Meindert Hobbema

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Meindert Hobbema
Het laantje van Middelharnis, 1689
Het laantje van Middelharnis, 1689
Persoonsgegevens
Volledige naam Meindert Lubbertsz. Hobbema
Geboren Amsterdam, 31 october 1638
Overleden Amsterdam, 7 december 1709
Geboorteland Nederland
Beroep(en) schilder
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Meindert Lubbertszoon Hobbema (gedoopt Amsterdam, 31 oktober 1638 - Amsterdam, 7 december 1709) was een Nederlandse kunstschilder van landschappen.

Biografie[bewerken]

Hobbema werd op 31 october 1639 gedoopt als zoon van Lubbert Meyndertsz; hij nam al vroeg de naam 'Hobbema' aan, die zijn vader, voor zover bekend, nooit heeft gebruikt. Vanaf zijn vijftiende verbleef hij, samen met zijn zus, in een weeshuis omdat beide ouders overleden .[1] Hobbema kwam op c. 17-jarige in de leer bij Jacob van Ruisdael om boodschappen te doen, verf te maken en het atelier op orde te houden. Er is een officiële vermelding van Ruisdael uit 1660 bekend, dat Hobbema toen al enkele jaren bij hem in de leer was; de invloed van Ruisdael is ook sterk aanwezig in zijn vroege werken.[2] In 1668 trouwde hij met Eeltje Vinck, de huishoudster van de Amsterdamse burgemeester Lambert Reynst, Ruisdael was hierbij getuige. Het echtpaar kreeg vijf kinderen, twee stierven op zeer jonge leeftijd. Zijn vrouw bezorgde hem een goed baantje als wijnroeier; veertig jaar lang peilde hij wijnvaten en was zo een ambtenaar van de stad die de buiten-Amsterdamse maat-eenheden moest omrekenen naar de Amsterdamse maten.[3] Voorheen werd gedacht dat hij naast deze baan vanaf 1668 geen schilderijen meer maakte, maar de laatste tijd zijn een aantal latere schilderijen met zekerheid aan hem toegeschreven; weliswaar betekende 1668 wel een kentering in zijn loopbaan als landschapsschilder, omdat hij veel minder produceerde.[2]

In 1661 reisde hij samen met Jacob van Ruisdael; via de Veluwe, Deventer en Ootmarsum trokken zij naar streken aan de grens van Duitsland; er zijn van deze reis geen tekeningen, schetsen of schilderijen van hem overgebleven.

Hobbema woonde op de Rozengracht, tegenover Rembrandt. De laatste jaren van zijn leven waren zwaar; zijn vrouw en twee kinderen stierven in 1704. Hobbema zelf werd op 14 december 1709 begraven naast de Westerkerk.

Werk en stijl[bewerken]

Hobbema behoort tot de kunstenaars die niet beïnvloed zijn door Rembrandt. Ook ten opzichte van Ruisdael behield hij een grote onafhankelijkheid. Onder de vele schilders uit diens kring staat Hobbema bovenaan als de meest zelfstandige figuur. Hoewel zijn kunst zonder die van Ruisdael niet valt te verklaren en voor een deel daarvan afhankelijk is, bestaan er grote verschillen in schilderwijze van de twee. Hobbema's schilderstijl is noch klassiek noch magistraal; ook het dichterlijke en het weidse van het landschap is hem vreemd. Hij is niet een schilder van vergezichten en heeft geen behoefte aan het duidelijk weergeven van de verschillen in bomen. Zo is het vaak moeilijk uit te maken, welk soort boom Hobbema schildert, terwijl dit bij Ruisdael nooit een vraag is. Steeds komt bij Hobbema het schilderachtige op de eerste plaats. Zoowel in techniek als in compositie is hij vaak minder berekenend dan spontaan. Hij blijft dichter bij de werkelijkheid als geheel door a.h.w. een bepaalde plek te 'portretteren', waar Ruisdael grootse, min of meer abstracte composities, opzet waaraan hij de werkelijkheid ondergeschikt maakt. Zijn verftoets is krachtiger dan die van Ruisdael, en hij houdt van een malse, stevige manier van kleur opzetten, waarmee hij frisse effecten bereikt.
Ook de lichtcontrasten zijn bij Hobbema sterk en het koloriet is afwisselend en vol tegenstellingen, levendig, warm en opgewekt van sfeer. Waar Ruisdael vaak van dof-grauw naar grijs gaat, is Hobbema veelal gelig in de lichten en bruinachtig in de schaduwpartijen. Hij schildert het zonlicht graag, en zelfs een grijze dag van zijn hand heeft helderheid en duidelijkheid. Deze bijzondere kant van Hobbema komt het sterkst tot uiting in zijn wat latere schilderij (1689), Het laantje van Middelharnis[4]

