Microgolf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een microgolf is elektromagnetische straling; het zijn radiogolven in het hogere frequentiegebied. De golflengte is langer dan die van infrarood licht.

Microgolven hebben golflengte van 1 m (bij een frequentie van 300 MHz) tot 1 mm (bij een frequentie van 300 GHz), d.i. UHF, SHF en EHF. De grenzen tussen diep infrarood licht en microgolven zijn echter niet duidelijk gedefinieerd.

Het bestaan van elektromagnetische golven, waarvan microgolven een deel uitmaken, werd door James Maxwell in 1864 voorspeld door toepassing van de Wetten van Maxwell. In 1888 was Heinrich Hertz de eerste die het bestaan van elektromagnetische golven demonstreerde door het bouwen van een apparaat dat radiogolven produceerde.

Toepassingen[bewerken]

Microgolven worden gebruikt voor communicatie, ook door satellieten omdat ze gemakkelijk door de atmosfeer van de aarde bewegen:

In een hogere energieconcentratie worden microgolven gebruikt in de magnetron. De microgolf bij 2,45 GHz zorgt ervoor dat watermoleculen gaan bewegen, waarbij warmte ontstaat. Deze warmte zorgt voor het garen van het voedsel.

Maser is bijna hetzelfde als een laser, maar in plaats van zichtbaar licht worden microgolven gebruikt.

In het onderzoek naar kernfusie worden microgolven gebruikt voor het verhitten van het plasma en het drijven van stroom in het plasma. Ook het stabiliseren van plasma door middel van microgolven wordt van essentieel belang geacht voor de toekomstige kernfusie reactor (zie ook bij gyrotron).

Microgolven kunnen ook gebruikt worden voor het transporteren van energie.