Berg van barmhartigheid

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Berg van Barmhartigheid, Antwerpen
Le Mont-de-Piété ou Chez ma tante geschilderd door Jean Béraud

Een Berg van barmhartigheid (Latijn: mons pietatis, in Nederland: bank van lening) is een openbare kredietinstelling (meestal gemeentelijk pandjeshuis), waar leningen aan lage rente kunnen afgesloten worden tegen een onderpand van juwelen, zilverwerk, kunst- en siervoorwerpen, boeken en andere voorwerpen van waarde.

In België is deze vorm van pandlenen sinds de wet van 1848 verboden voor andere personen of instellingen en enkel toegelaten aan de Berg van Barmhartigheid. De enige nu nog bestaande Berg van Barmhartigheid in België is die van Brussel.

Ontstaan[bewerken]

Bergen van Barmhartigheid zijn ontstaan als liefdadige instellingen in Italië in de 15e eeuw, voornamelijk met de bedoeling om armen in geldnood te beschermen tegen de woekerinteresten die geldontleners vroegen bij de verpanding. Het Latijnse woord mons (meervoud montes), vertaald als “berg” in het Nederlands, werd destijds ook gebruikt in de betekenis van “een grote hoeveelheid”, “een grote hoop”, en zo waren er ook montes voor graan, meel enz.. De term betekende ook een grote hoeveelheid verzamelde fondsen. Toen liefdadigheidsinstellingen eigen “banken van lening” gingen oprichten werd ook de term montes gebruikt, maar met de toevoeging pietatis (barmhartigheid) duidde men aan dat men geen financiële winsten beoogde.

In 1462 richtten de franciscanen Barnabo da Terni en Fortunato Coppoli de eerste Berg van Barmhartigheid op in Perugia. In de decennia daarna volgden tientallen andere Italiaanse steden het voorbeeld. De ontwikkelingen verliepen niet zonder moeilijkheden. Om de instelling te laten bestaan moest men wel interest vragen, maar voor de Katholieke kerk was dit destijds een zeer gevoelig onderwerp. Ook de commerciële ontleners konden een tijdlang in sommige steden de oprichting ervan verhinderen. Uiteindelijk zou paus Leo X met zijn “Bulla concilii in decima sessione super materia Montis Pietatis“ in 1515 en ook het Vijfde Lateraans Concilie beslissen dat de Bergen van Barmhartigheid gewettigde instellingen zijn, en oppositie ertegen zou zelfs met excommunicatie bestraft worden.

Verdere ontwikkelingen[bewerken]

Stadsbank van Lening in Amsterdam

Algemeen[bewerken]

Aan het eind van de 19e eeuw waren er in Italië al 556 Bergen van Barmhartigheid. De hele controverse bij het ontstaan zette ook het kerkelijk denken over het vragen van interest in gang en zal er uiteindelijk toe leiden dat het verbod op het vragen van interest wordt opgeheven.

Het ontstaan van de Bergen luidde het einde in van de geldhandel en kredietverleningen door de “Lombarden”, Italiaanse handelaars die al sinds de Middeleeuwen actief waren. In de Nederlanden komen ze voor vanaf de 13e eeuw. Van deze benaming is het woord “lommerd” afgeleid in de betekenis van “bank van lening”. Zij traden ook op als geldschieters voor de handelaars, rijken en vorsten, maar vorderden voor hun kredietverlening zeer hoge rente. Vandaar ook dat zij voorafgaand aan deze ontwikkelingen vaak aan allerlei restricties werden onderworpen door de stedelijke overheden, die het kerkelijke renteverbod ook voor hun burgerij zo veel mogelijk wilden handhaven.

Buiten Italië[bewerken]

Mons Pietatis in Sint-Winoksbergen
Mons Pietatis in Gent

Buiten Italië wordt de eerste Berg van Barmhartigheid opgericht in Ieper in 1543, gevolgd door Brugge in 1572. In de Spaanse Nederlanden komt de ontwikkeling van een netwerk naar Italiaans model pas goed op gang nadat de aartshertogen Albrecht en Isabella in 1618 de toelating verleenden tot de oprichting van de Berg van Barmhartigheid van Brussel. Dit gebeurde onder impuls van de architect Wenceslas Coeberger, die ook de plannen voor een 15-tal andere pandjeshuizen tekende, onder meer dit van Antwerpen en Gent. De gebouwen waren voor hun tijd zeer goed beveiligd tegen diefstal en goed georganiseerd. Ook nu was er nood aan een legitimering, zodat de Vlaamse jezuïet Leonardus Lessius in 1621 een appendix toevoegde aan zijn tractaat "de iustititia et iure", waarin hij de Bergen van Barmhartigheid uitdrukkelijk verdedigde. De leningsmaatschappijen waren vooral bedoeld om de handel te ondersteunen, maar tevens om de armoede in de steden te bestrijden. Als eenheidsmunt voor de Spaanse Nederlanden werd de dukaat ingevoerd met een waarde van 60 stuivers.

In België bestonden tot in de 20e eeuw Bergen van Barmhartigheid in Brugge (1572-1920), Brussel (1618), Aalst, Antwerpen (1620-1946), Bergen, Dendermonde, Gent (1622-1929), Hoei, Kortrijk (1630-1920), Lier, Luik (1627), Mechelen (1619), Namen (1629-1921), Oostende, Sint-Niklaas, Tienen en Verviers. De enige nu nog resterende Berg van Barmhartigheid in Brussel wordt geregeld door de wet van 30 april 1848 en door een organiek reglement van de Gemeenteraad van de Stad Brussel van 19 december 1994, goedgekeurd door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op 06 februari 1995. De Gemeenteraad benoemt een Raad van Bestuur waarvan de burgemeester van rechtswege voorzitter is.

In Nederland organiseerde Amsterdam in 1614 volgens hetzelfde principe de Stadsbank van Lening. Ook in Den Haag bestaat een Gemeentelijke kredietbank met Pandhuisdienst. Ze worden geregeld door de Pandhuiswet, ofwel de wet van 8 november 1910, houdende wettelijke bepalingen tot regeling van de banken van leening.

In Spanje werd de eerste Berg van barmhartigheid (Monte de Piedad) in 1702 opgericht in Madrid. In de eerste helft van de 19e eeuw ontstonden in Madrid en andere steden de spaarbanken, die zich associeerden met de al bestaande Bergen van barmhartigheid of er zelf oprichtten.

Internationaal[bewerken]

In 1957 werd in Milaan de “International Association of Collateral Loan Establishments" opgericht (ook International Association of Pledging and Social Credit Establishments of in het Nederlands de Internationale Vereniging van de Instellingen der Pandleningen). Aanvankelijk bedoeld voor de openbare kredietinstellingen die werkten volgens de principes van de Bergen, worden sinds 1992 ook private rechtspersonen toegelaten. De vereniging telt meer dan 50 leden en is actief in 16 landen in Europa, Zuid-Amerika en Noord-Afrika. De huidige hoofdzetel is in Madrid.

Hoewel de vereniging zelf zich niet uitdrukkelijk manifesteert op het vlak van ontwikkelingssamenwerking, of niet in de eerste plaats mikt op de economische ontwikkeling van een onderneming of van een streek, stimuleert ze toch ook andere vormen van sociale leningen, zoals het microkrediet, terrein waarop een aantal van haar leden ook actief zijn.

Externe link[bewerken]

Bronnen[bewerken]