Onderwerpen[bewerken]

De motieven in Hobbema's werk zijn vrij beperkt. Nooit schilderde hij strand of zee, geen watervallen of korenvelden, en er is slechts één stadsgezicht van hem bekend. Het meest bekend zijn z'n Geldersche watermolens, waaraan hij zijn roem dankt; ook schilderde hij bosrijke streken (graag de zoom van het bos), landwegen met stevige bomen, en enkele malen de ruïne van Brederode en die van het huis Kostverloren aan den Amstel. Een aantal van zijn werken zijn met figuren gestoffeerd door Adriaen van de Velde en/of Johannes Lingelbach; dit waren vaak de kapitale stukken, bedoeld voor de deftige binnenkamers van de toenmalige Amsterdamse elite; in die werken is de opgewekte schilder te zien, met zijn werelden vol zomerse kleuren: bloeiend en verfrissend.[4]

Hobbema bracht het grootste deel van zijn leven in Amsterdam door. Zijn motieven zocht hij deels in Gelderland. Bij onderlinge vergelijking van zijn watermolen-doeken wordt duidelijk dat hij weinig op reis is geweest buiten die stad; de watermolens waarvan het Rijksmuseum twee verschillende afbeeldingen bezit, heeft hij van diverse kanten gemaakt en dezelfde omgeving van de molens heeft hij in meerdere varianten geschilderd. Wij weten met zekerheid, dat hij in Middelharnis is geweest. Het beroemde Laantje van Middelharnis berust geheel en al op ter plaatse gemaakte observaties; wellicht is dit werk in 1689 op bestelling gemaakt.[4]

Licht[bewerken]

Als veel Hollandse schilders is Hobbema sterk gefocust op het licht, maar bij weinig landschapschilders is dit zo uitgesproken als bij hem. Hij heeft in zijn beboste gronden vaak zwavelachtige fonkelende gele wegen waar de zon op valt, en van dit brandpunt uit stroomt het licht tussen de bomen door. Het licht wordt vervolgens weerkaatst door de stammen en de gevels van de hutten, en glijdt dan verder over de velden, naar de achterste diepte van het tafereel. Zijn licht is meestal geen schemerlicht, geen namiddagzon, geen morgenkrieken, maar het volle licht van de middagzon, samengebundeld op de plaats waar de gloed het sterkst uitkomt. Bovendien heeft hij ook op afstand van het brandpunt de fijne toetsen van het spelende licht in veel gradaties weergegeven. Het is vaak warm licht, maar ook het afnemende licht is met een aantal fijne gradaties in kleurtint geschilderd; de luchten daarentegen zijn vaak luchtig en dun neergezet.[5]

Waardering en invloed[bewerken]

De waardering voor Hobbema's kunst is pas laat ontstaan. Van duidelijke invloed op zijn tijdgenoten was geen sprake. Het landschapsschilderen ging een heel anderen kant uit; in het navolgen van zijn opvattingen zat geen toekomst. Hobbema's werk heeft in selectieve kringen waardering gevonden, maar als een groot meester gold hij in zijn tijd stellig niet. Ook later bleef hij nog vrij onbekend. De Engelse schilder Sir Joshua Reynolds vermeldde in zijn 'Tour in Holland' van 1781 Hobbema nog niet, hoewel hij zijn werk beslist gezien moet hebben. Pas tegen het begin van de negentiende eeuw begon er waardering voor zijn kunst te komen, met name in Engeland, waardoor in die jaren dan ook veel van zijn beste doeken de zee overgingen.[4]

De behangschilder Egbert van Drielst en de Engelse landschapschilder Thomas Gainsborough zijn door Hobbema beïnvloed. Zijn bekendste werk Het laantje van Middelharnis werd in 1822 verkocht door de gemeente Middelharnis en maakt tegenwoordig deel uit van de verzameling van de National Gallery in Londen. In 2014 werd een schilderij van Hobbema, getiteld Boslandschap met een vrolijk gezelschap in een wagen (1665) aan het Rijksmuseum geschonken; dit werk is daar nu opgenomen in de Eregalerij.[6]

Galerij van werken[bewerken]

Externe links[bewerken]

Trivia[bewerken]

  • Een plaats in Alberta (Canada) droeg de naam Hobbema van 1891 tot en met 2013. De plaats was genoemd naar de schilder. Op 1 januari 2014 werd de naam veranderd in Maskwacis, hetgeen betekent Berenheuvel in de taal van de Cree-indianen die in dat gebied wonen.[7][8]