Op 21 december 1219 probeerden de Italianen de Fransen uit de stad te verdrijven. Op 6 januari 1220 probeerden de Fransen de Italianen te verjagen. Op 2 februari werd een wapenstilstand overeengekomen. De Italianen wilden er een kolonie van maken om handel te drijven. De Fransen wilden Damietta ruilen tegen Jeruzalem. Jan van Brienne kreeg een wijk van de stad, maar Pelagius van Albano excommuniceerde alle christenen die zich daar vestigden. Jan van Brienne verliet de kruistocht en liet de leiding aan Pelagius van Albano.