Okshoofd

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een okshoofd (ouderwets oxhoofd) is een inhoudsmaat in de vorm van een groot vat, dat vroeger voor wijn gebruikt werd. De maat wordt echter ook gebruikt voor azijn, bier, tabak en suiker.

Een okshoofd bevatte zes ankers. De naam Okshoofd wordt nog steeds voor bedrijven geassocieerd met drank, of drankenhandel, gebruikt.

De Engelse naam voor een okshoofd is hogshead. In Engeland werd de inhoudsmaat voor het eerst gestandaardiseerd in 1423, door een act of Parliament. Een hogshead wijn bevatte 2 barrels, en 63 gallon. Een hogshead bier bevatte 3 barrels, en 48 gallons. Voor cider, olie, etc. waren er nog andere verhoudingen.

In het Frans heet een okshoofd Barrique, of Pièce. Het Franse okshoofd varieerde tussen 216 en 232 liter, afhankelijk van het gebied in Frankrijk waar de wijn vandaan kwam.

Als verklaring voor het woord wordt soms genoemd dat het vat zo groot was, dat er een ossenhoofd in paste. Deze verklaring lijkt echter onwaarschijnlijk.

Trivia[bewerken]

  • Er bestaat een spreekwoord Men kan geen reine wijn uit een onrein okshoofd tappen.
  • A.C.W. Staring (1767-1840) maakte een puntdicht op Jop Gil:
Aanhalingsteken openen
De Methodist, Jop Gil, stond op een vat te preken:
Hij blaakt, dat hij een ziel Voor Wesleys hemel winn',
En stampt van drift; maar, ach, twee hoepels zijn geweken –
De bodem zakt - hij schiet het okshoofd in !
's Mans laatste woord werd middendoor gebroken;
Zijn rede niet ! Jop hield den leidraad vast,
En 't geen hij boven, tot verklaring, heeft gesproken,
Wordt straks beneên, door 't bomgat, toegepast.
Aanhalingsteken sluiten