Jules Van Nuffel
| Jules Van Nuffel | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Jules Jozef Paul Maria Van Nuffel | |||
| Geboortedatum | 21 maart 1883 | |||
| Geboorteplaats | Hemiksem[1] | |||
| Overlijdensdatum | 25 juni 1953 | |||
| Overlijdensplaats | Wilrijk[1] | |||
| Land | ||||
| Opleiding en werk | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Grootseminarie (Mechelen) (30 september 1903) | |||
| Beroep(en) | Componist, dirigent, muziekpedagoog | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Werken in collectie | Koninklijke Bibliotheek van België | |||
| Links | ||||
| (en) Discogs-profiel (en) MusicBrainz-profiel | ||||
| ||||

Jules Jozef Paul Maria Van Nuffel (Hemiksem, 21 maart 1883 - Wilrijk, 25 juni 1953) was een Belgische componist en koorleider.
Jules Van Nuffel groeide op in Hemiksem waar zijn vader Eugeen arts en burgemeester was. Zoals zijn drie broers kreeg hij zijn eerste lessen notenleer en piano van zijn moeder Maria Vermylen. Bij Jules werd al snel een bijzonder muzikaal talent ontdekt. Van 1892 tot 1903 liep hij school aan het Kleinseminarie te Mechelen. Hij kreeg in die periode privélessen van Cyriel Verelst, maar moet bij gebrek aan een systematische muzikale opleiding worden beschouwd als een autodidact.
De temperamentvolle jongeman vatte in 1903 de priesterstudies aan in het Grootseminarie van Mechelen. Zijn muzikale vorming werd verdergezet met pedagogen als Aloys Desmet en Oscar Depuydt. Hij werd dirigent van het studentenkoor. In 1907 werd hij door kardinaal Mercier tot priester gewijd, waarna hij werd aangesteld tot leraar in het Kleinsemlnarie. Hij kreeg ook toestemming om lessen te volgen in het Lemmensinstituut.
Van Nuffel ontwikkelde voornamelijk door zelfstudie zijn algemene muziekkennis en kreeg grote belangstelling voor de kerkmuziek. Onder de sterke invloed van de pauselijke encycliek Tra le sollecitudini maakte hij het tot zijn levensdoel de deugdelijk uitgevoerde gewijde muziek te bevorderen. Het was duidelijk dat Van Nuffel's talent ten dienste zou worden gesteld van de Kerk en dat hem een muzikale loopbaan zou worden verzekerd. De eerste composities dateren van deze tijd.
Op 26 juli 1916 voerde een studentenkoor in de Sint-Romboutskathedraal onder leiding van Van Nuffel de door hem recent getoondichte psalm Super Flumina Babylonis uit. De tekst en de muzikale inkleding vertolkten zeer treffend de gedrukte en opstandige stemming van de bevolking tijdens de Duitse bezetting. De bijval was enorm en legde de basis voor de oprichting van het Sint-Romboutskoor dat onder Van Nuffel's leiding werd geplaatst.
In 1918 werd Van Nuffel aangesteld tot directeur van het Lemmensinstituut. Onder zijn leiding bloeide deze school op tot een muziekhogeschool met internationale faam. De beste leerlingen zoals Flor Peeters, Staf Nees en Henri Durieux vervoegden het lerarenkorps.
Het Sint-Romboutskoor en zijn dirigent ontwikkelden grote naam en faam. Met dit machtig koor als instrument kon Van Nuffel zijn ideeën uitdragen betreffende de uitvoering van de kerkmuziek, en met name de polyfonie en het Gregoriaans. De grootste composities zoals de psalmen en een Te Deum kwamen tot stand met de mogelijkheden van een groot kathedraalkoor in het achterhoofd.
Ook op wetenschappelijk vlak was Van Nuffel actief. Hij werd hoofdredacteur van het tijdschrift Musica Sacra, werkte mee aan een project om de werken van Philippus de Monte op te sporen en te publiceren, en schreef artikelen waarin hij zijn opvattingen verdedigde over muziekonderwijs en liturgische zang. De inmiddels tot kanunnik benoemde Van Nuffel werd in 1933 ook aangesteld als lector in de muziekgeschiedenis aan de Katholieke Universiteit Leuven, en die populaire lessenreeksen legden de basis van de oprichting van een afdeling musicologie aan de universiteit.
