Aardappelprachtblindwants

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Closterotomus norwegicus)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Aardappelprachtblindwants
Closterotomus norwegicus (Miridae sp.), Elst (Gld), the Netherlands - 3.jpg
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse:Insecta (Insecten)
Orde:Hemiptera (Halfvleugeligen)
Onderorde:Heteroptera (Wantsen)
Familie:Miridae (Blindwantsen)
Geslacht:Closterotomus
Fieber, 1850
Soort
Closterotomus norwegicus
Gmelin, 1790
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Aardappelprachtblindwants op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De Closterotomus norwegicus (of Aardappelprachtblindwants) is een wants uit de familie van de blindwantsen (Miridae). De soort werd het eerst wetenschappelijk beschreven door Johann Friedrich Gmelin in 1790.

Uiterlijk[bewerken | brontekst bewerken]

Deze wants kan 7 tot 8,5 mm lang worden en is altijd langvleugelig. Het lichaam is groen of geelgroen en licht behaard. Een belangrijk kenmerk zijn de antennes: hiervan zijn is het eerste segment groen en de rest lichtbruin. Het derde en vierde antennesegment zijn samen net zo lang als het tweede segment. Het doorzichtige deel van de voorvleugels is grijs met groengele aders. De soort lijkt in sommige gevallen op de luzernesierblindwants (Adelphocoris lineolatus); die heeft echter lichter gekleurde beharing en hij lijkt soms op de roodgetekende prachtblindwants (Calocoris roseomaculatus), maar die heeft echter een korter tweede antennelid dat korter is dan de lengte van het derde en vierde segment samen.

Leefwijze[bewerken | brontekst bewerken]

De soort kent één generatie per jaar en overwintert als eitje. De volwassen dieren zijn te vinden van april tot oktober op verschillende distel- en klaversoorten, grote brandnetel (Urtica dioica), duizendblad (Achillea millefolium), jacobskruiskruid (Jacobaea vulgaris) en is een plaaginsect op suikerbiet en aardappel (vandaar de Nederlandse naam).

Leefgebied[bewerken | brontekst bewerken]

De wants komt voor op akkers, grasland, wegbermen en bosranden in Noord-Amerika, Australië, Nieuw Zeeland, het Palearctisch gebied en is in Nederland zeer algemeen.

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]

  • Kaarten met waarnemingen: