De boezemvriend (film)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf De Boezemvriend (film))
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De boezemvriend
Regie Dimitri Frenkel Frank
Producent Joop van den Ende
Gysbert Versluys
Scenario Dimitri Frenkel Frank
Nikolaj Gogol (toneelstuk)
Muziek Tonny Eyk
Distributie Joop van der Ende producties
Première 9 december 1982
Genre Komedie
Speelduur 95 minuten
Taal Nederlands
Frans
Land Vlag van Nederland Nederland
Budget ƒ 3.000.000
(en) IMDb-profiel
MovieMeter-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film
André van Duin draagt Corrie van Gorp uit een koetsje bij de premiere

De boezemvriend is een Nederlandse film uit 1982. Internationale titel is The Bosomfriend. De film is gebaseerd op het toneelstuk De revisor van Nikolaj Gogol.

In de bioscoop werd de film bezocht door circa 716.000 mensen.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Het verhaal begint in 1811, Napoleon is druk bezig met de voorbereidingen voor een invasie in Rusland als hij overvallen wordt door een enorme kiespijnaanval. Ondertussen worden er in de Nederlanden soldaten geronseld voor deze campagne, op een plein in de stad is een rondreizende kwakzalver bezig geld te verdienen onder het mom van tandarts, deze, opererende onder de naam professor Pasdupain (alias Fred van der Zee), wordt ruw verstoord als er Franse soldaten komen om elke goed functionerende jongeman mee te nemen. Hij weet te ontsnappen en krijgt in het bos een lift van een kermisdame genaamd Mercedes. Hij wordt op slag verliefd maar moet al gauw weer vluchten voor roversbenden. Na deze uitputtingsslag komt hij bij herberg 'De Boekanier' aan. Rammelend van de honger besluit hij naar binnen te gaan, ondanks dat hij geen stuiver op zak heeft. De herberg blijkt bevolkt te worden door vrijbuiters, struikrovers en ander geboefte. Hier bestelt en verorbert hij maaltijd na maaltijd om de hiervoor verschuldigde betaling steeds maar weer te kunnen uitstellen.

Intussen krijgt de kolonel van een plaatselijk gelegen district een brief van het hof uit Parijs dat er een roodharige belastinginspecteur onderweg is. De corrupte kolonel en zijn al even corrupte gevolg zijn al gauw in rep en roer bij dit aangekondigde bezoek. De intussen door het eindeloze eten meer dood dan levende zijnde Fred van der Zee wordt, net voor hij in de herberg door ruwe struikrovers in elkaar wordt gemept, aangezien voor de inspecteur. Hij wordt gered en naar het kasteel van de kolonel gebracht. Nadat hij begrijpt dat hij voor inspecteur wordt aangezien, besluit hij in zijn rol te blijven en profiteert van de luxe. De kolonel wil zelfs zijn dochter Sophie aan hem uithuwelijken. Als alles op zijn plaats valt en de ware aard achter Van der Zee wordt ontdekt, ontvlucht hij het kasteel, en wordt onder het gezag van de kolonel de achtervolging ingezet. Eenmaal bij de plaatselijk opgezette kermis ontmoet Fred van der Zee Napoleon en weet diens zere kies te trekken waarop Napoleon hem tot boezemvriend uitroept.

Rolverdeling[bewerken]

Liedjes[bewerken]

In de film komen de liedjes 'Waar is de steek van de keizer?' van André van Duin en 'Ik ben Tilly' van Corrie van Gorp voor. Daarnaast is er nog een cameo van Manke Nelis.

Trivia[bewerken]