Eric Herfst

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Eric Herfst in 1968

Eric Herfst (Amsterdam, 14 mei 1937 — aldaar, 21 februari 1985) was een Nederlands cabaretier.

Jeugd[bewerken]

Herfst groeide op in de Amsterdamse wijk Tuindorp Nieuwendam. Zijn ouders waren betrokken bij de socialisten. Zelf werd Herfst al snel lid van de AJC (de Arbeiders Jeugd Centrale), de socialistische jeugdbeweging. Hier ontmoet hij Ben Rowold met wie hij bevriend raakt. Rowold en Herfst gaan samen naar de MULO en halverwege de jaren vijftig ook naar de kweekschool om opgeleid te worden tot onderwijzer. In hun vrije tijd raken de twee in de ban van de mime en geven ze verschillende voorstellingen onder de naam “Pantalone”.

Lurelei[bewerken]

In 1958 stopt Herfst met de kweekschool en concentreert zich op zijn mime-activiteiten. Samen met Rowold en Kees Bergman richt hij Lurelei op. Naast mime komen er nu ook cabaretteksten en liedjes. Het probleem is alleen dat de drie geen geweldige stemmen hebben. Herfst speelt tegelijkertijd ook mee in het mimegezelschap “Carrousel”, dat zich met name op de jeugd richt. Ondanks Lurelei blijft hij de mime voorlopig trouw en in 1962 studeert hij zelfs enige maanden mime in Parijs. Pas in oktober van dat jaar zal hij de mime definitief vaarwel zeggen. Lurelei blijkt namelijk een succes. Het gebrek aan zangtalent wordt ondervangen door Adèle Bloemendaal en vanaf 1960 door Jasperina de Jong. Met De Jong treedt Herfst in 1961 in het huwelijk. Lurelei brengt een wat absurd cabaret met hier en daar uithalen naar de politiek. De komst van Guus Vleugel als tekstdichter stuwt de kwaliteit van de voorstellingen op. Zijn vileine teksten blijken wonderwel te passen bij de stem van De Jong. Nummers als “Arme ouwe” en “Hermandad” worden berucht. Herfst blijkt zelf een talent te hebben voor het brengen van droogkomische conferences. In 1963 laat de groep ‘Caveau Paloni’, een voormalige nachtclub aan Amsterdamse Leidsekade ombouwen tot een klein theater van 155 stoelen, het ‘Lureleitheater’. Herfst en De Jong kregen in datzelfde jaar een zoon, Pelle.

Acteur[bewerken]

Lurelei is uiterst succesvol en diverse cabaretiers als Sylvia de Leur, Frans Halsema, Kees van Kooten, Marjan Berk, Gerard Cox en Leen Jongewaard maken deel uit van het gezelschap. Herfst is de duidelijke leider van het gezelschap dat zich steeds meer profileert op het politieke vlak. Met name Relderelderel uit 1966, gebaseerd op de provorellen uit die tijd, laat dat zien. In 1968 valt het doek. Lurelei stopt en Herfst concentreert zich meer en meer op de carrière van zijn vrouw. Hij heeft de artistieke leiding van de musical "De Stunt" waarin De Jong de hoofdrol heeft. Zelf speelt hij mee in diverse televisieproducties als in de AVRO-serie De leeuwerik (1968/1969) en de jeugdserie Floris en in de KRO-serie Rust noch duur. In het theater staat hij in de productie "Moeder er komt een bevolkingsexplosie, ja kind dat zal me een klap geven".

Producent[bewerken]

De jaren zeventig staan geheel in dienst van De Jong. Herfst produceert en regisseert drie grote soloshows van zijn vrouw. In 1980 staat hij samen met haar weer op het toneel in de cabaretproductie Tussen zomer en winter op teksten van Ivo de Wijs. Intussen zijn de plannen die Herfst had ontwikkeld voor een eigen theater in Amsterdam op de lange baan geschoven. Wel wordt in 1982 de musical Fien, die oorspronkelijk was bedoeld om in dit theater te worden opgevoerd, toch geproduceerd door Herfst en met zijn vrouw in de hoofdrol opgevoerd. Tijdens de tournee van dit stuk bleek hij een hersentumor te hebben, waaraan hij op 47-jarige leeftijd overleed.

Externe link[bewerken]