Buurtschap

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een buurtschap is in Nederland een kleine bewoonde plaats met een eigen naam en vaak zonder duidelijk middelpunt zoals een kerk of marktplein. Buurtschappen worden meestal op landkaarten aangegeven, maar zij zijn niet in de officiële staatkundige annalen of postcodeplaatsen als zelfstandige buurt of als dorp opgenomen. Vaak is dat omdat straatnamen en nummers hiervoor omschrijvend genoeg zouden zijn.

In Vlaanderen dekt de term gehucht een min of meer overeenkomende betekenis. Buurtschap betekent daar veeleer buurtcomité of -vereniging. Ook het begrip middeleeuwse buurschap heeft een andere betekenis.

Kerk[bewerken | brontekst bewerken]

Buurtschappen hebben gewoonlijk geen kerk. Ze maken meestal deel uit van parochies in aangrenzende plaatsen. Een aantal buurtschappen bij elkaar werd in de middeleeuwen een kerspel genoemd.

Voorbeelden[bewerken | brontekst bewerken]

Enkele voorbeelden van een buurtschap zijn Appel, Bartlehiem, De Engel, Gaete, de Hofgeest, De Krim, Lalleweer, Marle, Schuddebeurs en Viel.

Ontstaan[bewerken | brontekst bewerken]

Veel buurtschappen zijn in de loop van de tijd ontstaan doordat mensen een paar huizen, boerderijen of andere gebouwen die bij elkaar stonden een naam zijn gaan geven. Veel van de oude buurtschappen zijn ontstaan in gebieden waar men vrij was zich te vestigen; zulke gebieden werden ook hering genoemd. Vanwege deze vrije vestiging was er geen zeggenschap over zo'n plaats. Dat was anders dan een buurschap of een boerschap, waar een heer of boeren zeggenschap hadden over het plaatsje. Soms werd een buurschap of boerschap opgeheven en werd dan of een buurtschap of een gehucht als ze klein genoeg was. Bouwde men ter plaatse een kerk(je), molen of kroeg, dan kon ze uitgroeien tot een (kerk)dorp.

Een buurtschap kan ook op andere manieren zijn ontstaan: als een gehucht dat niet meer een officiële woonplaats is, als een buurt die geografisch losstaat van de omliggende bebouwing, bijvoorbeeld door een rivier of kanaal of een stuk bos (bij weilanden spreekt men dan eerder van een buurtschap die buiten de kern ligt) en soms ook als een polder waar zowel verspreid huizen staan als dat er huizen bij elkaar staan.

Soms kan een buurtschap vrij groot zijn geworden. Dit komt vaak doordat een grotere woonplaats ernaast de landerijen of de polder van de buurtschap zo goed als vol heeft laten bouwen. In veel gevallen wordt zo'n buurtschap dan bestempeld als woonwijk of woonbuurt van die grotere woonplaats. Maar soms kan het ook zijn dat een klein dorp gewoon nooit officieel (of niet meer) is opgenomen in de staatkundige annalen.

Plaatsnaambord[bewerken | brontekst bewerken]

Plaatsnaambord bij Baarlo

Bij een bebouwde kom zet men volgens het RVV bord H1, een blauw bord met de plaatsnaam in witte letters. Dit bord duidt niet alleen de bebouwde kom aan, met een maximum snelheid van 50 km/h, maar heeft ook een informatieve functie: de plaatsnaam. Indien een Nederlandse buurtschap geen bebouwde kom heeft, dan kan men de plaatsnaam aangeven met een wit bord met blauwe of zwarte letters.[1] Zo'n bord is niet opgenomen in het RVV[2] en heeft dan ook geen betekenis voor de verkeersregels.

Adres[bewerken | brontekst bewerken]

Bij veel buurtschappen is de plaatsnaam dezelfde als de (enige) straatnaam. In het Nederlandse postcodeboek is de straatnaam dan nr. Een voorbeeld is Huppel (bij Winterswijk). Een adres is dan bijvoorbeeld Nr 3, 7112 PA Huppel, maar dat kan ook worden geschreven als Huppel 3, 7112 PA Huppel.

Andere buurtschappen maken als straatnaam deel uit van een grotere plaats. Het reeds genoemde Bartlehiem is volgens het postcodeboek een straatnaam in Oudkerk en in Wanswerd.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]