Jan Jansz. Potter (landmeter)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Handtekening van Jan Jansz. Potter
Kaart van de oude en nieuwe uitslag van Putten (Jan Jansz Potter, 1580)

Jan Jansz. Potter (153? - Delft, 1590 of later) was landmeter en notaris in vaste dienst van het Hoogheemraadschap van Delfland, maar ook werkzaam voor het Hoogheemraadschap van Rijnland, Hoogheemraadschap van Schieland, het Land van Putten en de heerlijkheid Beijerland in de periode van 1560 tot 1590.

Jan Potter werd in Delft geboren en studeerde aan de Universiteit van Leuven. Hij trouwde met Aefken Anthonisdr. van Dijck uit Schipluiden. Hij woonde, net als zijn ouders, op de Markt van Delft, wat aanduidt dat hij van goede komaf was. Hij was poorter van Delft. In 1560 vervaardigde hij een wapenboek.[1] In dit wapenboek staat ook het wapen van het geslacht Potter: drie zwarte potten in goud.

De oudste kaart van Jan Potter is van 28 april 1561 van het adellijke 'Huis ten Dorp' met landerijen tussen Schipluiden en Maasland. In 1562 werd hij beëdigd als landmeter van Delfland, in 1567 als notaris. Er zijn 65 kaarten (veelal op perkament) en 6 kaartboeken bewaard gebleven. Hij kreeg opdrachten van Filips II, Willem van Oranje, de Staten van Holland en anderen. Circa 1570 kreeg hij van de Duitse Orde in Utrecht de opdracht om het bezit van de orde in Maasland op te meten.

Wanneer Potter stierf is niet precies bekend, maar omdat in 1590 een nieuwe landmeter van Delfland, en in 1591 een nieuwe notaris in Delft werden aangesteld wordt aangenomen dat dit was omdat Potter was overleden.

Externe links[bewerken]