Op-art

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beeld van Victor Vasarely in Pécs
Het Juridicum in Bonn van Vasarely
François Morellet: Sphere trames
Francisco Sobrino: Structure Permutacional
Carlos Cruz-Díez: Fisiocromía Boricua

Op-art is een richting in de schilderkunst van de 20e eeuw die bekend werd in de jaren 1963-1966. De term is een afkorting van het Engelse begrip optical art. Op-art speelt een spel met verschillende optische illusies.

De werkwijze binnen deze kunststroming ontstond uit de geometrische abstracte kunst en wordt soms gerelateerd aan de kinetische kunst uit dezelfde tijd, die echter veeleer een stroming in de beeldhouwkunst is. Op-art is een zeer toegankelijke kunstvorm; ook minder ervaren kunstkijkers worden er direct door aangesproken. De kunstenaars die gerekend worden tot de op-art maakten schilderijen met sterke licht-donker contrasten, vibrerende kleuren, moiré-patronen en composities die tijdens het kijken lijken te gaan bewegen.

Geschiedenis[bewerken]

Het was de Pools-Franse schilder Henryk Berlewi, met El Lissitzky en Kasimir Malewitsj deel uitmakend van de suprematistische Proun-groep (abstracte kunst), die tussen 1922 en 1924 in Berlijn de theorie uitwerkte van zijn Mechano-Faktura. Daarmee was hij de wegbereider voor een aantal Franse abstracte kunstenaars, die kort voor de Tweede Wereldoorlog experimenteerden met optische fenomenen, die ze gebruikten om niet-verhalende, niet-perspectivische composities samen te stellen. Met geometrische vlakken, transparante kleurlagen en overlappingen creëerden zij indrukken van vibratie, pulserend licht, en andere spontane optische sensaties.

Na de bevrijding van Parijs, in 1944, groepeerden zich in de pas opgerichte galerie van Denise René een aantal kunstenaars rond de van oorsprong Hongaarse schilder Victor Vasarely. Zijn werk is van alle op-art kunstenaars het meest bekend geworden.

De term op-art werd echter pas voor het eerst in druk genoemd in oktober 1964 in Time Magazine en werd pas volledig gedefinieerd door R.H. Carraher en J. Thurston in hun studie Optical Illusions and the Visual Arts, uit 1966. Men beriep zich daarbij op het theoretische werk Interaction of colors, uit 1963, van Josef Albers, professor aan de universiteit van Yale.

Vanaf ongeveer 1963 nam de op-art een grote vlucht. Vele van deze kunstenaars namen in 1965 deel aan de tentoonstelling The Responsive Eye in het Museum of Modern Art in New York City. Na deze tentoonstelling vond de op-art een grote echo, zelfs in de modewereld waar vooral zwart-witte stoffen met geometrische figuren werden toegepast, bijvoorbeeld in japonnen, blouses en mini-jurken. Elementen van de op-art vonden parallellen in de psychedelische kunst, in de kinetische kunst, in de hard-edge en in de minimal art.

Op-art kunstenaars[bewerken]

Vele bekende op-art artiesten kwamen uit de Verenigde Staten, bijvoorbeeld Frank Stella, Ellsworth Kelly, Larry Poons, Richard Anuszkievicz, Julian Stanczak, John Goodyear, Henry Pearson, Mon Levinson, Kenneth Noland en de leden van de Anonima Group: Ernst Benkert, Francis R. Hewitt en Edwin Mienczkowski.

In Engeland was Bridget Riley de bekendste protagonist van de op-art. Bekende op-art kunstenaars zijn ook de Poolse kunstenaar Henryk Berlewi en de Venezolaan Jesús Rafael Soto. In België werden Willy Plompen en Jan Van Den Abeel in 1968 bekroond voor hun werk, dat gebruik maakt van optische effecten.

In Nederland maakte de graficus M.C. Escher al lang voor het ontstaan van de stroming zwart-wit prenten die spelen met optische illusies. Hij kan gezien worden als een vroege vertegenwoordiger van de optische kunst. Zijn werk is echter nooit geheel abstract. Hij gebruikt altijd figuratieve elementen in zijn composities van paradoxe ruimtelijkheid. Hoewel hij wandschilderingen realiseerde, lijkt zijn beperking tot zwart-wit contrasten eerder te berusten op zijn voorgeschiedenis als graficus, die aanvankelijk uitsluitend houtsnedes maakte, dan op de picturale keuze van een echte kunstschilder. Zijn werk neemt daardoor een uitzonderingspositie in binnen de op-art als schilderstijl.

Systematische compositie[bewerken]

Voor 'systematische composities' zorgden Narciso Debourg, Garcia-Rossi, Francisco Sobrino, Julio Le Parc, Hugo Demarco, Youri Messsen-Jaschin.

Moirépatronen[bewerken]

Kunstenaars die moirépatronen creëerden waren François Morellet en Joël Stein.

Jean-Pierre Yvaral, Gregorio Vardanega en Martha Boto verwerkten eenvoudige geometrische elementen tot optisch effectieve composities.

Beeldhouwkunst[bewerken]

In de beeldhouwkunst werden de kunstenaars Tony Smith, Donald Judd en Robert Morris bekend met minimalistische beelden die verwantschap vertonen met op-art.

Kunstenaars[bewerken]

Met de op-art in verband gebrachte kunstenaars zijn:


Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]