Colonoscopie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Afbeelding van een coloscopie

Een colonoscopie, colonoscopie of colonscopie is een endoscopisch onderzoek van de dikke darm. Het is een onderzoek dat meestal plaatsvindt op de endoscopieafdeling van een ziekenhuis. Het onderzoek wordt uitgevoerd door een internist, meestal een gastro-enteroloog.

Indicaties[bewerken | brontekst bewerken]

Voorbeelden van indicaties voor een colonoscopie zijn:

  • recidiverende obstipatieklachten na al eerder hiervoor behandeld te zijn.
  • overmatig rectaal bloedverlies.
  • recidiverende darmklachten na al eerder hiervoor behandeld te zijn zoals buikpijn, afwijkende ontlasting, darmkrampen e.d.
  • screening darmkanker: deze kanker ontwikkelt zich bijna altijd uit poliepen. Dit zijn abnormale aanhangsels van de darmwand. Deze poliepen kunnen vroegtijdig weggehaald worden tijdens een colonoscopie.

Voorbereiding[bewerken | brontekst bewerken]

De precieze voorbereiding van een colonoscopie kan per instelling verschillen, maar in hoofdlijnen is deze vrijwel overal hetzelfde.

Vijf dagen voor het onderzoek[bewerken | brontekst bewerken]

Vanaf vijf dagen voor het onderzoek moet u een restenarm dieet volgen:

Wat mag u NIET eten[bewerken | brontekst bewerken]

  • Bruin brood
  • Fruit
  • Rauwe groenten
  • Graan en volkorenproducten
  • Peulvruchten

Wat mag u WEL eten[bewerken | brontekst bewerken]

  • Wit brood
  • Witte pasta
  • Gekookte groenten
  • Broodbeleg
  • Vlees
  • Vis

Bent u niet zeker? Vraag het uw arts!

Twee dagen voor het onderzoek[bewerken | brontekst bewerken]

Twee dagen voor het onderzoek dient de patiënt laxerende medicatie in te nemen zoals bisacodyl en magnesiumsulfaat. Patiënten met een bepaalde darmaandoening krijgen soms andere medicatie.

Eén dag voor het onderzoek[bewerken | brontekst bewerken]

De dag voor de colonoscopie moet de patiënt beginnen met het drinken van een zeer sterk laxerende drank, waarin macrogol en elektrolyten zitten.[1] Meestal wordt dit middel onder de merknaam Klean Prep of Moviprep aangeboden. Deze laxeermiddelen dienen verspreid over de dag, opgelost in veel water, te worden opgedronken, totdat de 'ontlasting' nog slechts uit water bestaat. Tevens mag de patiënt die dag enkel nog vloeibare voedingsmiddelen zoals pudding, yoghurt, bouillon of milkshake eten.

Dag van het onderzoek[bewerken | brontekst bewerken]

De dag van het onderzoek zelf mag de patiënt in het geheel niet meer eten. In sommige gevallen mag er nog wel tot een paar uur voor het onderzoek wat water worden gedronken.

Maagsonde[bewerken | brontekst bewerken]

Bij sommige patiënten lukt de voorbereiding niet of slechts gedeeltelijk en dan wordt er soms gekozen voor het inbrengen van een maagsonde. Dit kan bijvoorbeeld komen doordat de patiënt moet braken van het laxeermiddel. Veel patiënten ervaren het gebruik van de Klean Prep daarnaast als onprettig vanwege de citroen-achtige smaak. Maar ook patiënten met decompensatio cordis hebben meestal een vochtbeperking en kunnen niet zoveel water verdragen. Er wordt dan gekozen voor een maagsonde, waardoor er minder water hoeft te worden ingenomen. Het inbrengen van een maagsonde wordt uitgevoerd door een verpleegkundige.

Wat met medicatie?[bewerken | brontekst bewerken]

Vraag uw arts of u uw medicatie kan blijven nemen. De volgende uitleg is algemeen en gaat niet in op specifieke merken. Of u uw eigen medicatie moet innemen bespreekt u best met uw arts, anti-ecliptica moeten zeker ingenomen worden.

Bloedverdunners[bewerken | brontekst bewerken]

Of u anti stollende medicatie mag blijven nemen hangt af van de reden waarom u deze neemt en de reden van de colonoscopie. Soms moeten er biopsies worden genomen of poliepen verwijderd worden. Deze poliepjes worden meestal weggebrand waardoor er een klein wondje ontstaat in de darmwand. Deze kan tot 10 dagen nabloeden. De kans dat dit gebeurd vergroot als u anti stollende medicatie neemt. Alles hangt af van de reden waarom u deze medicatie neemt.

