Naar inhoud springen

Le Chat Noir

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Le Chat Noir
Le Chat Noir op de Boulevard de Clichy 68 (1929)
Le Chat Noir op de Boulevard de Clichy 68 (1929)
Openingsdatum 18 november 1881Bewerken op Wikidata
Coördinaten 48° 53 NB, 2° 20 OL
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Le Chat Noir ('De Zwarte Kat') was een theater- en cabaret-café gelegen in de kunstenaarswijk Montmartre in Parijs, dat werd gebruikt als ontmoetingsplaats van het bijbehorende gezelschap ten tijden van de belle époque.

Le Chat Noir werd in 1881 opgericht door Rodolphe Salis[1], een zoon van een limonadefabrikant en leider van een klein theatergezelschap.

Het theatergezelschap was eerst gevestigd in 1881 aan de Boulevard de Rochechouart 84 en had zijn naam te danken aan een kat die Salis tijdens de inrichting van het café op straat had gevonden. In 1885 verhuisde Le Chat Noir naar een de Rue Victor-Massé 12, een ruimer pand met drie etages dat gedecoreerd werd door Henri Rivière en Caran d'Ache. Met het wegvallen en daaropvolgend overlijden van Salis in 1897, viel ook de gemeenschap weg, en werd het cabaret gesloten. In 1907 deed Jehan Chargot een nieuwe poging om Le Chat Noir weer leven in te blazen en opende een gelijknamig café op de Boulevard de Clichy 68, welke populair bleef tot de jaren 1920s. Alle locaties bevonden zich in de kunstenaarswijk Montmartre.

Le Chat Noir (ca. 1920)
Théophile-Alexandre Steinlen – Affiche Tournée du Chat Noir (1896),[2] 135,9 × 95,9 cm

De faam van Le Chat Noir groeide nadat Émile Goudeau de literaire vereniging 'Hydropathes' had weten te overtuigen van het café hun verzamelplaats te maken. Le Chat Noir werd een populaire ontmoetingsplaats van een bolwerk van lokale kunstenaars, artiesten en cabaretiers. Tot het gezelschap hoorden onder meer Émile Zola, Georges Rodenbach en Léon Bloy. Er waren optredens van chansonniers Aristide Bruant, Maurice Mac-Nab, Jules Jouy en Jean Goudezki. De schrijvers en dichters Georges Lorin, Charles Cros, Albert Samain, Maurice Rollinat en Jean Richepin hielden voordrachten en muzikant Erik Satie speelde er piano.

Rodolphe Salis trad zelf vaak op als ceremoniemeester (conférencier). Hij had een goed gevoel voor mode en zorgde dat er altijd een nieuw aanbod aan optredens en artiesten was. Hij introduceerde ook het succesvolle Theatre d’ombres ('schimmenspel'). Het schimmenspel was een idee van de uitgever van het blad 'Le Chat Noir', kunstschilder Henri Rivière. Hij maakte de voorstelling door een doek over de opening van zijn poppenkast te plaatsen, waarin een grote lichtbak zat verwerkt, waarvoor hij met uitgesneden silhouetten het schimmenspel uitvoerde. De silhouetten werden vervaardigd uit karton en later uit zinkplaat. De personages in het schouwspel waren bijvoorbeeld bekende politieagenten uit de buurt.

Veertien jaar lang (1882–1895) verscheen een gelijknamig weekblad, waarin artikelen werden geschreven door Guy de Maupassant en Émile Zola. Henri de Toulouse-Lautrec en Théophile-Alexandre Steinlen maakte illustraties voor het tijdschrift.[3]

Het bekendste beeld uit de hoogtijdagen van de Le Chat Noir is het affiche van Théophile-Alexandre Steinlen, getiteld Tournée du Chat Noir uit 1896.[2]

Het idee van Le Chat Noir was zo succesvol dat spoedig in andere Europese steden gelijknamige en gelijksoortige gelegenheden werden geopend. Zo openden de Catalaanse kunstenaars Santiago Rusiñol, Ramon Casas i Carbó en Miquel Utrillo i Morlius in Barcelona het theatercafé Els Quatre Gats. In Parijs zelf was het bekendste cabaret dat naar voorbeeld van Le Chat Noir werd ingericht L'Abbaye de Thélème van Jules Roques op de Place Pigalle.

In Brugge werd in 1894 de kunstzinnige vereniging Chat Noir opgericht. De Nederlandse cabaretsite Zwartekat.nl is vernoemd naar Le Chat Noir.[4]

De Frans-Colombiaanse kunstenaar Chanoir koos zijn artiestennaam naar aanleiding van Steinlens affiche.

Zie de categorie Le Chat Noir van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.