Doemdenken

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Doemdenken is een door Van Kooten en De Bie bedacht neologisme.[1]

Aan het einde van de jaren 70 van de 20e eeuw hadden veel Nederlanders een nogal fatalistische visie op de toekomst. Het woord 'doemdenken', dat Van Kooten en De Bie op zondag 2 maart 1980 voor het eerst gebruikten in een van hun televisieprogramma's, werd al snel door velen overgenomen om deze sombere toekomstverwachting mee aan te duiden. Doemdenken kan worden uitgelegd als: denken dat men, of de maatschappij, 'gedoemd' is, dat er niets te redden valt, of dat alles er somber uitziet. Aanleiding voor die somberheid was de angst voor een derde wereldoorlog. Het werd ook een woord waarmee pessimisten denigrerend of spottend werden aangeduid (doemdenkers). Het woord 'doemdenken' heeft een plaats verworven in veel Nederlandse woordenboeken.

Zie ook[bewerken]