Maria Anna van Oostenrijk (1718-1744)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Schilderij door Martin van Meytens.
Gravure door Martin Engelbrecht.

Maria Anna Eleonore Wilhelmine Josepha van Oostenrijk (Wenen, 14 september 1718Brussel, 16 december 1744) was aartshertogin van Oostenrijk, prinses van Lotharingen en landvoogdes van de Oostenrijkse Nederlanden. Ze was een dochter van keizer Karel VI en de echtgenote van Karel van Lorreinen.

Levensloop[bewerken]

Maria Anna was het derde kind van keizer Karel VI en Elisabeth Christine van Brunswijk-Wolfenbüttel. Haar oudere zus, Maria Theresia, volgde in 1740 haar vader op en nam tegen de traditie in de regeringszaken in handen. Dit maakte de weg vrij voor het huwelijk tussen Maria Anna en Karel van Lorreinen, dat geruime tijd door Karel VI was geblokkeerd. Op 7 januari 1744 vond de plechtigheid plaats in de Weense Augustijnenkerk en de volgende dag ondertekende Maria Theresia een patentbrief die Maria Anna toevoegde aan haar echtgenoot als landvoogdes van de Oostenrijkse Nederlanden. De Successieoorlog was toen in volle gang.

Het koppel reisde af op 3 februari en kwam op 24 maart aan in Wuustwezel, waar het werd opgewacht door gevolmachtigd minister Karl Ferdinand von Königsegg en een detachement huzaren. Via Antwerpen en Mechelen ging het naar Brussel, waar ze op 26 maart hun Blijde Inkomst maakten. Er was een Te Deum en uitgebreide feestelijkheden (recepties, banketten, bals...). Nochtans was Frankrijk op 15 maart binnengevallen. De maarschalken Maurtis van Saksen en Adrien Maurice de Noailles namen Menen, Ieper en Veurne in.

Karel van Lorreinen stelde zich op 5 mei 1744 aan het hoofd van zijn troepen, terwijl Maria Anna – twee maanden zwanger – alleen de regering waarnam, overeenkomstig de aanstelling van 8 januari 1744. Ze werd bijgestaan door graaf Wenzel van Kaunitz-Rietberg. In oktober 1744 beviel Maria Anna te Brussel van een doodgeboren dochter. Daarmee werd de vrees bewaarheid die Maria Theresia in brieven aan haar corpulente zus had uitgedrukt. Ze bezweek korte tijd later, 16 december 1744, op 26-jarige leeftijd. Haar lichaam werd overgebracht naar Wenen en ligt begraven in de Kapuzinergruft (het hart in de Loretokapel van de Augustinerkirche).

Karel van Lorreinen zou niet hertrouwen. Zijn jongere zus Anne Charlotte, een abdis, kwam naar Brussel en vervulde officieus de rol van first lady.

Literatuur[bewerken]

Externe link[bewerken]