Insuline en andere antidiabetica[bewerken | brontekst bewerken]

Bij het afspreken van het onderzoek moet u vermelden dat u diabeet bent en antidiabetica neemt. De arts zal u meestal vragen iets vroeger te komen om je suikerspiegel te kunnen monitoren en op punt stellen voor de ingreep.

Uitvoering[bewerken | brontekst bewerken]

In de scopie kamer, op de endoscopieafdeling waar het onderzoek plaatsvindt, dient de patiënt op de onderzoekstafel te gaan liggen. De patiënt krijgt, indien gewenst, vervolgens van de endoscopieverpleegkundige een sterk rustgevend middel toegediend, midazolam, via een venflon of via een intraveneuze injectie. Dit wordt gedaan, omdat het onderzoek anders pijnlijk zou kunnen zijn. Vervolgens brengt de arts de colonscoop via de anus in de endeldarm, waarna de arts de dikke darm van binnen kan onderzoeken op eventuele afwijkingen. Daarnaast kunnen er eventueel noodzakelijke behandelingen via de colonscoop uitgevoerd worden, zoals het verwijderen van poliepen. Ten aanzien van het toedienen van rustgevende en/of pijnstillende middelen geldt dat het onderzoek in de regel als gevoeliger kan worden ervaren door vrouwen dan door mannen vanwege de ligging van organen in de buikholte. In de praktijk kan de patiënt bij de voorbereiding op het onderzoek na het inbrengen van de infuusnaald, ook de keuze worden gegeven, om pas tijdens het onderzoek te verzoeken om een rustgevend middel en/of een middel dat de onrust/pijn bestrijdt. Tijdens het onderzoek geeft de verpleegkundige tegendruk op uw buik of word u gevraagd op uw buik te gaan liggen om het onderzoek te vergemakkelijken. Het onderzoek duurt normaal tussen de 20 en 60 minuten.

Nazorg[bewerken | brontekst bewerken]

Indien sprake is geweest van sedatie (verdoving/pijnstilling) tijdens het onderzoek wordt de patiënt na het onderzoek naar de zogenaamde uitslaapkamer gebracht. Indien de patiënt weer redelijk bij kennis is dan mag deze vertrekken en ook weer eten en drinken. In de meeste landen is het verboden om binnen een aantal uren na een colonoscopie een gemotoriseerd voertuig of werktuig te besturen of bedienen, omdat het toegediend gekregen midazolam nog niet geheel kan zijn uitgewerkt. Ook het nemen van belangrijke (financiële) beslissingen op deze dag wordt afgeraden.

U kan nog last hebben van een opgeblazen buik of krampen. De lucht kan u kwijt door op uw linkerzij te gaan liggen.

Na de ingreep kan u zich nog heel de dag moe voelen. U mag gewoon thuis eten zoals normaal maar u vermijd best alcohol en mag niet met een gemotoriseerd voertuig rijden gedurende de dag van de ingreep.

Risico's en complicaties[bewerken | brontekst bewerken]

Een colonoscopie is een veilige procedure en complicaties zijn zeldzaam. Toch dient er rekening gehouden worden met de volgende mogelijke complicaties:

  • Perforatie van de darm: het risico hierop is 0,2 tot 0,4% na een gewone colonoscopie en 0,3 tot 1,0% na het wegnemen van poliepen. Een grote perforatie, die zichtbaar is door de colonoscoop, is een indicatie voor een spoedoperatie. Bij minder grote letsels, die initieel vaak onopgemerkt blijven, kunnen ernstige abdominale pijn en opzetting van het abdomen de eerste tekenen zijn. Ernstige infectie en peritonitis kunnen volgen.
  • Bloedingen: in ongeveer 0,1% van de gevallen zullen er bloedingen optreden die zowel onmiddellijk als uitgesteld kunnen voorkomen. De meeste bloedingen stoppen spontaan maar in bepaalde gevallen is verdere behandeling noodzakelijk.
  • Scheuring van de milt en darmobstructie zijn zeer zeldzame complicaties tijdens een colonoscopie.
  • In ongeveer 0,5% van de onderzoeken komen ernstige complicaties voor ten gevolge van de gebruikte medicatie tijdens een colonoscopie.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]