Cheilosia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Cheilosia
Cheilosia albitarsis
Cheilosia albitarsis
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse:Insecta (Insecten)
Orde:Diptera (Tweevleugeligen)
Familie:Syrphidae (Zweefvliegen)
Geslacht
Cheilosia
Meigen, 1822
Cheilosia latifrons
Cheilosia latifrons
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Cheilosia op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

Cheilosia is een groot geslacht uit de familie van de zweefvliegen waarvan in Nederland en België rond de veertig en wereldwijd circa 450 soorten voorkomen. De zweefvliegen uit het geslacht Cheilosia worden gitjes genoemd. Gitjes zijn vrij klein en in vergelijking met andere, bontgekleurde zweefvliegen zijn gitjes onopvallend. Gitjes hebben een glimmend, licht behaard, donkergekleurd exoskelet.

Verspreiding in Nederland[bewerken | brontekst bewerken]

In Nederland zijn de volgende gitjes bijna allemaal waargenomen:

Soorten[bewerken | brontekst bewerken]

  • C. aerea
Toortsgitje Dufour, 1848
Tweekleurig gitje Meigen, 1838
  • C. albitarsis
Gewoon weidegitje (Meigen, 1822)
Primulagitje (Meigen, 1822)
Ongeschoren gitje Loew, 1857
Kruiskruidgitje (Becker, 1894)
Tuingitje (Meigen, 1822)
Laat hoefbladgitje (Panzer, 1801)
Trapeziumgitje Egger, 1860
Blauw gitje Loew, 1840
Moesdistelgitje (Meigen, 1822)
Vosrood gitje (Meigen, 1822)
Vroegst gitje Schiner & Egger, 1853
Geelpootgitje (Panzer, 1798)
Moerasgitje (Meigen, 1830)
Wilgengitje (Fallen, 1817)
Wollig gitje (Harris, 1780)
Nazomergitje Loew, 1840
Weegbreegitje (Kowarz, 1885)
Grootsprietgitje Rondani, 1857
  • C. latifrons
Bruin gitje (Zetterstedt, 1843)
Limburgs bosgitje (Becker, 1894)
  • C. longula
Heidegitje (Zetterstedt, 1838)
Slank gitje (Fallen, 1817)
Zwartpootgitje (Meigen, 1822)
Kervelgitje (Meigen, 1822)
Dofbuikgitje (Zetterstedt, 1843)
  • C. psilophthalma
Donkerklauwzandgitje (Becker, 1894)
  • C. pubera
Nagelkruidgitje (Zetterstedt, 1838)
Zuidelijk weidegitje Doczkal, 2000
Paddenstoelgitje (Fallen, 1817)
Vetplantgitje (Becker, 1894)
Truffelgitje (Zetterstedt, 1843)
Lichtklauwzandgitje (Meigen, 1822)
  • C. uviformis
Zilverkopgitje (Becker, 1894)
Bosgitje (Panzer, 1798)
Fluwelen gitje Loew, 1840
Kustgitje (Fallen, 1817)
  • C. vicina
Wipneusgitje (Zetterstedt, 1849)
Klitgitje (Meigen, 1822)


Afbeeldingen[bewerken | brontekst bewerken]