Naturalisme (schilderkunst)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Henri Biva: Vijver met lelies, ca. 1918

Het naturalisme is in de schilderkunst een term die aanduidt hoe sterk iets werkelijk 'naar de natuur' is weergegeven. In de volksmond ook vaak 'realistisch' genoemd. De term is in principe tijdloos en werd al door de Grieken gebezigd middels de term mimesis. Naturalisme wordt over het algemeen gezien als de tegenhanger van idealisering, het mooier, idealer, beter maken van een voorstelling dan dat het er daadwerkelijk uit ziet. Hoewel de Grieken de term mimesis gebruikten, waren zij bij uitstek de kunstenaars die een sterk geïdealiseerde voorstelling maakten van figuren. Denk bijvoorbeeld aan de Speerdrager van Polikleitos: een overtuigende mens, met naturalistische elementen (het lijkt echt), maar wel een sterk geïdealiseerde, goed gevormde versie van een mens.

Een hogere mate van naturalisme in de schilderkunst zien we pas vanaf de vroege renaissance met o.a. de Vlaamse Primitieven (waar het zich uit in stofuitdrukking) en later expliciet bij de Italiaanse kunstenaar Caravaggio die erg naturalistische details toevoegt aan zijn heiligen door ze bijvoorbeeld rimpels, haakneuzen, en vuile nagelriemen te geven. Uiteindelijk ging het naturalisme zich sterker manifesteren in de 19e eeuw.

Naturalisme is in de kunstgeschiedenis iets anders dan realisme, dat vooral een aanduiding is van een specifieke kortstondige 19e eeuwse stroming onder leiding van Gustave Courbet.

Literatuur[bewerken]