Natalia Ginzburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Natalia Ginzburg
Natalia Ginzburg in 1983
Algemene informatie
Volledige naam Natalia Levi
Pseudoniem(en) Alessandra Tornimparte
Geboren 14 juli 1916
Geboorteplaats Palermo
Overleden 7 oktober 1991
Overlijdensplaats Rome
Land Italië
Werk
Invloeden Marcel Proust
Bekende werken I bambini, Tutti i nostri ieri, Le piccole virtù, Lessico famigliare, Famiglia
Uitgeverij Solaria, Mio Marito, Einaudi
Onderscheidingen Premio Strega
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Literatuur
Natalia Ginzburg met de Italiaanse president Alessandro Pertini, rond 1980

Natalia Ginzburg, geboren Natalia Levi (Palermo, 14 juli 1916Rome, 7 oktober 1991), was een vooraanstaand Italiaans schrijfster.

Leven en werk[bewerken | brontekst bewerken]

Ginzburg werd geboren als dochter van een beroemde joodse arts en professor, Giuseppe Levi. Haar drie broers belandden wegens antifascistische agitatie in de gevangenis en gedurende het bewind van Mussolini leefde de familie als uitgestotenen in Turijn. In 1938 huwde ze Leone Ginzburg, een docent Russische literatuur, later ook zelf een bekend schrijver en journalist.

Ginzburg zocht al vroeg haar toevlucht in het schrijven en reeds in 1933 publiceerde ze haar eerste novelle I bambini in het tijdschrift Solaria. In haar vroege werken toont ze zich vooral een onrustig schrijfster. Met een quasi-gevoelloze, soms zelfs ontmoedigende stijl en in een tragische vormgeving behandelt ze actuele problemen, die zich steeds bewegen rondom de thema’s angst en pijn. Haar benadering is duidelijk pessimistisch.

In latere werken, zoals Tutti i nostri ieri (1952, Al onze gisterens), de essaybundel Le piccole virtù (1962, keuze in Mensen om mee te praten) en de roman Lessico famigliare (1963, Herinneringen - familielexicon) richt ze zich sterk op het geheugen als instrument: op retrospectieve tracht ze een volledige generatie uit te beelden, een beetje in de geest van Marcel Proust (wiens À la recherche du temps perdu ze in het Italiaans vertaalde). Voor Lessico famigliare ontving ze de Premio Strega, de belangrijkste Italiaanse literatuurprijs.

In de laatste fase van haar schrijverschap geeft Ginzburg steeds meer aandacht aan autobiografische elementen en exploreert ze verder met het motief van de “familiale mikrokosmos”. Bekende voorbeelden zijn de roman Caro Michele (1973, Lieve Michele) en de novelle Famiglia (1977, Familie). Ginzburg schreef ook enkele veelgeprezen toneelwerken. Daarnaast was ze ook te zien in de film Het evangelie volgens Matteüs in 1964 van Pier Paolo Pasolini als Maria van Bethanië.

In 1983 en 1987 werd Ginzburg voor de Italiaanse Communistische Partij in het parlement gekozen. Ze stierf in 1991 te Rome en werd begraven op de Begraafplaats van Verano.

Bibliografie[bewerken | brontekst bewerken]

  • La strada che va in città (1942), De weg naar de stad
  • È stato così, (1947), Zo is het gebeurd
  • Tutti i nostri ieri (1952), Al onze gisterens
  • Valentino, (1957), Valentino
  • Sagittario (1957)
  • Le voci della sera, (1961), De stemmen van de avond
  • Le piccole virtù, essays (1962) , Mensen om mee te praten (keuze)
  • Lessico famigliare, autobiografisch (1963), Herinneringen - familielexicon
  • L'inserzione, toneel (1968), De pruik
  • Dialogo, toneel (1970), Gesprek
  • Mai devi domandarmi, essays (1970), Mensen om mee te praten (keuze)
  • Caro Michele (1973), Vlucht / Caro Michele
  • Vita immaginaria, (1974), Italiaanse levens
  • La famiglia Manzoni, (1983), Familie (Bagutta Prijs)
  • La città e la casa (1984), De stad en het huis

In Nederland verscheen ook haar essay "Anton Tsjechov; een biografische schets"

Literatuur en bronnen[bewerken | brontekst bewerken]

  • A. Bachrach e.a.: Encyclopedie van de wereldliteratuur. Bussum, 1980-1984. ISBN 90-228-4330-0
  • Maja Pflug: Natalia Ginzburg: Eine Biographie. Wagenbach, Berlin 1995, ISBN 3-8031-3582-6.

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]