Nederlands als tweede taal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands als tweede taal (NT2) is het vak Nederlands dat gegeven wordt aan anderstaligen binnen het Nederlandse taalgebied. Het is daarom niet vergelijkbaar met het vak Nederlands zoals dat in het voortgezet of secundair onderwijs aan moedertaalsprekers onderwezen wordt. Wie Nederlands leert buiten het Nederlandse taalgebied spreekt niet over NT2, maar over NVT: Nederlands als Vreemde Taal.

Het vak NT2 wordt zowel gegeven aan kinderen als aan volwassenen. Daarin staat het verwerven van de Nederlandse taal op de eerste plaats. Dat is noodzakelijk om later de andere vakken te kunnen volgen.

NT2 in België[bewerken]

In Vlaanderen wordt NT2 onderwezen in het volwassenenonderwijs. Ook in de OKAN (Onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers) neemt het natuurlijk een belangrijke plaats is. In de onthaalklas krijgen jongeren van 12 tot 18 jaar een taalbad Nederlands zodat ze daarna de lessen in het secundair onderwijs met meer kans van slagen kunnen volgen. Er zijn specifieke voorwaarden om deze onthaalklassen te mogen volgen. In Brussel wordt wordt NT2 eveneens onderwezen in het volwassenenonderwijs. Een coördinerende rol is weggelegd voor de Brusselse vestiging van Het Huis van het Nederlands, die nauw met het CVO samenwerkt. Naast de VDAB neemt ook Actiris, de Brusselse werkgelegenheidsdienst heeft een samenwerkingsakkoord met het CVO initiatieven om taalopleidingen Nederlands aan de Brusselse werkzoekenden aan te bieden. Dat gaat van vrijstelling van inschrijvingsgeld voor taallessen [1] tot het verstrekken van taalcheques [2] die de werkzoekenden toelaten om kosteloos een taalopleiding te volgen bij enkele door Actiris erkende talenscholen zoals de Cercle du Néerlandais.

NT2 in Nederland[bewerken]

Over het algemeen vindt NT2 aan kinderen in Nederland gewoon plaats op basisscholen en middelbare scholen, in zogenaamde schakelklassen. In Nederland maakt NT2 ook deel uit van de verplichte inburgering van nieuwkomers.

Op 1 januari 2007 is de nieuwe inburgeringswet in werking getreden (Wet inburgering). Volgens deze wet zijn alle nieuwkomers van 16 jaar en ouder 'inburgeringsplichtig', behalve als zij uit een Europees land komen. Zij moeten binnen 3,5 jaar na immigratie voldoen aan hun inburgeringsplicht. Dat wil zeggen, zij moeten het inburgeringsexamen doen. Dit geldt in ieder geval voor mensen met weinig vooropleiding (minder dan 3 jaar voortgezet onderwijs). Mensen die meer dan drie jaar middelbare school in eigen land hebben gevolgd kunnen een cursus volgen die hen opleidt tot het afleggen van het Staatsexamen NT2. Daarmee worden ze vrijgesteld van het inburgeringsexamen. De gemeente waar een nieuwkomer gaat wonen, helpt de nieuwkomer op weg naar een goede cursus. Cursus- en examenkosten worden vaak door de gemeentes vergoed (examenkosten vaak maar 1 keer). Er zijn echter gemeentes die dit niet doen. Cursisten kunnen dan een (gedeeltelijke) onkostenvergoeding aanvragen bij de Dienst Uitvoering Onderwijs. Per 1 januari 2013 is echter de gewijzigde Wet inburgering ingegaan met strengere eisen en meer verantwoordelijkheden voor de nieuwkomers zelf.

Er zijn in Nederland twee soorten NT2-diploma's: NT2-programma I en NT2-programma II.

  • NT2-I-diploma betekent (ten minste) NT2 niveau B1 hebben voor: schrijven, luisteren, spreken en lezen. (niveau is vergelijkbaar met MBO)
  • NT2-II-diploma betekent (ten minste) NT2 niveau B2 hebben voor: schrijven, luisteren, spreken en lezen. (niveau HBO of hoger)

Voor beide diploma's is een "voldoende" vereist voor alle onderdelen. Dat wil zeggen viermaal voldoende hebben.

De diploma's NT2-I en/of diploma NT2-II geven vrijstelling voor het inburgeringsexamen (zie Besluit naturalisatietoets, Art. 3, lid 1, punt c).

Zie ook[bewerken]