De compositorische arbeid van Van Nuffel nam geleidelijk af. De bevrijding aan het einde van de tweede wereldoorlog inspireerde hem nog tot een Te Deum waarvan hij hoopte dat het bij de terugkeer van de koning zou worden uitgevoerd. De politieke situatie verhinderde echter die terugkeer, en het Te Deum kreeg zijn feestelijke uitvoering ter gelegenheid van de hulde die in 1946 aan Van Nuffel werd gebracht bij de 30e verjaardag van het Sint-Romboutskoor. Jules Van Nuffel ontving daarbij de kerkelijke eretitel van Geheim Kamerheer van de Paus, en mocht voortaan aangesproken worden met Monseigneur.
Na een beroerte werd Van Nuffel in augustus 1952 opgenomen in de Sint-Augustinuskliniek in Wilrijk, waar hij op 25 juni 1953 is overleden.
Bibliografie en werken
[bewerken | brontekst bewerken]Hij schreef ongeveer 170 composities vooral in het religieuze repertoire.
- Nova organi Harmonia ad graduale juxta editionem vaticanam a rectore una cum professoribus Mechliniensis Interdioecesani Instituti musicae sacrae composita ac aptata.
- Missa super Cara la vita mia quam quinque vocibus conscriptam ad fidem codicis manu scripti 15951 Bibliothecae publicae Vindobonensis
- Liber quartus Motettorum quinque vocum quem ad fidem codicis typis mandatum
- Missa sex vocum quam ad fidem codicis manu scripti 148 Bibliothecae municipalis Noribergensis contulit Carolus Van den Borren
- Oudvlaamsche Kerstliederen
- Missa : La dolce vista
- Missa "Anchor che col partire", quam quatuor vocibus conscriptam ad fidem codicis manu scripti 27.089 Bibliothecae Regiae Academiae Musicae Bruxellensis
- Missa "Reviens vers moi", quam quatuor vocibus conscriptam ad fidem codicis manu scripti 27.089 Bibliothecae Regiae Academiae Musicae Bruxellensi
- Missa Paschalis ad duas voces aequales comitante organo
- Missa in honorem S.S. Trinitatis : ad quattuor voces viriles, organo comitante : Op. 22
- Missa in honorem Sacratissimi Cordis Jesu
- Missa in honorem Sancti Josephi
- Missa sine nomine, quam sex vocibus conscriptam ad fidem codicis manu scripti Berolinensis
- Laetatus sum : Psalm 121 : für vierstimmigen gemischten Chor und Orgel
- De gelijkzwevende en de ongelijkzwevende temperatuur
- Duo cantus Mariani, ad quattuor voces inaequales, comitante organo . 1 :Sicut cedrus . 2 : Immaculata conceptio est hodie
- Cantica sacra: Opus 13 ad IV voces aequales cum organo
- Cantus in honorem Beatae Mariae Virginis : Electa mea
- Christus vincit : ad quatuor voces aequales, comitante organo : Op. 20
- Drie geestelijke Meiliederen : voor solo, koor, (tweestemmig ad lib.) en orgel
- Les éléments participant à l'exécution du chant liturgique et leur classification
- Geestelijke liederen uit den schat van de kerk der eeuwen / uitgegeven in vijf deelen ten dienste van gezin, school en vereeniging
- Jozef Robijns, Miep Zijlstra: Algemene muziek encyclopedie, Haarlem: De Haan, 1979-1984, ISBN 978-90-228-4930-9, deel 7, pagina 225
- Flavie Roquet: Lexicon Vlaamse componisten geboren na 1800, Roeselare, Roularta Books 2007, 946 p., ISBN 978-90-8679-090-6, pagina 819
- Website over het leven en werk van Jules Van Nuffel
- Biografie op SVM
- 1 2 ODIS; geraadpleegd op: 13 augustus 2022; ODIS-identificatiecode: PS_4319.