Cornelius Franciscus de Nelis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Portret van C.F. de Nelis als bisschop van Antwerpen

Cornelius Franciscus de Nelis (Mechelen, 5 juni 1736 - Florence, 21 augustus 1798) was prelaat, filosoof en staatsman, en laatste bisschop van Antwerpen van 1785 tot 1798 in het ancien regime.

Familie[bewerken]

Nelis was een zoon van Cornelis de Nelis[1], advocaat bij de Grote Raad in Mechelen en griffier van het Land van Grimbergen, en van diens eerste vrouw Marie-Thérèse Walschaerts. Hij was een broer van de Mechelse burgemeester ridder Jan Karel de Nelis, die net zoals Mgr de Nelis actief zou blijken zowel bij het Oostenrijks bestuur der Nederlanden als bij de oprichting van de Verenigde Nederlandse Staten.

Kanunnik en hulpbisschop[bewerken]

Na klassieke humaniora te hebben gevolgd bij de oratorianen in Mechelen, studeerde hij aan de universiteit van Leuven: filosofie, theologie, kerkelijk en burgerlijk recht. In 1753 werd hij uitgeroepen tot primus in de filosofie. In 1760 werd hij licentiaat in de godgeleerdheid en tot priester gewijd (20 september 1760)[2].

Hij werd directeur van het college in Mechelen. Vervolgens werd hij bibliothecaris van de Universiteit Leuven en werd preceptor van de zoon van graaf de Neny. In 1765 werd hij kanunnik benoemd in het kapittel van de kathedraal van Doornik en hij verhuisde naar die stad. Hij werd als vicaris medebestuurder tijdens het vacant zijn van de zetel. Ook nog in 1765 sprak hij de lijkrede uit over keizer Frans I in de Brusselse Sint-Michiels en Sint-Goedelekathedraal.

In 1769 werd hij benoemd tot lid van de nieuw gestichte academie die tot doel heeft de jeugd voor te bereiden op hogere studies. In 1777 werd hij lid van de Koninklijke Commissie voor het onderwijs, met de steun van keizerin Maria-Theresia. In 1780 hield hij de lijkrede over keizerin Maria-Theresia in Brussel. Sindsdan leefde hij grotendeels in Brussel, als raadgever voor het Oostenrijks bestuur. Af en toe trekt hij naar de Staten van het Doornikse waar hij zetelt, en naar het bisdom Doornik, waar hij vicaris-generaal is.

Bisschop[bewerken]

Hij was kandidaat voor de bisschopszetel in Brugge, maar werd niet benoemd. Weinige tijd later, in 1785, werd hij bisschop van Antwerpen, ditmaal met de steun van keizer Jozef II. Hij werd op 5 juni 1785 tot bisschop gewijd in de Sint-Romboutskathedraal van Mechelen door de aartsbisschop Joannes Henricus van Frankenberg.

Brabantse Revolutie en Franse Revolutie[bewerken]

Als lid van de Staten-Generaal en eerste voorzitter van deze assemblee, nam hij deel aan de Brabantse Revolutie. Hij was een medestander van Hendrik van der Noot en Van Eupen en zetelde alzo in het Soeverein Congres van de Verenigde Nederlandse Staten.

Na de terugkeer van de Oostenrijkers werd hij afgevaardigde van de Staten van Brabant en woonde de eedaflegging van keizer Leopold II bij op 30 juni 1791 in Brussel. Het waren zijn laatste jaren als bisschop van Antwerpen en van het bisdom Antwerpen uit het Ancien Régime.

In 1794 vluchtte hij voor de Franse revolutionairen naar de Noordelijke Nederlanden en verbleef er in Leiden. Hij reisde verder naar Duitsland en Italië. Hij verbleef er eerst in Bologna en vervolgens in de hoofdabdij der Camaldulenzers in Camaldoli bij Florence. Hij overleed in deze abdij op 21 augustus 1798. De Fransen lieten geen benoeming meer toe van een bisschop van Antwerpen. Met het Concordaat van 1801 werd het bisdom Antwerpen afgeschaft en gevoegd bij het aartsbisdom Mechelen-Brussel[3].


Publicaties[bewerken]

  • Fragment sur les principes du vrai bonheur. Discours à Lysimaque, Leuven, 1763.
  • Alexis, fragment d'institution d'un prince, Leuven 1765.
  • Oratio in Funera Erancisci I, Leuven, 1765.
  • Entretien Philosophique, Leuven, 1763.
  • Series Pythagorici, caeci, de natura ac phaenomenis rerum, ad Theognidem filium. Disputationes Sex.
  • Collectio Opuscul. ad historiam liter. Belgii pertinentium curâ et cum notis O.T.D.N. bibliopolae publicae Lovanium praefecti (omstreeks 1767), 8o.
  • Erycii Puteani, auspicia Bibl., publ. Lovan. (cum notis C.F. de Nelis), Lovan. typ. acad. circa ann. 1767.
  • Oraison Funèbre de Marie Thérèse, Brussel, 1781.
  • L'Aveugle de la Montagne, ou Entretiens philosophiques, Amsterdam en Parijs, 1789-1793, Parma, 1795, en Rome, 1796.

Literatuur[bewerken]

  • J.W. TE WATER,Berigt der letterkundige verdiensten van C.F. de Nelis, laatste bisschop van Antw. Amst. 1803.
  • Prosper STAAS, Eloge historique de C.F. de Nelis, dernier Evêque d'Anvers, Leuven, 1848.
  • G.J.A. DE STASSART, Notice sur C.F. de Nelis, Evêque d'Anvers, Brussel, 1855.
  • A.J. VAN DER AA, Biographisch woordenboek der Nederlanden, Deel 13, Haarlem 1868.
  • W. J. H. PRICK, C.-F. de Nelis: un homme d'église libéral au siècle des lumières (1736-1784), Bailly et Wettstein, 1942.
  • W. J. H. PRICK, Corneille-François de Nelis, 18e et dernier évêque d'Anvers 1785-1798, Strasbourg, 1954.

Referenties[bewerken]

  1. In een tweede huwelijk huwde vader de Nelis met Barbe van Slabbeek. Na de dood van vader de Nelis hertrouwde Barbe van Slabbeek met de Oostenrijkse ambtenaar Emmanuel de Perceval (Franstalige Wikipedia). Na Barbe's dood hertrouwde Emmanuel de Perceval met Anne-Marie-Françoise Vermylen, zus van de Mechelse burgemeester Vermylen-Neeffs.
  2. http://www.catholic-hierarchy.org/bishop/bnelis.html
  3. http://www.catholic-hierarchy.org/diocese/da556.html
Voorganger:
Jacob Thomas Jozef Wellens
Bisschop van Antwerpen
1785-1798
Opvolger:
Jules Daem