Herta Mohr

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Herta Theresa Mohr (Wenen, 24 april 1914 - Bergen-Belsen, 15 april 1945) was een Joodse Egyptologe. Ze publiceerde over de grafkapel van Hetepherachty in het Rijksmuseum van Oudheden en is omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Leven en werk[bewerken]

Herta Theresa Mohr werd geboren in Wenen als enige dochter van Adolf Israel Mohr en Gabriele Kaufmann. Haar vader was een huisarts die wegens zijn medische inzet voor veldhospitalen werd onderscheiden met het gouden kruis van het Oostenrijkse Burgerlijke Kruis van Verdienste tijdens de Eerste Wereldoorlog.[1] De familie woonde aan de Winckelmannstraße 2. Herta Mohr begon aanvankelijk aan een studie Geneeskunde zoals haar vader, maar schreef zich tenslotte in voor Oriëntaalse Studies. In 1937-1938 volgde ze cursussen Egyptologie en Afrikanistiek. In september 1938 gaf ze een lezing over de grafkapel van Hetepherachty tijdens het 20e Internationale Congres van Oriëntalisten in Brussel, getiteld ‘Einige Bemerkungen zur Leidener Mastaba’ en voorzien van ‘lichtbeelden’. Ze woonde toen aan de Hogewoerd 113 in Leiden.

Herta Mohr wordt in 1939 vermeld als begunstiger van de studievereniging voor het oude Nabije Oosten "Ex Oriente Lux" en werd lid van de Rooms-Katholieke studentenvereniging L.V.V.S. Augustinus Ze werd katholiek gedoopt op 13 juli 1939. Volgens het Gedenkboek 1940-1945 van de Katholieke Academische Gemeenschap had ze een vergunning om naar de Verenigde Staten te reizen, die ze echter niet heeft kunnen benutten. In 1940 verhuisde ze naar Eindhoven, waar ze woonde samen met de familie Van Dam aan de Prins Hendrikstraat 35.

In de ochtend van 2 augustus 1942 werd Herta Mohr gearresteerd en samen met andere katholieke Joden naar Kamp Westerbork gebracht en geïnterneerd in barak 48. In Westerbork kreeg ze uitstel van transport (Sperre) omdat ze als vertaalster werkte. Na een onfortuinlijk voorval, beschreven in het Weinreb-rapport, werd ze als straf op 25 januari 1944 op transport gesteld naar Auschwitz. Haar ouders waren enkele dagen eerder naar Theresienstadt gestuurd, maar kwamen eind oktober 1944 in Auschwitz terecht, waar ze bij aankomst werden omgebracht.

In januari 1945 werd Auschwitz geëvacueerd wegens de oprukkende Russische strijdkrachten. Een deel van de geïnterneerden werd naar het westen gestuurd via Groß-Rosen. In het ziekenhuis van Groß-Rosenis Herta Mohr nog gezien door iemand met dezelfde achternaam, die echter geen familie was. De plaats en datum van overlijden van Herta Mohr zijn onderzocht, maar konden niet meer worden vastgesteld. Waarschijnlijk werden deze achteraf bepaald door een rechter. Volgens de officiële gegevens overleed Herta Mohr in Bergen-Belsen op 15 april 1945, 30 jaar oud.

Publicaties (selectie)[bewerken]

  • Mohr, H.Th., The Mastaba of Hetep-Her-Akhti: Study on an Egyptian Tomb Chapel in the Museum of Antiquities Leiden (1943).
  • Mohr, H.Th., Een vechtpartij te Leiden: Vorm en inhoud van een reliëf in de mastaba van Htp-Hr-Axtj, JEOL 7 (1940), 535-541, pl. IX.

Bronnen[bewerken]

  • Actes du XXe Congrès international des orientalistes: Bruxelles, 5-10 Septembre 1938 (1940), 95-97.
  • Federn, W., Review van The Mastaba of Hetep-Her-Akhti in Bibliotheca Orientalis 3 (1946), 57-9.
  • Gedenkboek 1940-1945 van de Katholieke academische gemeenschap (1947), 91-92.
  • Giltay Veth, D. and Leeuw, A.J. van der, Rapport door het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie uitgebracht aan de minister van Justitie inzake de activiteiten van drs. F. Weinreb gedurende de jaren 1940-1945, in het licht van nadere gegevens bezien (1976), 1310-1315.
  • Beek, N. van de, Herta Mohr and the Mastaba of Hetepherakhty, in: Imaging and Imagining the Memphite Necropolis: Liber Amicorum René van Walsem (2017), 233-238.

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]