De molen bij Wijk bij Duurstede

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De molen bij Wijk bij Duurstede
The Mill.jpg
Museum Rijksmuseum
Locatie Amsterdam
Kunstenaar Jacob van Ruisdael
Jaar Rond 1670
Type Olieverf op doek
Afmetingen 83 × 101 cm
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

De molen bij Wijk bij Duurstede is een schilderij van de Nederlandse kunstschilder Jacob van Ruisdael, olie op linnen, 83 x 101 centimeter groot, gemaakt rond 1670. Het werk wordt beschouwd als het bekendste doek van Ruisdael en bevindt zich in het Rijksmuseum Amsterdam.

Context[bewerken]

In tegenstelling tot veel tijdgenoten-landschapschilders, die vaak een monochroom palet gebruikten, kenmerkt veel van Ruisdaels werk zich door een krachtig kleurgebruik en felle contrasten tussen licht en donker. Doorgaans schilderde hij zware wolkenpartijen en stevige vormen in het landschap, sterk realistisch, heel anders dan het meer lieflijke karakter dat eerder gebruikelijk was in de Hollandse landschapschilderkunst. De molen bij Wijk bij Duurstede is hiervan een typerend voorbeeld.

Afbeelding[bewerken]

De molen bij Wijk bij Duurstede toont de wallenkant van de Rijn bij Wijk bij Duurstede, met een inmiddels afgebroken runmolen.[1] Aan de horizon is de afgevlakte toren van de plaatselijke Martinuskerk te zien, alsook Kasteel Duurstede, het zomerverblijf van de bisschoppen van Utrecht. De stadsmuur en de stadspoort, die ter hoogte van de drie vrouwen moet hebben gestaan, zijn niet weergegeven. De horizon wordt laag weergegeven. Meer dan driekwart van het schilderij wordt daardoor ingenomen door de dreigende wolkenlucht, waardoorheen niettemin ook enkele stralen zonlicht boren, die de molen dramatisch oplichten. Ook de drie vrouwen en de kleine zeilboot worden door een lichtstraal geaccentueerd. Over het water wisselen licht- en schaduwbanen elkaar af. Het geheel is uitgewerkt met een groot gevoel voor detail.

Een aantal motieven in het schilderij hebben geleid tot interpretaties over de vergankelijkheid van het leven.[2] Voorlopig is het nog rustig, de zeilen van het bootje en de doeken aan de wieken verraden weinig wind, maar de sfeer is donker en dreigend. Centraal thema is de grootsheid van de natuur, kort voor het uitbreken van een onweersbui, in relatie tot de nietigheid van de drie vrouwfiguren. De robuuste molen lijkt hen als het ware te willen beschermen. Door de molen op een kleine heuvel te plaatsen en vanuit onderaanzicht te schilderen, verleent Ruisdael haar bijna monumentale proporties. Schilder-schrijver Eugène Fromentin noemde De molen bij Wijk bij Duurstede Ruisdaels meest indrukwekkende schilderij. Ook Vincent van Gogh was een bewonderaar van het werk.

Historie[bewerken]

Zoals de meeste werken van Ruisdael, is ook De molen bij Wijk bij Duurstede ongedateerd. Niettemin heeft de datering redelijk precies kunnen plaatsvinden aan de hand van twee elementen uit het schilderij: de afgeplatte Martinustoren rechts aan de horizon bevat een wijzerplaat en archiefonderzoek heeft uitgewezen dat deze geplaatst is in 1668. Daarnaast biedt Kasteel Duurstede een nog ongehavende aanblik, waar het tijdens het rampjaar 1672 fors beschadigd werd. Bijgevolg moet kan het werk met redelijke zekerheid gedateerd worden tussen deze twee jaartallen.[3]

De molen bij Wijk bij Duurstede werd in 1834 door bankier-kunstverzamelaar Adriaan van der Hoop gekocht van de Münchense handelaar Noë, die het eerder van de Engelsman John Smith had overgenomen. Van der Hoop betaalde er 4000 gulden voor. Het was zijn eerste werk van Ruisdael, waar hij later nog vier topstukken uit diens klassieke periode zou verwerven.

Andere landschappen met molens[bewerken]

Ruisdael schilderde vaak landschappen met molens, veelal in een compositorisch vergelijkbare opzet: een lage horizon met een grote wolkenlucht, geschilderd vanuit een relatief laag aanzicht, de molen iets aan de zijkant gepositioneerd. Deze werken zouden later van grote invloed zijn op romantische kunstschilders als John Constable.

Literatuur en bron[bewerken]

  • Judikje Tiers, Fieke Tissink: Der Glanz des Goldenen Jahrhunderts. Waanders, Zwolle, 2000, blz. 224-225. ISBN 9040094365
  • Ellinoor Bergvelt, Jan Piet Filedt Kok, Norbert Middelkoop: De Hollandse meesters van een Amsterdamse bankier. De verzameling van Adriaan van der Hoop (1778-1854), Waanders Uitgevers, Zwolle, 2005, blz. 89. ISBN 90-400-9001-7
  • A. Butler: Het kunstboek. Waanders Uitgevers, Zwolle, 2004. ISBN 90-400-8981-7

Externe links[bewerken]

Noten[bewerken]

  1. De molen werd rond 1800 afgebroken door de molenaar zelf, maar het voetstuk hiervan is nog steeds in het landschap te zien. De qua type overeenkomstige korenmolen Rijn en Lek, gelegen aan de walmuur, iets verderop, wordt vaak ten onrechte aangezien voor “De Molen van Ruisdael”, maar geeft wel beeld van hoe deze er uit heeft gezien.
  2. Cf. Bervelt, Filedt, Middelkoop, blz. 89.
  3. Cf. Tiers, Tissink, blz. 225.