Klauw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie artikel Voor de historische bestuurlijke vorm, zie Kluft.
In- en uitgetrokken klauwen van de kat

Een klauw is een kromme nagel aan het uiteinde van de poten van een roofdier. Ze bestaan uit hoorn, dezelfde stof waaruit het schild van een schildpad bestaat. De klauwen van de katachtigen zijn intrekbaar, bij andere dieren niet. In de vlezige schede is de nagel beschermd, als de spier zich opspant komt de nagel uit de schede. De klauwen worden meestal gebruikt om te jagen, voedsel te verscheuren, te vechten en om te klimmen.

Naam[bewerken]

In anatomisch Latijn wordt voor klauw ook falcula gebruikt.[1] Dit begrip betekent oorspronkelijk sikkeltje,[2] en is vervolgens ook (overdrachtelijk) klauw gaan betekenen.[2] Het woord is een verkleiningvorm[2] van falx, sikkel.[2]